Commissie: Voertuigen
Categorie: Schadevergoeding
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: gegrond
Referentiecode:
735087/889461
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument kocht op 3 juli 2024 een tweedehands Nissan Pixo voor € 2.764,95. Binnen twee maanden raakte de versnellingsbak defect. De ondernemer wilde de auto alleen ophalen tegen € 150 sleepkosten en eiste dat de consument de helft van de reparatie betaalde. Na veel discussie werd de auto op 11 oktober 2024 opgehaald. De ondernemer stuurde een factuur, maar gaf geen inzage in de kosten. Uiteindelijk liet hij op 2 december 2024 weten dat de reparatie kosteloos was uitgevoerd en dat de auto buiten op een parkeerplaats stond, met de sleutel verstopt in de veerpoot. De consument kon de auto lange tijd niet gebruiken en moest kosten blijven betalen. De commissie oordeelde dat het retentierecht onterecht was toegepast en kende een schadevergoeding toe van € 340,17, plus € 77,50 klachtengeld.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
Het geschil vloeit voort uit een op 3 juli 2024 tussen partijen tot stand gekomen koopovereenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van een Nissan Pixo (bouwjaar 2013) tegen de daarvoor door de consument te betalen prijs van € 2.764,95.
De overeenkomst is uitgevoerd op of omstreeks 13 juli 2024.
De consument heeft op 21 september 2024 de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Standpunt van de consument
Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.
Na aankoop van een Nissan Pixo bij de ondernemer bleek de schakelstang binnen twee maanden defect. Na meerdere telefoongesprekken en discussies haalde de ondernemer de auto eindelijk op. Ondanks mijn recht op wettelijke garantie eist hij dat ik nog steeds de helft van de reparatiekosten betaal (€ 308,02), waarbij de rekening hoger is dan men mag verwachten. Hij houdt de auto vast en gaat onprofessioneel en respectloos met mij om. Door zijn opstelling betaal ik onnodig voor verzekering, belasting en parkeervergunning terwijl ik mijn auto niet kan gebruiken. Ik verzoek om ontbinding van de koop en vergoeding van deze kosten.
Ik verzoek de commissie om het koopcontract te ontbinden. Deze zaak kent niet alleen een technisch defect aan de auto, maar ook een onwillige houding van de verkoper om een passende oplossing te bieden. Hierdoor is het vertrouwen in een verdere samenwerking afwezig en acht ik ontbinding noodzakelijk.
Bij de aankoop had de auto een kilometerstand van onder de 100.000, en hoewel deze geen extra opties heeft, verwachtte ik een deugdelijk voertuig zonder ernstige mankementen. Binnen twee maanden na aanschaf trad er echter een defect op in de versnellingsbak, waardoor de auto bleef hangen in de vijfde versnelling en onbruikbaar werd. Gezien de kilometerstand en het korte tijdsverloop, beschouw ik dit defect als buiten de redelijke verwachting van normale slijtage vallend.
Op het moment dat het defect zich voordeed op 21 september 2024, heb ik direct contact gezocht met de ondernemer. Tijdens dit gesprek stelde de ondernemer mij twee opties voor:
• Zelf een garage zoeken voor de reparatie en het probleem daar laten verhelpen, of;
• De auto door hem laten ophalen tegen een bedrag van €150,- aan sleepkosten, met de voorwaarde dat alle bijkomende reparatiekosten volledig voor mijn rekening zouden zijn.
Deze voorwaarden achtte ik onredelijk, aangezien ik aanspraak maak op de wettelijke garantie en
een deugdelijk product verwacht. Het ontbreken van een BOVAG-garantiepakket doet hier niets
aan af; mijn recht op herstel en correctie blijft volgens het Burgerlijk Wetboek van kracht.
Op 27 september 2024 belde ik opnieuw om mijn recht op wettelijke garantie onder de aandacht te
brengen. De ondernemer reageerde hier onprofessioneel op, en weigerde toen verdere
samenwerking.
Pas na meerdere meldingen en het escaleren van de klacht bood de ondernemer op 1 oktober 2024 aan om de auto op te halen voor inspectie (waarbij hij deed voorkomen dat hij dit eerder heeft voorgesteld). Dit voorstel kwam echter pas nadat ik formeel stappen had ondernomen om mijn rechten af te dwingen. De auto is uiteindelijk op 11 oktober 2024 opgehaald door de ondernemer. Op 25 oktober 2024 kreeg ik een factuur van de ondernemer, waarbij twee dingen opvallend waren. Allereerst leek de factuur aan de hoge kant. De ondernemer wenst echter geen inzage te geven in de daadwerkelijk gemaakte te kosten. Daarnaast legt de ondernemer zonder enig overleg of toelichting de helft van de kosten bij mij neer. Wanneer ik hier navraag over wil doen, geeft de ondernemer aan dat hij nergens op meer zal reageren.
Gezien de technische gebreken en de onredelijke houding van de ondernemer, verzoek ik de commissie om:
• ontbinding van het koopcontract: Het defect aan de versnellingsbak en de afwijzende opstelling van de verkoper vormen voor mij voldoende gronden voor contractontbinding. Ik heb geen vertrouwen in dit contract.
• Schadevergoeding voor gemaakte kosten: Als gevolg van deze gehele situatie kan ik mijn auto al twee maanden niet gebruiken, terwijl de vaste lasten doorlopen. Denkt u hierbij aan parkeervergunning, belasting en verzekering.
• Eerlijke en transparante kostenverdeling indien ontbinding niet haalbaar is: Mocht de commissie besluiten dat ontbinding niet passend is, vraag ik om transparantie in de daadwerkelijk gemaakte kosten van de ondernemer. Hij wil geen verklaring geven voor de hoge kosten van de schakelstang. Daarnaast heeft hij op eigen houtje besloten wat de kostenverdeling zou moeten zijn.
Op 3 december 2024 heeft de ondernemer geprobeerd stallingskosten in rekening te brengen, terwijl mijn auto onrechtmatig in retentie werd gehouden. Nadat ik aangaf dat ik daar niet mee akkoord ging en uw beslissing wilde afwachten, liet hij weten dat de reparatie gratis zou zijn, zonder transparantie over de factuur. Sinds 3 december 2024 heb ik de auto terug, en de schakelbak werkt naar behoren.
Ik ben bereid om af te zien van mijn verzoek tot ontbinding van de koopovereenkomst. Echter, ik wil de klacht doorzetten vanwege de kosten die ik heb moeten maken door de retentie van mijn auto en deze procedure. Dit is inmiddels de tweede keer dat de ondernemer pas handelt na escalatie, en dat vind ik niet acceptabel. Daarnaast vermoed ik dat ik de sepotkosten voor de factuur niet hoef te betalen, aangezien de reparatie uiteindelijk kosteloos is uitgevoerd.
Ter zitting heeft de consument verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.
Ik heb eerder ook al uitgelegd dat ik geen ontbinding van de overeenkomst wil. De vordering die de ondernemer op mij meende te hebben is dus uiteindelijk door de ondernemer ingetrokken. Hij heeft de hele reparatie aan mijn auto dus voor zijn rekening genomen, wat ik ook zeer terecht vind. Mijn auto is dus best wel lange tijd in retentie bij de ondernemer blijven staan in afwachting van betaling door mij van 50% van de reparatiekosten. Dat retentierecht is dus ten onrechte toegepast. Ik heb daardoor geruime tijd de auto niet kunnen gebruiken. Daardoor heb ik de volgende directe schade geleden:
– € 124,29 voor het moeten doorbetalen van de verzekering bij [naam van verzekering]; schorsing bij de RDW kon ik niet riskeren omdat de auto best op de openbare weg kon staan bij de ondernemer;
– € 51,54 aan motorrijtuigenbelasting;
– € 14,34 aan onnodig moeten doorbetalen van parkeergeld in [plaats];
Verder heb ik € 150,– aan afsleepkosten moeten betalen, omdat de ondernemer niet bereid was c.q. niet in staat was mijn onderweg gestrande auto te bergen.
De ondernemer is erg onvriendelijk gebleken; dat blijkt ook uit de in het geding gebrachte communicatie. Al met al heeft mij dit veel stress opgeleverd.
Standpunt van de ondernemer
De ondernemer heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid zijn standpunt aan de commissie kenbaar te maken. Wel blijkt van diens standpunt uit de in het geding gebrachte communicatie.
“(…..) ik heb u een auto verkocht met een nieuwe koppeling, omdat deze gesleten was, hij zat er hoog, heb ik deze vervangen om juist gezeur voor de volgende eigenaar te voorkomen. Ik had ook niets kunnen zeggen en de auto gewoon kunnen verkopen zoals deze was, maar dat doen wij niet, ik wil eerlijk zaken doen op een nette manier. Op het moment van aflevering was deze auto in prima staat. Ik wil u nogmaals best helpen bij het zoeken van een oplossing, maar ik ga natuurlijk niet een auto van slechts € 2750,- euro en 11 jaar oud alle kosten vergoeden, ik heb misschien € 400,- euro aan deze auto verdiend en zou niet redelijk zijn om “Mij” een hele versnellingsbak en alle kosten voor het transport én alle kosten van de demontage en montage voor mijn rekening te laten nemen. Dat ga ik ook niet doen en is zeker niet terecht! Nog maar niet te spreken over de afspraak die is gedaan bij de verkoop, zonder garantie en zonder afleverpakket. Maar goed, ik begrijp dat een woord voor u ook maar gewoon een woord is, en niet zoals bij mij “een man een man, een woord een woord” Dus kijkt u maar even wat u wil doen, nogmaals, ik wil best wat meedoen, maar wel op een eerlijk manier. U weet dat u een gebruikte auto koopt en dat daar ook wat aan mankeren na 11 jaar. De wet zegt namelijk ook, wat mag je verwachten van een auto van een dergelijk bedrag, 11 jaar oud en 100.000 km Dus nogmaals, heel vervelend dat hij stuk is, ik wil hem best ophalen en kijken wat er nou echt aan de hand is en er dan samen uit komen wat de beste oplossing is. Ik hoor graag van u hoe en wat.”
“Nu blijkt dat u een probleem heeft met de versnellingsbak, dat is iets heel dat is iets heel anders dan de koppeling die wij bij aflevering uit voorzorg hebben vernieuwd. Ik wil best met u meedenken aan een oplossing, maar we zouden toch eerst de auto hier moeten hebben om een diagnose te stellen wat er precies aan de hand is, we kunnen dit oplossen na de diagnose en samen tot een oplossing komen over de financiële situatie.
Dus mijn voorstel is de auto op te halen en te kijken wat er nou daadwerkelijk aan de hand is en daarna in overleg kijken wat wij betalen en wat u betaalt voor de reparatie. We kunnen kijken of u de onderdelen betaalt en wij het arbeidsloon, of andersom. Het is tenslotte een auto van 11 jaar oud, dus ook geen nieuwe. Laat mij maar weten hoe en wat, ander zou ik u adviseren om de BOVAG geschillencommissie te bellen en te overleggen met hen wat het beste is.”
“Ah, gaan we weer……Maar ik stop er mee! We zijn nu al lang genoeg bezig geweest (……) ik geef u helemaal geen factuur van mijn boekhouding! Dat wantrouwende gedrag van u ben ik helemaal klaar mee! Wij hebben onze best gedaan om alles te maken, auto bij u thuis opgehaald, kosteloos! Spullen uit [plaatsnaam] moeten laten komen omdat hier niet meer te krijgen is van die oude auto’s! Bah, wat een ondankbaar gedrag! Kijk maar wat u doet, maak er anders een rechtszaak van, je hebt vast gratis rechtsbijstand! De auto staat binnen en staat klaar en de factuur moet je gewoon betalen! Anders krijg je de auto niet mee! Had je het garantiepakket maar moeten nemen, op een auto van € 2.700,- euro! Pfffff De auto was perfect bij aflevering!”
2 December 2024 at 20:21: “(…….) Maar goed, wij hebben besloten je de reparatie cadeau te doen en te kiezen om gewoon door te werken en niet onze kostbare tijd, geld en moeite te verdoen aan mensen zoals jij! Wij hebben namelijk helemaal géén tijd voor dit soort geneuzel, alleen maar negatieve energie! Dit soort gevallen zijn nou precies de oorzaak van de verloedering van onze mooie maatschappij en de oorzaak van de vernietiging van het [afkorting]! Maar goed, jij hebt lekker een gratis reparatie aan je mooie Nissan Pixo voor helemaal niets, kun je trots op zijn! Bedankt dat je zo schappelijk bent om mij op te laten draaien voor alle kosten, chapeau! Hij staat morgen op de parkeerplaats aan de overkant en is dan van ons terrein verwijderd! Je hebt vast nog wel een reservesleutel toch?! Want ik leg de sleutel in de veerpoot bij het linker voorwiel, je zal begrijpen dat je hier binnen niet meer welkom bent! Ik wens je veel rijplezier en heel veel veilige kilometers!”.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
De vordering tot ontbinding van het door partijen overeengekomene is door de consument ingetrokken. Wat dan resteert is de volgende beoordeling van het gevorderde.
Hangende deze zaak heeft de ondernemer alsnog diens gestelde vordering op de consument tot betaling van 50% van de betreffende reparatiekosten ingetrokken. Dit maakt dat er geen belang meer is bij een inhoudelijke beoordeling van de klacht van de consument dat hem dat bedrag in rekening is gebracht.
Wat resteert is de vordering van de consument om de ondernemer te verplichten tot vergoeding van door hem geleden schade door het – naar dus achteraf is komen vast te staan – onrechtmatig toepassen van het retentierecht op deze auto, zodat de consument diens auto geruime tijd niet heeft kunnen gebruiken terwijl diens kosten doorliepen en niet te vermijden waren.
De consument heeft die schade gedetailleerd berekend en toegelicht ter zitting. De commissie oordeelt die vordering toewijsbaar. Dit ook nu van de ondernemer geen verweer is ingekomen, en daarom hier enkel moet worden beoordeeld of het gevorderde de commissie niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt.
Aldus ligt voor toewijzing gereed de volgende schadeposten:
– € 124,29 voor het moeten doorbetalen van de verzekering bij [naam van verzekering]; schorsing bij de RDW kon ik niet riskeren omdat de auto best op de openbare weg kon staan bij de ondernemer;
– € 51,54 aan motorrijtuigenbelasting;
– € 14,34 aan onnodig moeten doorbetalen van parkeergeld in Amsterdam.
In totaal is dit een bedrag van € 190,17.
Bij dat bedrag moeten worden opgeteld de door de consument gemaakt bergings-/afsleepkosten ad
€ 150,–. Ook dit deel van de vordering komt de commissie noch onrechtmatig noch ongegrond voor.
De slotsom luidt dan ook dat in na te melden zin moet worden beslist.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.
Nu terecht is geklaagd is de ondernemer op basis van het reglement gehouden om het klachtengeld aan de consument te voldoen en om de bijdrage in de behandelingskosten te betalen aan het secretariaat van de commissie. Die bijdrage wordt de ondernemer separaat bij factuur in rekening gebracht.
Daarom wordt als volgt beslist.
Beslissing
De ondernemer betaalt aan de consument een schadevergoeding van € 340,17 (te weten het totaal van € 190,17 en € 150,–).
Betaling van dat bedrag dient plaats te vinden binnen een maand na de verzenddatum van dit bindend advies.
Indien betaling niet tijdig plaatsvindt, betaalt de ondernemer bovendien de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de verzenddatum van het bindend advies.
Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van
€ 77,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie de bijdrage in de behandelingskosten van het geschil verschuldigd.
Wijst af hetgeen meer of anders is verzocht.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit mr. M.L.J. Koopmans, voorzitter, de heer C.J. Bosboom en de heer H.W. Zuur, leden, op 3 april 2025.