Commissie: Voertuigen
Categorie: Overig
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: schikking ter zitting
Referentiecode:
812604/904081
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument had haar auto in onderhoud bij de ondernemer. Na vervanging van de bougies raakte er in maart 2024 een bougie los en kwam deels in de cilinderkop terecht. De motor leek onherstelbaar beschadigd. De ondernemer bood een vervangende auto aan en repareerde de auto uiteindelijk kosteloos. De consument had inmiddels een andere auto gekocht en wilde dat de ondernemer haar oude auto overnam. Dat wilde hij niet, maar hij bood aan de auto in consignatie te verkopen. Tijdens de zitting kwamen partijen tot een oplossing: de ondernemer verkoopt de auto namens de consument zonder kosten, met als doel een opbrengst van € 4.000. De klacht is daarmee geschikt.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
Het geschil vloeit voort uit een op 10 juni 2023 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het verrichten van opgedragen werkzaamheden, tegen een door de consument te betalen prijs van € 1.907,24
De overeenkomst is uitgevoerd.
De consument heeft de klacht op 6 maart 2024 voorgelegd aan de ondernemer.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Tijdens een autorit is een bougie van de motor van de auto van de consument, een Suzuki Vitara van 22 jaar oud, in maart 2024 losgeraakt en deels in de cilinderkop terechtgekomen. De auto was in onderhoud bij de ondernemer. De bougies waren bij een onderhoudsbeurt in 2023 door de ondernemer vervangen. De consument nam daarna direct contact op met de ondernemer. Die zou naar zijn zeggen het probleem oplossen. Met de bougie was volgens de ondernemer niets mis, maar de motor zou onherstelbaar beschadigd zijn. Er was sprake van een kras aan de binnenkant van de cilinderwand. Aanvankelijk werd gekeken naar een vervangende motor. Die bleek eerst niet te vinden, maar later wel. De motor kostte € 3.000, — en de ondernemer verlangde de helft van dit bedrag van de consument. Dat voelde krom omdat de consument niets kon doen aan de opgetreden schade en het vermoeden bestond dat de bougie er niet goed was ingedraaid. De consument kreeg na het voorval een vervangende auto van de ondernemer. De consument wilde dat de ondernemer de auto zou innemen, maar daarop reageerde de ondernemer niet.
De consument liep vast met de ondernemer en dacht dat de auto nooit meer zou worden gerepareerd en is vervolgens op zoek gegaan naar een andere auto.
Toen de consument de leenauto onverwachts terugbracht bij de ondernemer bleek haar dat de auto werd gerepareerd. Na korte tijd kreeg de consument te horen dat de auto was gerepareerd. De consument had inmiddels een andere auto gekocht en ook riep de reparatie veel vraagtekens bij haar op. Aanvankelijk was de motor onherstelbaar beschadigd en nu was de motor opeens hersteld. De consument drong er nogmaals bij de ondernemer op aan om de auto van haar te kopen. Dat wilde de ondernemer niet wel wilde hij de auto in consignatie voor haar verkopen. Daarvoor voelde de consument niet.
Ter zitting heeft de consument voor zover van belang nog het volgende naar voren gebracht.
In het kader van een minnelijke regeling van het geschil van partijen kan de consument ermee akkoord gaan dat de ondernemer haar auto op basis van een standaard consignatie contract te koop aanbiedt, met als inzet een opbrengst voor haar van € 4.000, –. Daarvoor rekent de ondernemer geen kosten en neemt hij alle (garantie-)verplichtingen jegens de koper op zich.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Op 10 juni 2023 heeft de ondernemer bij een kilometerstand van 202.224 kilometer onderhoud aan de auto uitgevoerd en daarbij onder andere de bougies vervangen. Na negen maanden en bij een kilometerstand van 206.965 kilometer is een bougie losgekomen. De ondernemer heeft de auto bij een andere garage opgehaald en onderzocht. Daarbij werd geconstateerd dat de bougie losgekomen is van de cilinderkop, maar dat niet de bougie, maar de cilinderkop het probleem heeft veroorzaakt.
De consument kon zich niet vinden in het standpunt van de ondernemer en vervolgens is langdurig gediscussieerd over het al dan niet repareren van de auto en de daaraan door de consument te leveren bijdrage. Uiteindelijk koos de ondernemer ervoor de auto kosteloos te repareren. In de tussentijd kon de consument van vervangend vervoer gebruik maken. Na de reparatie liet de consument weten dat zij de auto niet meer wilde hebben. Zij eiste dat de ondernemer de auto voor een marktconforme prijs van haar kocht. Dat wilde de ondernemer niet en dat kan ook niet van hem worden geëist. Wel blijft hij erbij de auto in consignatie te willen verkopen voor de consument.
Ter zitting heeft de ondernemer voor zover van belang nog het volgende naar voren gebracht.
In het kader van een minnelijke regeling van het geschil van partijen is de ondernemer bereid om de auto op basis van een standaard consignatie contract van drie maanden, zonder verdere kosten voor de consument, te koop aan te bieden met als inzet een voor de consument te behalen koopopbrengst van € 4.000, –. De ondernemer neemt alle verplichtingen op zich die voor hem uit de verkoop van de auto voortvloeien.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
Partijen hebben ter zitting een oplossing voor hun geschil bereikt. De commissie komt dus niet meer toe aan een inhoudelijke beoordeling van het aan haar voorgelegde geschil, maar zal zich beperken tot het vastleggen van de getroffen schikking.
Derhalve wordt beslist als volgt.
Beslissing
De ondernemer biedt de auto van de consument op basis van een standaard consignatie contract van drie maanden te koop aan zonder daarvoor kosten aan de consument in rekening te brengen. De inzet is dat voor de consument een verkoopopbrengst van € 4.000, — wordt gerealiseerd.
De ondernemer neemt alle verplichtingen op zich die voor hem uit de verkoop van de auto voortvloeien.
Na uitvoering van deze overeenkomst hebben partijen ter zake niets meer van elkaar te vorderen en verlenen zij elkaar over en weer kwijting en decharge.
Iedere partij draagt de eigen kosten.
Aldus beslist en vastgelegd door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, mr. E.J.P.J.M. Kneepkens en B.H. Oving, leden, op 16 april 2025.