Commissie: Energie
Categorie: Tariefbepalingen
Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: gegrond
Referentiecode:
419612/494649
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument klaagde dat de energieleverancier onjuist heeft gesaldeerd door per tariefperiode te verrekenen. Volgens de commissie moet eerst het totale jaarverbruik worden verrekend met de totale teruglevering, waarna het resterende saldo wordt afgerekend volgens een verdeelsleutel. De ondernemer heeft dit niet gedaan en moet de jaarafrekening over 2023 corrigeren volgens de juiste methode. De klacht is gegrond. Ook moet de ondernemer € 52,50 klachtengeld vergoeden.
De volledige uitspraak
Samenvatting
De consument beklaagt zich over het feit dat de ondernemer saldeert per tariefperiode tegen het in die periode geldende tarief. De consument verlangt dat de ondernemer ertoe gehouden wordt te salderen overeenkomstig de wijze die de commissie heeft aangegeven in haar beslissing 27 november 2023 (referentie 224129/227039) en de reeds opgestelde jaarafrekening op daarmee overeenkomstige wijze dient te corrigeren. Klacht gegrond.
Beoordeling
De consument heeft op 13 november 2022 een variabel leveringscontract voor energie bij de ondernemer afgesloten welke op 1 januari 2023 is ingegaan. De consument heeft zonnepanelen en levert terug aan het elektriciteitsnet.
De consument beklaagt zich erover dat de ondernemer de salderingsregeling onjuist op de jaarafrekening die ziet op de leveringsperiode 01-01-2023 tot 01-01-2024 heeft toegepast door per tariefperiode te salderen. De consument verlangt dat de ondernemer saldeert volgens de methodiek zoals aangegeven in eerdere uitspraken van de commissie.
De ondernemer stelt de door de consument opgewekte energie op de jaarafrekening gesaldeerd te hebben met de door hem verbruikte energie, waarbij de opgewekte energie tegen hetzelfde leveringstarief is gesaldeerd door per tariefperiode te salderen. Dit is de meest transparante manier van salderen, aldus de ondernemer.
Tussen partijen staat niet ter discussie dat de saldering dient plaats te vinden door eerst de op jaarbasis hoeveelheid ingevoede en de hoeveelheid onttrokken elektriciteit tegen elkaar weg te strepen. Het aantal kWh dat resteert, onttrokken dan wel ingevoed, wordt vervolgens gefactureerd. Op dit moment is niet wettelijk vastgelegd op welke wijze dit dient te gebeuren in een situatie waarbij het tarief in de factuurperiode varieert. Niet is gesteld of gebleken dat partijen wel met elkaar zijn overeengekomen op welke wijze dit dient te gebeuren in een situatie waarbij het tarief in de factuurperiode varieert.
Vaststaat dat de ondernemer een jaarafrekening aan de consument heeft gestuurd, waarin de ondernemer per tariefperiode de invoeding en het verbruik saldeert. De consument betoogt dat dit niet zo mag. Daarover heeft de commissie in eerdere uitspraken het volgende overwogen: ’Hoewel het niet onredelijk lijkt om per tariefperiode de levering en teruglevering in die perioden apart af te rekenen tegen de door de ondernemer gehanteerde lever- en terug levertarieven, is dit niet wat de gedachte achter de op dit moment geldende salderingsregeling is.
Op 23 september 2022 heeft de minister Kamervragen over de salderingsregeling beantwoord. Uit de antwoorden blijkt dat, kort gezegd, voor overeenkomsten als de onderhavige het gehele jaarverbruik met de in dat jaar ingevoede stroom gesaldeerd moet worden. Dat blijkt volgens de minister niet uit de wet, maar was wel de intentie. De minister geeft in zijn antwoord aan een verduidelijking van de wettekst te zullen bevorderen.
De volgende vraag is hoe er dan afgerekend moet worden. Gelet op het antwoord van de minister dient eerst de op jaarbasis hoeveelheid ingevoede en de hoeveelheid onttrokken elektriciteit tegen elkaar weggestreept te worden.
Het aantal kWh dat resteert, onttrokken dan wel ingevoed, wordt gefactureerd. Op dit moment is niet wettelijk vastgelegd op welke wijze dit dient te gebeuren in een situatie waarbij het tarief in de factuurperiode varieert. In afwachting van nadere regelgeving op dit punt heeft de commissie ook al in eerdere uitspraken aanwijzingen gegeven hoe het aantal kWh dat resteert, onttrokken dan wel ingevoed, dient te worden gefactureerd in het geval partijen dat niet nader met elkaar zijn overeengekomen.
Het komt de commissie redelijk en billijk voor dat het aantal kWh dat resteert nadat de op jaarbasis de hoeveelheid ingevoede en de hoeveelheid onttrokken elektriciteit tegen elkaar zijn weggestreept voor zover niet voor alle perioden eenzelfde invoedingstarief geldt wordt berekend aan de hand van de formule:
• Voor het geval er meer verbruik is dan teruglevering op jaarbasis: het verbruik van een tariefperiode, gedeeld door het totale verbruik op jaarbasis, vermenigvuldigd met het saldo na verrekening op jaarbasis (= resultaat van de saldering). Het aldus aan een tariefperiode toegerekend verbruik wordt afgerekend tegen het tarief van de betreffende periode;
• Voor het geval er minder verbruik is dan teruglevering op jaarbasis: de ingevoede stroom van een tariefperiode, gedeeld door het totaal van de ingevoede stroom op jaarbasis, vermenigvuldigd met het saldo na verrekening op jaarbasis (=resultaat van de saldering). De aldus aan een bepaalde tariefperiode toegerekende invoeding wordt afgerekend tegen het invoedingstarief van die tariefperiode.
Naar het oordeel van de commissie moet uit de jaarafrekening worden afgeleid dat de ondernemer per tariefperiode saldeert waarbij verschillende tarieven gelden voor leveren en voor terugleveren, hetgeen niet in lijn is met de intentie van de salderingsregeling.
De door de ondernemer toegepaste methode heeft de consument redelijkerwijs niet afgeleid of kunnen afleiden uit hetgeen tussen partijen is afgesproken. Daarom kan naar het oordeel van de commissie niet worden volgehouden dat zulks als tussen partijen overeengekomen heeft te gelden.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De ondernemer dient de jaarrekening over de periode 01-01-2023 tot 01-01-2024 te corrigeren door toepassing van een saldering overeenkomstig bovengenoemde door de commissie voorgeschreven methodiek.
Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 52,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Deze behandelingskosten worden geheel betaald.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. D.P.C.M. Hellegers, voorzitter, mevrouw mr. W.H. van Oorspronk , mevrouw mr. A. Zwart-Hink , leden, op 3 oktober 2024.