Kosten voor verlagen gasaansluiting terecht: consument draagt verantwoordelijkheid

  • Home >>
  • Energie >>
De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Tariefbepalingen    Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 428320/620511

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument klaagde over de hoge kosten voor het verlagen van zijn G-10 gasaansluiting, die volgens hem niet passend is voor een woonhuis. Hij stelde dat hij jarenlang te veel heeft betaald en dat de ondernemer hem had moeten informeren. De commissie oordeelt dat de ondernemer correct heeft gehandeld: de consument is zelf verantwoordelijk voor zijn aansluiting en had eerder actie kunnen ondernemen. De klacht is ongegrond.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

Het geschil heeft betrekking op de door de ondernemer in rekening te brengen kosten voor de aanpassing van de gasaansluiting in de woning van de ondernemer.

De consument heeft de klacht op 5 juni 2024 bij de ondernemer ingediend.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende.

De van de ondernemer ontvangen offerte voor het wijzigen van de gasaansluiting van de consument is qua hoogte onacceptabel. Zeker, omdat de vervanging een gevolg is van nalatigheid aan de kant van de ondernemer. De consument betaalt al jaren teveel voor een te zware aansluiting en zou zelfs geld moeten terugkrijgen. De consument blijkt te beschikken over een G-10 aansluiting. Dit is niet passend voor een rijtjeshuis en hoort niet. De nieuwe energieleverancier is in de kosten gedoken en kwam erachter dat de consument al jaren betaalt voor een mkb-aansluiting.

De consument kocht de woning in 2016 en kwam er in april 2024 achter dat hij een te grote aansluiting had. De gasmeter is recent door de ondernemer vervangen door een soortgelijke aansluiting. De ondernemer had kunnen zien dat sprake was van een woonhuis en de consument erop moeten wijzen dat sprake was van een klein zakelijke aansluiting.

Gelet op deze fout van de ondernemer en de omstandigheid dat hij al jaren ten onrechte voor een te grote aansluiting betaalt verlangt de consument dat de vervanging naar een kleinere aansluiting kosteloos door de ondernemer wordt uitgevoerd.

Ter zitting heeft de consument verder nog in hoofdzaak het volgende aangevoerd.
De consument was niet op de hoogte van de details van de betreffende aansluiting en evenmin dat hij daarvoor te veel betaalde. De ondernemer heeft een zorgplicht en dient de consument goed voor te lichten. Hoe kon de consument het weten. De consument is eigenaar van de woning. Bij de koop heeft de makelaar niets gezegd over de omvang van de gasaansluiting. Het betreft een aansluiting voor een middelgroot bedrijf. Het was kenbaar voor de ondernemer dat daarvan geen sprake is.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

In de woning van de consument bevindt zich een G-10 meter. De consument wil deze verlichten naar een G-4 of G-5 meter en verlangt dat dit kosteloos gebeurt. Ook vraagt de consument restitutie van het teveel betaalde capaciteitstarief.

De woning van de consument dateert uit 1911 en heeft een woonoppervlak van 246 m2. De consument is vanaf 2016 eigenaar van de woning, met de daarbij behorende lusten en lasten, waaronder de betreffende gasaansluiting. De ondernemer weet niet waarom deze aansluiting in het pand aanwezig is. In het verleden was het niet ongebruikelijk om in dergelijke, oude, panden een grotere aansluiting te hebben vanwege de grotere stookbehoefte. Ook omdat tot de invoering van het capaciteitstarief in 2008 daarvoor geen extra kosten in rekening werden gebracht.

Bij de invoering van het capaciteitstarief heeft de ondernemer al haar klanten met een G-10 aansluiting in hun woning meermaals aangeschreven en aangeboden om deze kosteloos uit coulance te vervangen. Deze regeling is al lang verlopen. De ondernemer hanteert het kostenbeginsel zoals dat in de Gaswet wordt gehanteerd: wijziging op aanvraag van de aangeslotene komt voor rekening van de aangeslotene.

De ondernemer heeft er geen weet van hoe de consument de aansluiting gebruikt, of dat privé of zakelijk is of welk toekomstig gebruik wordt beoogd en is dan ook niet verantwoordelijk om klanten aan te schrijven over een mogelijke te grote of te kleine aansluiting. Op elke energienota staat de capaciteit vermeld. De consument wist dus of had kunnen weten wat de grootte van zijn aansluiting was. Het jarenlang blijven stilzitten komt voor eigen rekening. Ook is in het verleden kennelijk geen gebruik gemaakt van het aanbod van kosteloze verlichting. In het geval de ondernemer op eigen initiatief een meter vervangt, wordt een gelijksoortige meter teruggeplaatst. Een verlichting is een wijziging op verzoek van een klant.

De ondernemer is van mening dat de kosten voor verlichting terecht in rekening worden gebracht en dat er geen grond is voor restitutie van transportkosten.

Ter zitting heeft de ondernemer verder nog in hoofdzaak het volgende aangevoerd.
De ondernemer begrijpt het gevoel van de consument, maar de ondernemer moet het kostenveroorzakingsbeginsel hanteren. De ACM zit bovenop de tarieven en heeft de tarieven stilzwijgend akkoord bevonden. Het was 15 jaar geleden bij de overgang naar de invoering van het capaciteitstarief dat kosteloos een kleinere aansluiting werd geplaatst. G-10 is niet ongebruikelijk. Het waarom van een dergelijke meter gaat de ondernemer niet aan. Van een zorgplicht zoals de consument stelt is geen sprake. Bij twijfel over de juiste capaciteit kan een installateur in de arm worden genomen.

Het breekt de consument op dat niet eerder bij de introductie van het capaciteitstarief in 2008, gebruik is gemaakt van de mogelijkheid om de meter kosteloos te laten verlichten.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

De consument klaagt over de kosten van het verlagen van de capaciteit van de gasmeter in zijn woning. De consument stelt dat hij een dergelijke capaciteit niet nodig heeft en jarenlang een te hoog tarief heeft betaald en verlangt om die reden dat de verlaging kosteloos plaatsvindt.

De ondernemer voert gemotiveerd verweer.

De commissie volgt het standpunt van de ondernemer.

De overgang naar het capaciteitstarief heeft in 2008 plaatsgevonden. Toen is kennelijk geen gebruik gemaakt van de geboden mogelijkheid om kosteloos te verlagen.

Bij de verwerving van de woning door de consument in 2016 is geen aandacht aan deze kwestie besteed en nadien heeft de consument het capaciteitstarief voor de meter op de jaarnota telkens voldaan. Op de jaarnota en ook op het contract met de ondernemer staat de capaciteit vermeld. De enkele omstandigheid dat de consument niet op de hoogte was van de capaciteit en de regelgeving daaromtrent brengt vanzelfsprekend niet mee dat de ondernemer voor een te grote aansluiting verantwoordelijk kan worden gehouden.

De commissie is tevens van oordeel dat van de ondernemer niet kan worden gevergd om zoveel jaren na de invoering van het capaciteitstarief de klanten met een G-10 meter wederom aan te schrijven en te vragen of zij geen meter met een lagere capaciteit willen. Het gaat de ondernemer immers niet aan waarom iemand voor een bepaalde capaciteit kiest.

Voor betreft de hoogte van de offerte geldt het volgende. De ondernemer heeft, onbestreden door de consument, gesteld dat de kosten en tarieven zijn gemeld aan de ACM en dat de ACM daarop verder niet heeft gereageerd. Gelet hierop komt de commissie geen oordeel toe over de hoogte van het betreffende tarief.

Op grond van het bovenstaande is de klacht dan ook ongegrond.

Beslissing

De commissie wijst het door de consument verlangde af.

Aldus beslist en vastgelegd door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit
mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, mr. W.H. van Oorspronk en H.H. van der Linden, leden, op 9 oktober 2024.

Opslaan als PDF