Klacht over opzegvergoeding energiecontract ongegrond verklaard

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie Zakelijk    Categorie: Opzegvergoeding    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 1111848/1241538

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

Een zakelijke verbruiker, vertegenwoordigd door boetevrijoverstappen.nl, betwistte de rechtsgeldigheid van een energiecontract en de opgelegde opzegvergoeding van € 5.035,98. De commissie oordeelt dat er een rechtsgeldige overeenkomst voor bepaalde tijd is gesloten en dat de algemene voorwaarden correct zijn verstrekt. Omdat de verbruiker vooraf een indicatie van de opzegvergoeding had opgevraagd en bewust koos voor overstap, acht de commissie de vergoeding niet onredelijk bezwarend. De klacht is ongegrond.

De volledige uitspraak

Samenvatting
Verbruiker (vertegenwoordigd door boetevrijoverstappen.nl) stelt dat:

  • er geen rechtsgeldige overeenkomst voor bepaalde tijd is gesloten,
  • Algemene Voorwaarden bedrijf ex art 6:234 BW vernietigbaar zijn;
  • opgelegde opzegvergoeding in strijd is met ACM richtlijn en onredelijk bezwarend is;
  • de betaalde opzegvergoeding moet worden terugbetaald + rente + kosten bijstand + kosten procedure bij de Geschillencommissie

Het bedrijf heeft verweer gevoerd.

Beoordeling
De commissie heeft het volgende overwogen.

Waar verbruiker stelt dat er geen rechtsgeldige overeenkomst voor bepaalde tijd zou zijn gesloten, staat, na de uitleg door het bedrijf met betrekking tot het elektronisch orderproces, voor de commissie vast dat een rechtsgeldige overeenkomst tot stand is gekomen, zoals eerder ook door de rechtbank Oost-Nederland was vastgesteld.
In de bevestiging van het bedrijf is een vaste prijs genoemd, startdatum 01-04-2023 en een looptijd van 48 maanden.
In de door verbruiker zelf getekende machtigingsovereenkomst is dezelfde startdatum alsook het actietarief t/m 01-04-2027 vermeld.
Voor een zakelijk verbruiker zou bovendien kenbaar moeten zijn dat een vaste prijs samengaat met een bepaalde periode.

Vast staat dat vanaf 01-04-2023 energie is geleverd, daarvoor is gefactureerd op basis van een vast tarief en de facturen zijn betaald. Ook de eindfactuur inclusief opzegvergoeding.
Vast staat dat dat verbruiker op 20-06-2024 de overeenkomst heeft opgezegd per 14-07-2024 (binnen 30 dagen), nadat verbruiker op 22-04-2024 een indicatie voor een opzegvergoeding had gevraagd (en gekregen), te weten € 5035,98. Het bedrijf heeft het einde van de overeenkomst bevestigd en verbruiker eraan herinnerd dat een opzegvergoeding in rekening zou worden gebracht.

Waar verbruiker klaagt dat de algemene voorwaarden van bedrijf niet op duurzame gegevensdrager zijn verstrekt, en de algemene voorwaarden daarom vernietigbaar zijn, staat voor de commissie vast dat de Aanvullende Leveringsvoorwaarden bij Elektriciteit Vast en Gas Vast door verbruiker zijn ontvangen en dat de Algemene voorwaarden voor verbruiker op de website van het bedrijf te vinden zijn, in geval verbruiker deze niet eerder zou hebben gedownload. Reden om ook deze klacht ongegrond te verklaren.

Waar verbruiker stelt dat de opzegvergoeding in strijd is met de ACM richtlijn, constateert de commissie dat de formulering van de opzegvergoeding niet 1-op-1 overeenkomt met de ACM richtlijn, maar de strekking ervan wel, te weten “uitsluitend schade geleden door het bedrijf als gevolg van de vroegtijdige opzegging”.

Vast staat dat verbruiker een indicatie van de opzegvergoeding heeft opgevraagd, toen hij overwoog over te stappen, zodat hij in staat was vooraf te bepalen wat hem te wachten zou staan bij opzegging. Ook dat verbruiker desondanks de keus gemaakt heeft om over te stappen naar een ander bedrijf als energieleverancier.
De klacht dat verbruiker op geen enkel moment kon weten wat de opzegvergoeding was, verklaart de commissie ongegrond.

Waar verbruiker achteraf, dat wil zeggen een klein jaar na kennisname van de door hem opgevraagde indicatie van de opzegvergoeding, klaagt dat de in deze zaak opgelegde opzegvergoeding in strijd is met de ACM-richtsnoeren en onredelijk bezwarend is, terwijl verbruiker beschikte over alle benodigde informatie zijdens het bedrijf om een wel-afgewogen keus te (kunnen) maken en die keus vervolgens ook heeft gemaakt, acht de commissie ook die klacht ongegrond

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
De commissie:

  • verklaart de klachten ongegrond;
  • wijst het verzochte af.

Het door de verbruiker/aangeslotene verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie zakelijk, bestaande uit mevrouw mr. E.M.T. van Ruitenbeek – de Bekker, voorzitter, de heer J.H.P.T. den Ouden, de heer J.H.L. den Otter, leden, op
10 september 2025.

Opslaan als PDF