BMW X5 vertoont gebreken: consument krijgt schadevergoeding, geen ontbinding

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Voertuigen    Categorie: (non)conformiteit    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ten dele gegrond   Referentiecode: 603255/662555

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument kocht op 12 september 2023 een BMW X5 uit 2016 voor € 42.000. Kort na aankoop meldde hij problemen met de automatische versnellingsbak, airco en het HV-accupakket. Een deskundige bevestigde dat de versnellingsbak en airco niet goed werkten. De ondernemer wilde de gebreken herstellen, maar de consument had daar weinig vertrouwen in en wilde de koop ontbinden. De commissie oordeelde dat er sprake is van non-conformiteit, maar dat ontbinding niet gerechtvaardigd is. De consument mag zelf kiezen wie de auto repareert en krijgt € 3.630 schadevergoeding plus € 127,50 klachtengeld.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Het geschil betreft de automatische versnellingsbak van een BMW X5.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De consument heeft op 12 september 2023 een BMW X5 uit bouwjaar 2016 gekocht voor een koopsom van € 42.000, –. Kort na aankoop heeft consument zich bij de ondernemer beklaagd over diverse gebreken in de BMW, waaronder het niet goed functioneren van de automatische versnellingsbak, de airco en het HV-accupakket.

De ondernemer heeft de gebreken in de BMW niet weggenomen, maar heeft zich in plaats daarvan ten onrechte op het standpunt gesteld dat de gebreken zich niet voordoen. Daarmee heeft de ondernemer niet voldaan aan haar wettelijke verplichting om de gebreken in de BMW binnen een redelijke termijn en zonder ernstige overlast voor de koper weg te nemen (artikel 7:21 lid 3 BW). Gelet daarop, alsmede gelet op het feit dat het defect in het HV-accupakket niet op eenvoudige wijze kan worden hersteld en het probleem met de versnellingsbak een gevaar voor de verkeersveiligheid oplevert, heeft de consument de koopovereenkomst ex artikel 7:22 lid 1 jo lid 2 BW buitengerechtelijk ontbonden. Tevens heeft de consument aanspraak gemaakt op vergoeding van een bedrag van €1.455,95 aan buitengerechtelijke kosten.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De discussie tussen partijen beperkt zich – nu de ondernemer reeds een groot aantal
klachten kosteloos heeft verholpen – tot slechts twee punten. Zo schakelt de auto niet naar behoren en is er een vermeend defect aan het HV-accupakket. De ondernemer spreekt uitdrukkelijk tegen dat er sprake is van non-conformiteit. De klachten staan niet aan het normale gebruik in de weg. De auto beantwoordde bij aflevering aan de koopovereenkomst. Bovendien leveren de beweerdelijke euvels geen gevaar op voor de verkeersveiligheid. Voorts gaat het om een auto die bij aflevering bijna 130.000 kilometer op de teller had staan en inmiddels acht jaar oud is. Er mag uiteraard minder verwacht worden van een occasion, dan van een nieuwe auto. Een auto is en blijft een gebruiksvoorwerp. De consument nam een risico door geen aankoopkeuring uit te laten voeren. Als klap op de vuurpijl zag hij uitdrukkelijk af van garantie. De ondernemer wil de gebreken overigens wel degelijk herstellen en dat ook eerder aangegeven, maar de consument wil daar niet op ingaan, omdat die de koop ongedaan wil maken.

Deskundigenbericht

Voor de bevindingen van de deskundige verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het oordeel van de deskundige op het volgende neer.

De deskundige heeft vastgesteld dat de automatische versnellingsbak op momenten niet goed functioneert. Ook de airconditioning functioneert volgens de deskundige niet. De andere gebreken waar de consument melding maakt zijn door de deskundige niet vastgesteld.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

De deskundige heeft vastgesteld dat de automatische versnellingsbak op momenten niet goed functioneert. Ook de airconditioning functioneert volgens de deskundige niet. Deze problemen zijn kort na de aankoop vastgesteld, waarmee het vermoeden bestaat dat de auto op die punten niet voldeed aan de eigenschappen die de consument bij aankoop mocht verwachten. De ondernemer heeft niet, althans onvoldoende, weersproken dat de problemen met de airco en automatische versnellingsbak reeds bij de aankoop aanwezig waren. Er is wat deze punten dus sprake van non-conformiteit. Niet alle klachten die de consument heeft aangevoerd en waarop deze de buitengerechtelijke ontbinding van de koopovereenkomst heef gebaseerd, zijn komen vast te staan. Zo is niet gebleken dat er sprake is van een gebrek aan het HV-accupakket.

Partijen verschillen voorts van mening over de vraag of de ondernemer zich bereid heeft verklaard om deze problemen te verhelpen c.q. de consument de ondernemer in (voldoende mate) in de gelegenheid heeft gesteld om de gebreken te herstellen. Tijdens de zitting heeft de ondernemer aangegeven dat hij de gebreken wil herstellen, maar zich daarbij afgevraagd of hij de consument daarmee tevreden kan stellen. Ook de consument heeft aangegeven weinig vertrouwen te hebben in de uitkomst van de herstelwerkzaamheden door de ondernemer.

Alles overziende is de commissie van oordeel dat de door de consument verlangde ontbinding van de overeenkomst niet gerechtvaardigd is, omdat de gebreken kunnen worden hersteld en de ondernemer aangeeft dat hij (alsnog) voor dat herstel wil zorgdragen. Omdat beide partijen weinig tot geen vertrouwen in hebben dat het herstel door de ondernemer tot een wederzijds bevredigende oplossing zal leiden, acht de commissie het beter dat de consument zelf bepaalt of en zo ja door wie hij de gebreken laat herstellen.

De kosten van herstel vormen een schadepost voor de consument. Gezien het feit dat er sprake is van non-conformiteit dient de ondernemer deze schade te vergoeden. De kosten van herstel zijn door de deskundige begroot (incl. BTW) in de bandbreedte tussen € 500,– en € 4.000,– voor de automaat en tussen € 100,– en € 500,– voor de airco. Omdat dit een bandbreedte betreft en de schade afhangt van de vraag aan wie de consument opdracht zal geven ter zake van het herstel en welke keuzes daarbij worden gemaakt, zal de commissie deze schade naar billijkheid vaststellen. De commissie zal de door de ondernemer te vergoeden kosten vaststellen op € 3.630, — incl. BTW. Een vergoeding voor buitengerechtelijke kosten acht de commissie gezien het voorgaande niet aan de orde.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht (deels) gegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

De commissie stelt de schade naar billijkheid vast op een bedrag van €3.630,– inclusief btw. De ondernemer dient dit bedrag binnen 30 dagen na de verzenddatum van dit bindend advies aan de consument te betalen.
Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van
€ 127,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. B.J. Tideman, voorzitter, de heer P.G. Nieuwenhuijse en de heer mr. B.W. Weilers, leden, op 24 april 2025.

Opslaan als PDF