Commissie: Voertuigen
Categorie: (non)conformiteit
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: gegrond
Referentiecode:
464323/782046
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument kocht een gebruikte Mercedes GLK 280 en ontdekte binnen acht maanden een defect aan de tussenbak. De Geschillencommissie Voertuigen oordeelde dat het gebrek de conformiteit van de auto aantastte en dat de ondernemer niet bereid was tot herstel. Omdat de ondernemer ook niet kon aantonen dat het defect door gebruik van de consument was ontstaan, werd de klacht gegrond verklaard. De ondernemer moet €2.000 schadevergoeding en €127,50 klachtengeld betalen.
De volledige uitspraak
BINDEND ADVIES
Geschillencommissie Voertuigen
Zaaknummer 464323/782046
Onderwerp van het geschil
Het geschil vloeit voort uit een op 29 augustus 2023 tussen partijen gesloten overeenkomst.
De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van een gebruikte Mercedes Benz, type GLK 280, 4-matic, tegen een door de consument te betalen prijs van € 19.000,–.
De overeenkomst is op 7 september 2023 uitgevoerd.
De consument heeft de klacht op 7 mei 2024 voorgelegd aan de ondernemer.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Bij de aankoop verzekerde de ondernemer dat de auto in orde was en dat het niet nodig was om extra BOVAG-garantie aan te kopen. Inmiddels is de tussenbak defect geraakt en is de ondernemer niet bereid om tot herstel over te gaan.
De consument vermoedt dat het gebrek is ontstaan omdat de auto met banden met een afwijkend profiel voor en achter heeft gereden en is afgeleverd. De consument begreep dat bij een dergelijke auto 4 banden met een gelijk profiel moeten zijn gemonteerd.
De consument heeft de BOVAG ingeschakeld om tussen partijen te bemiddelen. Dat heeft niet tot het door hem gewenste resultaat geleid.
De consument heeft geen vertrouwen meer in de ondernemer en deed het voorstel tot het delen van de kosten, zodat de auto kan worden hersteld bij een bedrijf waarin de consument vertrouwen heeft.
Ter zitting heeft de consument verder nog in hoofdzaak het volgende aangevoerd.
De consument verlangt dat de auto wordt hersteld. Hij is wel bereid daaraan financieel bij te dragen. Na de aflevering zijn er 4 nieuwe banden opgezet. De ondernemer heeft één band vergoed en de overige drie banden zelf betaald.
Hij is bereid een bijdrage aan de herstelkosten te leveren, maar hij wil niet dat de ondernemer, die overigens geen eigen werkplaats heeft, de werkzaamheden uitvoert. De ondernemer communiceert niet en is ook niet ter zitting verschenen. De auto heeft inmiddels groot onderhoud gehad, slechts
de versnellingsbak is daarvan uitgezonderd. De consument weet niet wat de herstelkosten bij de merkdealer zijn.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De ondernemer stelt voor dat de consument de auto naar de garage van de ondernemer brengt om een analyse van het probleem te maken. De auto is van bouwjaar 2009 en in 2023 aangekocht. De auto heeft nooit problemen opgeleverd. Elke auto waarmee gereden wordt heeft slijtage en zal ook moeten worden onderhouden door de eigenaar. Het probleem is pas na 9 maanden ontstaan. De ondernemer weet niet hoeveel kilometer met de auto is gereden en op welke wijze met de auto is gereden. Bij de aflevering was alles in orde.
Deskundigenrapport
De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapport het volgende vastgesteld.
Nadere beschrijving van het voertuig
Het voertuig betreft een personenauto voorzien van een zes cilinder benzinemotor gekoppeld aan een automatische transmissie en een 4×4 aandrijflijn (4-Matic).
Het voertuig verkeert, gelet op de leeftijd en gepresteerde kilometers, in een goede staat. Wij troffen het voertuig aan op de parkeerplaats bij de ondernemer, zie foto 1.
Korte omschrijving van de klacht(en)
Uit aangeleverde opdrachtinformatie evenals gesprek met de consument vernamen wij de klacht, te weten:
• Tussenbak van de 4×4 aandrijflijn is defect, veroorzaakt een afwijkend bijgeluid.
De consument vermoed dat het defect is veroorzaakt, doordat het voertuig is geleverd met banden met een te grote afwijking in profieldiepte tussen de voor- en achterbanden. Dit zou een omtrek snelheidsverschil hebben doen veroorzaken met mechanische schade aan deze aandrijving tot gevolg.
Vaktechnisch oordeel
Als eerste willen wij opmerken dat er bij de ondernemer GEEN werkplaats en/of hefbrug aanwezig was om het voertuig aan de onderzijde goed te kunnen inspecteren.
Uit inspectie van het voertuig op de parkeerplaats is duidelijk geworden dat het voertuig momenteel voorzien is van vier identieke banden, van het merk Vredestein en type Quatrac Pro in de maat 235/60R17 102V. Alle banden zijn voorzien van nagenoeg gelijke profieldiepte, gemiddeld 5,5 millimeter. Afbeelding van een meting van de profieldiepte, zie foto 2.
Er waren, voor zover controleerbaar op de locatie, geen sporen van een vloeistof lekkage ter plaatse van de automatische transmissie, tussenbak evenals het achterste differentieel.
Vervolgens hebben wij de voertuigelektronica met behulp van onze diagnoseapparatuur gecontroleerd op storingen en data, zie foto 3. Zowel het geregistreerde chassisnummer als ook de tellerstanden in de voertuig elektronica, waren overeenkomstig met respectievelijk het ingeslagen chassisnummer van het voertuig en de afgelezen tellerstand op het instrumentenpaneel. Er bleken geen relevante storingen opgeslagen in de voertuig elektronica. Er is 65.535 kilometer gereden na het wissen van de foutcodes in het motormanagement.
Na de algehele inspectie van het voertuig hebben wij gezamenlijk met de consument en de ondernemer een proefrit gemaakt met het voertuig. Al vrijwel direct bij het wegrijden is er een duidelijk afwijkend “zoemend c.q. gonzend” geluid waarneembaar in het voertuig. Voor zover op gehoor te bepalen, is er sprake van een defecte lagering van de eindaandrijving van de automatische transmissie, danwel 4×4 tussenbak. De 4×4 tussenbak is bij het betreffende voertuig achter op de automatische transmissie gepositioneerd, zie voorbeeld bij een gelijkwaardig voertuig foto 4.
Gelet op onze ervaring met het betreffende merk en type voertuig is er sprake van een defecte lagering van de 4×4 tussenbak. Echter achtten wij nader onderzoek/ diagnose een vereiste, alvorens demontage. Na het onomstotelijk vaststellen van een defect in de 4×4 tussenbak, dient men deze te demonteren en te splitsen, voor nader onderzoek en/of reparatie.
In zijn algemeen willen wij opmerken, dat eenzelfde merk en type banden en een gelijke profieldiepte bij een 4×4 voertuig zowel tussen links en rechts, als voor en achter, van belang is ter voorkoming van omwenteling verschillen van de wielen. In de regel wordt een maximaal profieldiepte verschil van 2 millimeter toegestaan. De huidige profieldiepte voldoet hier ruimschoots aan. Het is door ons niet herleidbaar hoe de situatie in het verleden is geweest.
Het huidige defect duidt op een technisch gebrek van de lagering van de 4×4 tussenbak wat bij dit voertuig type, veelal GEEN verband kent met het presteren van het voertuig met verschillende banden danwel profieldieptes.
Er is, voor zover herleidbaar uit verkregen documentatie en de huidige tellerstand van het voertuig, na de verkoop tot aan ons onderzoek 31.220 kilometer met het voertuig gereden.
Uit verkregen werkplaats documentatie is duidelijk geworden dat de automatische transmissieolie voor het eerst bij 50.000 kilometer en/of 3 jaar dient te worden ververst en hierna elke 125.000 kilometer en/of 5 jaar.
Bij de laatst verricht onderhoudsbeurt is er een registratie van – 50.000 kilometer geregistreerd. Er is door ons geen registratie vastgesteld dat de automatische transmissieolie op enig moment is vervangen.
Er is geen registratie van schade bij het Bond van Verzekeraars te Nederland. Het schadeverleden in het buitenland is voor ons niet inzichtelijk.
Herstel
Is herstel technisch mogelijk?: ja
Indien de lagering van de 4×4 tussenbak defect is, is dit te herstellen en bedragen de totale herstelkosten gemiddeld € 2.500,– exclusief BTW. Hierbij willen wij opmerken dat de herstelkosten sterk afhankelijk zijn van de gekozen reparateur en herstelwijze.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
In het onderhavige geschil klaagt de consument over een gebrek van de tussenbak van de 4×4 aandrijflijn, die een afwijkend geluid maakt.
De ondernemer voert verweer.
De commissie stelt voorop dat nu geen van de partijen op- of aanmerkingen heeft gemaakt over het rapport van de door haar ingeschakelde deskundige, zij diens bevindingen zal overnemen en tot de hare zal maken.
Uit dit rapport volgt dat de deskundige de klacht van de consument heeft vastgesteld. Er lijkt sprake te zijn van een defecte lagering van de eindaandrijving van de automatische transmissie.
Voor wat betreft het beroep van de consument op het conformiteitsvereiste overweegt de commissie het volgende.
In de eerste plaats stelt de commissie vast dat sprake is van een consumentenkoop tussen partijen als bedoeld in artikel 7:5 van het Burgerlijk Wetboek (BW).
Op grond van artikel 7:17 lid 1 BW is een verkoper verplicht een zaak af te leveren die aan de overeenkomst beantwoordt. Verder volgt uit artikel 18a lid 2 BW dat bij een consument wordt vermoed dat een zaak niet aan de overeenkomst beantwoordt, als de afwijking van hetgeen is overeengekomen zich binnen een termijn van 12 maanden na de aflevering openbaart. Als de zaak niet aan de overeenkomst beantwoordt kan herstel worden verlangd en kan onder de voorwaarden van artikel 7: 22 BW ontbinding en prijsvermindering worden verlangd.
De commissie dient eerst vast te stellen of de consument voldoende bewijs heeft geleverd van een gebrek in de zin van artikel 7:17 BW en vervolgens of dit gebrek meebrengt dat de auto niet aan de overeenkomst beantwoordt. De auto is niet-conform als deze door het gebrek niet de eigenschappen bezit die de consument op grond van de overeenkomst mocht verwachten. Dit hangt af van de aard van de zaak en van de mededelingen die de verkoper over de zaak heeft gedaan. In zijn algemeenheid mag de koper in ieder geval verwachten dat de auto de eigenschappen bezit die voor een normaal gebruik van de zaak nodig zijn en waarvan hij de afwezigheid niet behoefde te betwijfelen.
Naar het oordeel is voldoende aannemelijk geworden dat sprake van een gebrek dat aan de conformiteit in de weg staat. Uit de stukken blijkt voorts dat de ondernemer niet bereid is geweest tot herstel over te gaan, zodat het de consument vrijstaat de auto elders te laten herstellen en de kosten (deels) op de ondernemer te verhalen. Evenmin heeft de ondernemer het bewijs geleverd dat het opgetreden gebrek te wijten is aan het gebruik van de auto door de consument.
Ook heeft de ondernemer niet weersproken dat de communicatie niet naar behoren is geweest en is de ondernemer niet ter zitting verschenen en dus heeft hij hetgeen de wel verschenen consument ter zitting naar voren heeft gebracht, niet weersproken.
Gelet op de leeftijd en het aantal met de auto gereden kilometers is het niet redelijk de ondernemer te belasten met de volledige kosten van herstel en zal zij de kosten, te voldoen door de ondernemer, naar billijkheid begroten op een bedrag van € 2000,–, de eventuele BTW daarin begrepen.
De slotsom is dat de klacht van de consument gegrond is.
Derhalve wordt beslist als volgt.
Beslissing
De ondernemer betaalt een bedrag van € 2.000,– aan de consument. De betaling dient plaats te vinden binnen 4 weken na de verzenddatum van dit bindend advies.
De commissie wijst het meer of anders verlangde af.
Bovendien is de ondernemer gehouden het door de ondernemer betaalde klachtengeld van € 127,50 aan de consument te vergoeden en zal aan de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bijdrage in de behandelingskosten in rekening worden gebracht.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, de heer B.H. Oving, mevrouw mr. E.J.P.J.M. Kneepkens, leden, op 14 juli 2025.
De uitspraak die de commissie heeft gedaan, is bindend voor beide partijen en vormt het sluitstuk van de procedure. De commissie kent geen mogelijkheid om tegen de uitspraak in beroep te gaan of deze te herzien. Ook niet in het geval van nieuwe feiten of argumenten. U kunt wel binnen 2 maanden na de verzenddatum van de uitspraak aan de burgerlijke rechter vragen de uitspraak te vernietigen. De andere partij heeft die mogelijkheid ook.
De rechter kan de uitspraak vernietigen als hij vindt dat de uitspraak onaanvaardbaar is; inhoudelijk of door de wijze van totstandkoming. Wanneer de uitspraak niet binnen 2 maanden door een van de partijen aan de burgerlijke rechter is voorgelegd door dagvaarding van de andere partij, kan de uitspraak niet meer ongedaan gemaakt worden.