Klachten over gasverbruik en calorische correctie ongegrond verklaard

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: (Niet) Ontvankelijkheid / Jaarafrekening    Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 495903/620082

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument diende drie klachten in over gasverbruik, calorische berekening en temperatuurcorrectie. De commissie oordeelt dat het verbruik correct is berekend op basis van slimme meterdata en dat de calorische correctie volgens geldende regels is toegepast. De temperatuurcorrectie gebeurt automatisch via de slimme meter. Een nieuwe klacht over teruglevering is niet ontvankelijk. De klacht is ongegrond.

De volledige uitspraak

Samenvatting
Het geschil betreft klachten die verband houden met het door de ondernemer aan de consument in rekening te brengen verbruik van gas.

De consument heeft de klacht 8 juli 2023 aan de ondernemer voorgelegd.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Ook na meerdere contacten met de ondernemer heeft de consument geen concrete oplossingen gekregen betreffende zijn klachten.

Klacht 1 betreft het verschil in m3 gas in de periode van 1 maart 2023 tot 1 mei 2023. Volgens de verbruiksmanager van de ondernemer bedraagt het verbruik in die periode 130 m3, terwijl het historische verbruik 78,81 m3 bedraagt. Een verschil van 51,19 m3.

Klacht 2 betreft de berekening van de calorische waarde van het geleverde gas. De ondernemer berekent deze over de volle maand. Als een contract niet op de eerste van de maand aanvangt wordt er 13 maal de calorische waarde berekend. De ondernemer berekent 652.837203 m3, terwijl de consument uitkomt op 649.894538 m3. Een verschil van 02.942665 m3 gebaseerd op de looptijd van het contract van 24 september 2022 – 23 september 2023.

Klacht 3 betreft de berekening van de temperatuurcorrectie voor inkomend gas. De ondernemer geeft daarover geen duidelijke uitleg terwijl op de website van de ACM wordt aangegeven dat slimme meters geplaatst na 2015 dit uit zichzelf al corrigeren.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De constatering van de consument dat er verschil bestaat tussen de weergave van het gasverbruik van de verbruiksmanager en de historische verbruiksdata is volkomen juist. De ondernemer heeft aan de consument uitgelegd dat dit het gevolg is van het feit dat van verschillende data gebruik wordt gemaakt. De ondernemer mag slechts data van de slimme meter gebruiken voorzover de consument daarvoor toestemming geeft. Dat heeft de consument vanaf 25 februari 2023 gedaan. Voor die datum heeft de ondernemer dus geen inzage gehad in de meetdata van de consument. Dit blijkt uit een door de ondernemer in het verweer opgenomen schermafbeelding van Energie Data Service Nederland.

De waarde van de verbruiksmanager is steeds een fictieve waarde, die niet aan de consument in rekening wordt gebracht. De consument wordt afgerekend op zijn werkelijke verbruik. De afwijkende waarde heeft dan ook geen enkele consequentie voor de consument.

De klacht betreffende de calorische waarde. Op het werkelijke geregistreerde gasverbruik wordt een correctie toegepast omdat de kwaliteit van het gas in Nederland niet overal gelijk is. Dat heeft weer invloed op de verbrandingswaarde van het gas. Gas met een hogere verbrandingswaarde geeft meer energie en een lager verbruik vergeleken met gas van een lagere kwaliteit. Om ervoor te zorgen dat afnemers hiervan geen voordeel of nadeel hebben wordt een calorische correctie toegepast, aan de hand van calorische waarden. De calorische waarden worden als gemiddelde per maand aangegeven. Dit betekent dat de ondernemer het werkelijk gemeten verbruik van een bepaalde maand moet corrigeren aan de hand van deze gemiddelde calorische waarden. Dit is gedaan door de ondernemer zoals de consument ook aangeeft. De stelling van de consument dat hij daardoor 13 maal de calorische waarde betaalt, is onjuist omdat niet wordt betaald voor calorische waarden. Slechts het werkelijke geregistreerde verbruik wordt na het toepassen van de calorische correctie in rekening gebracht. Er is geen sprake van dagwaarden van de calorische gaswaarden. Om die reden klopt de berekening van de consument niet. Het uitgangspunt is een maandelijkse gemiddelde calorische waarde.

De temperatuurcorrectie. De consument geeft zelf al antwoord op zijn vraag/klacht. De slimme meter van de consument past die correctie automatisch toe. De ondernemer past geen correctie toe omdat sprake is van een slimme meter.

De consument heeft veelvuldig vragen gesteld over verschillende onderwerpen, die telkens door de ondernemer zijn beantwoord. Die antwoorden kwamen kennelijk niet overeen met het door de consument verlangde antwoord, maar dat betekent niet dat die antwoorden onjuist waren.

Ter zitting heeft de ondernemer verder – in hoofdzaak – nog het volgende aangevoerd.

De nieuwe klacht van de consument over de teruglevering van elektriciteit kent de ondernemer niet. Daarover heeft de consument geen klacht bij de commissie ingediend. De consument dient in die klacht niet-ontvankelijk te worden verklaard.

Over alle (overige) klachten heeft alvorens de zaak bij de commissie aanhangig werd gemaakt een vanaf september/oktober 2023 een uitvoerige discussie plaatsgevonden. De uitleg en antwoorden kwamen niet overeen met hetgeen de consument verwachtte.

De berekening van de calorische waarde door de consument is cijfermatig wel juist, maar wijkt af van de gehanteerde methode, zoals die is voorgeschreven en door de netbeheerders wordt gemaakt.

De slimme meter van de consument corrigeert zelf de temperatuur.

De ondernemer blijft bij zijn verweer.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

In dit geschil klaagt de consument over de antwoorden van de ondernemer op met name een drietal vragen van de consument. De consument acht die antwoorden onvoldoende en niet juist.

Ook stelt de consument een nieuwe klacht in die niet voorkomt op het klachtformulier en waarover hij volgens de ondernemer niet eerder bij de ondernemer heeft geklaagd.

Conform het verzoek van de ondernemer zal de commissie, nu haar niet gebleken is dat de consument overeenkomstig het bepaalde in artikel 6 van haar reglement de klacht bij de ondernemer heeft ingediend alvorens de klacht bij de commissie in te dienen, de consument dan ook niet-ontvankelijk verklaren.

Voor het overige volgt de commissie het standpunt van de ondernemer.

De commissie acht de gegeven uitleg over het verschil van het gasverbruik tussen de verbruiksmanager en het historische gasverbruik helder en duidelijk. Bovendien is door de consument niet betwist dat hij slechts betaalt voor het werkelijke geregistreerde gasverbruik en niet op basis van een fictief verbruik. De consument heeft dan ook geen belang bij deze klacht.

De uitleg van de berekening van de calorische waarde door de ondernemer is naar het oordeel van de commissie duidelijk en in overeenstemming met de op dat punt geldende systematiek. Ook dit klachtonderdeel wordt afgewezen.

Dat lot treft ook het derde klachtonderdeel van de consument. De ondernemer kon volstaan met de wijzen op de aanwezigheid van een slimme meter, die de correctie zelf uitvoert, zoals door de ACM wordt aangegeven en waarnaar de consument zelf ook verwijst.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
De commissie verklaart de consument niet-ontvankelijk in zijn klacht over de (berekening van de) terugleververgoeding.

Voor het overige wijst de commissie het door de consument verlangde af.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, mevrouw mr. W.H. van Oorspronk , de heer drs. L. van Rootselaar , leden, op 14 november 2024.

Opslaan als PDF