Geen bewijs van gebrek aan auto – opzegvergoeding blijft verschuldigd

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Private Lease    Categorie: (non)conformiteit    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 1084029/1219924

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument wilde het private‑leasecontract beëindigen zonder opzegvergoeding omdat de auto volgens hem steeds startproblemen had. De ondernemer liet de auto uitgebreid testen, maar er werd geen technisch gebrek gevonden. Een onafhankelijke deskundige (DEKRA) bevestigde dat de accu telkens leegraakte, maar dat dit niet door een defect van de auto kwam. De consument had de auto al ingeleverd en de ondernemer had de opzegvergoeding verlaagd naar € 1.000. De consument heeft recht op een vergoeding voor minder gereden kilometers (€ 448,76). De commissie vindt het redelijk dat de consument het resterende bedrag van € 551,24 moet betalen. De klacht is daarom ongegrond.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Het geschil betreft betaling van de opzegvergoeding.

De consument heeft een bedrag van € 1000,- niet betaald en bij de commissie gedeponeerd.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

In verband met zich steeds herhalende startproblemen die de dealer van de consument niet kan oplossen, wil de consument van het leasecontract af. De consument is van mening dat hij de opzegvergoeding niet verschuldigd is. Hij stelt voor het private leasecontract nu te verbreken zonder opzegvergoeding, verwijdering van de BKR-registratie en terugbetaling van de vooruitbetaling.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Op aangeven van de fabrikant is de auto op allerlei mogelijk manieren gecontroleerd, getest en zijn er metingen uitgevoerd. Hierbij is de auto nagenoeg elke dag gebruikt. Sinds dat de auto de laatste keer is gebracht door de consument hebben zich geen problemen voorgedaan en zijn er geen afwijkingen aan de auto gevonden. De conclusie moet zijn dat de auto gewoon goed is. Verzocht wordt de klacht ongegrond te verklaren.

Onderzoek door de deskundige

De commissie heeft onderzoek laten doen door DEKRA, die daarvan schriftelijk rapport heeft uitgebracht. Dit rapport dient als hier herhaald en ingelast te worden beschouwd.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

Uit hetgeen door partijen is aangevoerd en ingebracht alsmede gelet op hetgeen de deskundige heeft gerapporteerd is niet komen vast te staan dat de auto gebreken heeft. Weliswaar lijkt de accu telkens te worden leeg getrokken maar niet is gebleken dat dit wordt veroorzaakt door een technisch gebrek aan de auto maar door een oorzaak gelegen buiten de auto. In ieder geval kan dit niet voor rekening en risico van de ondernemer komen.
Uit hetgeen partijen (desgevraagd) ter zitting nog hebben aangegeven, komt naar voren dat de auto door de consument is ingeleverd en de ondernemer de vergoeding voor het vroegtijdig opzeggen van het contract van 1403,92 euro heeft gematigd naar een bedrag van 1000 euro. De consument heeft nog recht op een vergoeding voor minder gereden kilometers, ten bedrage van 370.88 euro exclusief 21 %BTW, zijnde inclusief BTW 448,76.
Het komt de commissie dan ook redelijk voor dat de ondernemer recht heeft op betaling van genoemde 1000 euro onder aftrek van de aan de consument hiervoor toekomende vergoeding voor minder gereden kilometers, zijnde 551,24 euro.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is en zal bepalen dat van het depot 551,24 euro zal worden uitbetaald aan de ondernemer en 448,76 euro aan de consument. De BRK-registratie is al verwijderd zodat de commissie daarover geen uitspraak behoeft te doen.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

De commissie verklaart de klacht ongegrond.
Met inachtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag als volgt verrekend. Van het depot moet 551,24 euro worden uitbetaald aan de ondernemer en moet 448,76 euro worden uitbetaald aan de consument.

Wijst het meer of anders gevorderde af.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Private Lease, bestaande uit de heer mr. N. Schaar, voorzitter, de heer drs. C.J. Bal, mevrouw mr. E.J.P.J.M. Kneepkens, leden, op 9 december 2025.

Opslaan als PDF