Budgetaccommodaties voldoende toegelicht

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Reizen    Categorie: Accommodatie    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 1152405/1266257

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument vindt dat hij veel te veel heeft betaald voor een pakketreis naar het buitenland. Volgens hem waren de geboekte hotels simpel, lagen ze ver van bezienswaardigheden en waren ze niet geschikt voor een baby. Hij zegt dat de werkelijke waarde van de reis veel lager was dan de prijs die hij betaalde en dat de ondernemer niet eerlijk was over de prijs en de kwaliteit. De commissie oordeelt dat de ondernemer duidelijk heeft uitgelegd wat “budgetaccommodaties” in dat land betekenen en dat de consument daarmee akkoord is gegaan. Hij heeft geen bewijs geleverd dat de reis echt veel goedkoper had moeten zijn. Er is ook geen sprake van misleiding. Daarom is de klacht ongegrond en krijgt de consument geen vergoeding.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Het geschil betreft een pakketreis naar [land] met vertrek op 7 februari 2025.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De consument is van mening dat hij te veel heeft betaald voor de reis die hij heeft geboekt. De werkelijke waarde van de reis was ongeveer € 130,– en niet € 280,– zoals de ondernemer de consument in rekening heeft gebracht. Uit vergelijkend marktonderzoek blijkt de waarde van de reisweek inclusief marge rond € 3.500, — te liggen. De ondernemer is niet transparant over de prijsopbouw van de reis.

De consument is met zijn gezin langer in [land] gebleven en heeft toen gemerkt dat hij zelf luxere accommodaties kon boeken op betere locaties tegen lagere prijzen dan die de ondernemer heeft aangeboden en in rekening heeft gebracht. De accommodaties die de ondernemer heeft verkocht aan de consument waren eenvoudig en ver van de bezienswaardigheden. Bovendien waren er geen voorzieningen voor kinderen; de baby van de consument was mee op reis. Hij is akkoord gegaan met het boeken van budgethotels, maar wist niet wat hij daaronder moest verstaan. Pas in [land] had hij een referentiekader. Twee dagen voor het einde van de reis heeft de consument contact opgenomen met de ondernemer. Door de hectiek van de nieuwe omgeving en het reizen met een baby was het er niet eerder van gekomen. De reis was hem anders voorgespiegeld. De consument heeft € 8.750, — betaald voor de reis en vraagt restitutie van een bedrag van € 5.000, — wegens misleiding.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De consument heeft bij de boekingsbevestiging de reissom van € 8.740,50 geaccepteerd. Die prijs is gebaseerd op basis van afspraken met lokale partners en dat is wezenlijk anders dan losse boekingen via internet. Bij het aangaan van de overeenkomst is gekozen voor budgetaccommodaties. De consument is ingelicht over het feit dat het in de accommodaties gaat om kleine kamers, vaak buiten het centrum gelegen en zonder standaard babyvoorzieninge. Hem is ook aangeraden om zelf voor de baby een tentje mee te nemen.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

Duidelijk is dat de consument teleurgesteld is in de kwaliteit van de geboekte reis en meent dat hij daarvoor te veel betaald heeft.

De vraag die de commissie moet beantwoorden is, of de ondernemer daarvan een verwijt gemaakt kan worden. De commissie is van oordeel dat dat niet het geval is.

De consument heeft niet betwist dat de ondernemer hem voor het boeken van de reis heeft uitgelegd wat een budgetaccommodatie inhoudt in [land]. Verder is ook niet weersproken dat de consument er door de ondernemer op is gewezen dat die accommodaties vaak buiten het centrum zijn gelegen en dat daarin geen babyvoorzieningen verwacht kan worden. De commissie constateert dat de consument desondanks de reis heeft geboekt.
Dat de consument zich onvoldoende gerealiseerd heeft wat dat voor hem zou betekenen zal zo zijn, maar daarvan kan de ondernemer geen verwijt worden gemaakt. Dat de consument voor het boeken van de reis zich voldoende heeft laten inlichten en op die punten heeft doorgevraagd, blijkt niet uit de stukken.

De consument stelt dat hem uit vergelijkend marktonderzoek is gebleken dat de waarde van de reisweek inclusief marge rond € 3.500, — zou liggen. De commissie constateert dat een deugdelijke onderbouwing van die stelling ontbreekt. Het enkele feit dat de consument stelt ter plaatse kwalitatief goede accommodaties te hebben geboekt tegen een naar zijn zeggen lagere prijs, betekent niet zonder meer dat de ondernemer die ook zo aan de consument had moeten aanbieden. Overigens ontbreekt ook van die stelling een deugdelijke onderbouwing door de consument in het dossier.

Voor een geslaagd beroep op misleiding moet komen vast te staan dat de ondernemer de consument bewust en met kwade opzet op het verkeerde been heeft gezet wat de reis en de accommodaties betreft.
Daarvan is naar het oordeel van de commissie niet gebleken.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Reizen, bestaande uit mevrouw mr. I.E. de Vries, voorzitter, de heer J.J.M. Crijnen, de heer mr. J.H. Willems, leden, op 23 september 2025.

Opslaan als PDF