Commissie: Energie
Categorie: Bevoegdheid commissie
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Onbevoegdverklaring
Uitkomst: onbevoegd
Referentiecode:
468018/560121
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument klaagt over de kosten voor de reparatie van een warmtepomp. De ondernemer stelt dat de consument geen contractspartij is, omdat de warmtepomp ooit is gekocht door de vorige eigenaar van de woning. De consument beroept zich op een zogenoemd kwalitatief recht, maar de vraag is of dat voldoende is om een geschil bij de commissie te kunnen voeren. De commissie legt uit dat zij alleen bevoegd is als beide partijen een overeenkomst hebben gesloten waarin staat dat zij zich onderwerpen aan het bindend advies van de commissie. Dat is hier niet het geval: de consument heeft geen contract met de ondernemer, en de ondernemer wil niet meewerken aan behandeling door de commissie. Daarom is de commissie niet bevoegd om het geschil te behandelen.
De volledige uitspraak
Samenvatting
De commissie is niet bevoegd het geschil te behandelen.
Beoordeling
Tussenadvies
Het geschil heeft betrekking op de reparatiekosten van een kapotte warmtepomp. De zaak zal dan ook op een zitting behandeld moeten worden. De commissie dient zich dan ambtshalve de vraag te stellen of zij bevoegd is van het geschil kennis te nemen. In dat opzicht heeft de ondernemer erop gewezen dat de rechtsvoorganger van de consument (degene van wie hij zijn huis heeft gekocht) heeft gekozen voor koop van de duurzame energievoorziening. Terzake die koopovereenkomst is de consument geen contractspartij van de ondernemer. De consument beroept zich op een kwalitatieve verplichting (bedoeld zal zijn: kwalitatief recht) waarop hij een beroep op non-conformiteit baseert. Het is echter de vraag of hem dit een contractuele aanspraak jegens de ondernemer verschaft. De commissie geeft partijen in overweging met elkaar te rade te gaan om overeenstemming erover te bereiken het geschil aan de commissie voor te leggen ter bindende advisering. Dit ter voorkoming van een procedure bij de rechter.
Oordeel van de commissie
Art. 3 van het reglement van de commissie bepaalt dat de commissie bevoegd is een geschil te behandelen, indien en voor zover partijen zijn overeengekomen zich aan het bindend advies van de commissie te onderwerpen. Toen de consument zijn woning kocht van de oorspronkelijke koper van de installatie is in de akte van levering overeengekomen dat de consument rechten en plichten die aan de woning verbonden zijn heeft verkregen bij de bedrijven bij de eigendomsoverdracht van de woning zelf. De consument ontleent daaraan de ondernemer te kunnen aanspreken op non-conformiteit van de waterpomp die deel uitmaakt van de door de oorspronkelijke koper gekochte installatie. Dit moet worden beschouwd als een kwalitatief recht dat door de consument jegens de ondernemer geldend kan worden gemaakt, maar dat maakt toch niet dat tussen partijen een contractuele relatie bestaat als bedoeld in artikel 3 van het reglement van de commissie. De enkele omstandigheid dat de ondernemer heeft gereageerd op een melding van de consument maakt nog niet dat tussen partijen een overeenkomst is gesloten. De commissie is dus niet de bevoegde instantie om het geschil te behandelen. Ook ter zitting heeft de ondernemer nogmaals te kennen gegeven niet te willen meewerken aan behandeling van het geschil door de commissie waardoor hij zich een procedure bij de rechter had kunnen besparen.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat zij niet bevoegd is het geschil te behandelen.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De commissie is niet bevoegd het geschil te behandelen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. D.J. Buijs, voorzitter, de heer R.A. Timmer, mevrouw mr. M.J. Boon, leden, op 21 maart 2025.