Aannemer blijft integraal aansprakelijk voor een correcte nakoming van wat is afgesproken, ook als werkzaamheden door onderaannemer zijn uitgevoerd

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit een in november 2009 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot:

Het renoveren van de badkamer; diverse installatiewerkzaamheden; het leveren en leggen van laminaat; tegen de daarvoor door de consument te betalen prijs van in totaal € 28.869,-.

De overeenkomst is uitgevoerd op of omstreeks februari 2010.

De consument heeft op 13 september 2010 de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Standpunt van de consument

Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.

Ik heb de volgende vier klachten.

1. de radiator die in de woonkamer gemonteerd is wordt maar gedeeltelijk warm.

2. een transformator van de verlichting in de badkamer is stuk. De ondernemer heeft beloofd om de trafo te vervangen maar dat is tot op heden nog niet gebeurd;

3. de kitrand naast het bad is losgelaten.

4. de radiator van de kamer op de eerste verdieping heeft gelekt, waardoor de muur/stuclaag is aangetast. Daardoor is het laminaat ook nat geworden. Het laminaat is gaan zwellen en de vloer is bol gaan staan en er staan nu meerdere naden open.

In reactie op het rapport van de deskundige wil ik nog het volgende aanvoeren:

Mijns inziens wordt de betreffende radiator maar voor 50% warm. De ondernemer dient volgens mij een nieuw te leveren radiator te monteren en werkend op te leveren. Niet vergeten mag worden dat voordat het laminaat kan worden verwijderd, de kamer nog leeggehaald moet worden. Dit kost extra tijd. Alle herstel moet voor de consument kosteloos worden uitgevoerd.

Ter zitting heeft de consument verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.

Ik blijf bij wat door mij is aangevoerd. Op zich is juist dat ik mijn klacht over de kitrand niet eerst bij de ondernemer heb neergelegd. De bewuste radiator wordt nog steeds maar voor de helft warm. Een van de twee verlichtingstrafo’s in de badkamer is kapot. Het laminaat in de kamer boven ging op een geven moment bollen. Ik weet niet hoelang het toen al had gelekt via de niet goed aangedraaide knelkoppeling. We hebben de CV-installatie niet extra hoeven bijvullen. Ook is die installatie niet afgeslagen wegens verminderde druk in de leidingen. Ik ben bang dat hetzelfde laminaat niet meer kan worden besteld. Dat betekent dat ander laminaat moet worden toegepast met als gevolg dat het laminaat niet meer doorloopt tot in de overloop/gang. Het leeg moeten maken van deze kamer boven gaat veel tijd kosten, want een kast moet worden leeggemaakt en moet worden verwijderd. Na afloop moet deze weer worden opgebouwd en ingericht.

De consument verlangt herstel/nakoming door de ondernemer.

Standpunt van de ondernemer

Door de ondernemer is geen schriftelijk standpunt in het geding gebracht.

Ter zitting heeft de ondernemer – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.

Voor de installatiewerkzaamheden heb ik een onderaannemer in de arm genomen. De betreffende radiator (een showmodel dat de consument voor een scherpe prijs van mij heeft gekocht) is door de installateur verkeerd aangesloten. Ik toon u dat hier ter zitting aan met behulp van een tekening. Deze radiator kan op verschillende wijzen worden aangesloten. Zoals het nu door de onderaannemer is gebeurd is fout. De aansluiting kan eenvoudig goed werkend worden gemaakt. Ik ben nog steeds bereid om dat te (laten) doen. De deskundige heeft het dus niet bij het rechte eind als hij verklaart dat de radiator een inwendige constructiefout heeft die een goede doorstroming in de weg staat. Het klopt dat 1 trafo van de halogeenverlichting in de badkamer kapot is.

De ondernemer is bereid die te vervangen, en vervanging is ook technisch mogelijk. Over de kitrand heeft de consument nimmer tegenover de ondernemer geklaagd. Ik vind dat principieel, want ik ben nu niet in de gelegenheid gesteld om die kitrand te verwijderen en te vernieuwen. Daartoe ben ik nog steeds bereid. Een loszittende knelkoppeling heeft inderdaad gezorgd voor lekkage in de betreffende slaapkamer. Ook dit is de onderaannemer te verwijten. Deze lekkage is verholpen door het aandraaien van die knelkoppeling. Op de wand is net boven de vloer zichtbaar dat het vocht onder het laminaat aldaar heeft gezorgd voor schimmelvorming. Het is de consument te verwijten dat ze de laminaat vloer niet snel heeft laten verwijderen om de zaak te laten drogen. De consument had de schade aldus kunnen verminderen. Eerlijk gezegd vindt ik dit een verzekeringskwestie. De inboedelverzekeraar van de consument moet de verzekering van mij of van de onderaannemer maar aanspreken.

Deskundigenrapport

De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapport, voor zover thans van belang, het volgende vastgesteld.

Alleen de consument was aanwezig bij mijn bezoek ter plaatse. De ondernemer vond het niet nodig om bij het onderzoek aanwezig te zijn. De ondernemer is daartoe telefonisch uitgenodigd op. Ik heb toen gesproken met [een medewerker].

Mijn vaktechnische beoordeling is de volgende:

Ad 1: De radiator is op de juiste manier aangesloten. Hij wordt maar voor 60% warm en dat is goed links onder in te voelen. Ik neem aan dat er een probleem in de tussenschotjes van de radiator zit. Het is dan een productie fout.

Ad 2: De transformator zit in het plafond achter de spotjes. Ik kan dan ook niet goed zien wat er aan de hand is. Toen de ondernemer hem monteerde werkte hij echter goed maar na een paar weken niet meer. De ondernemer dient een nieuwe transformator te leveren.

Ad 3: De kitrand heeft inderdaad klosgelaten. Op de meegezonden foto is dit moeilijk te zien, maar er zit een naad tussen de kit rand en het bad.

Ad 4: De lekkage is een gevolg van een niet goed aangedraaide koppeling.

Er is niet goed op de klacht van de klant gereageerd.

Herstel is technisch mogelijk, en wel als volgt:

1. De ondernemer moet een nieuwe radiator leveren.

2. Een nieuwe transformator monteren.

3. Een nieuwe kitrand aanbrengen.

4. De muur onder de radiator schilderen.

Het laminaat uit de kamer halen, de nat geworden delen vervangen en het laminaat opnieuw leggen, en de plinten aanbrengen.

De kosten van herstel bedragen bij benadering:

Arbeidsloon en materialen: € 600,--

(kosten radiator en transformator zijn niet meegenomen in materiaalkosten, aangezien deze onder garantie vallen)

19% BTW: € 114,--

Totaal: € 714,--

Welke (visuele) consequenties heeft het door u aanbevolen herstel: een mooie afgewerkte opdracht.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

De klacht over (het loslaten van) de kitrand van het bad is door de consument niet eerst bij de ondernemer neergelegd met het verzoek om die klacht op te lossen. Zowel de hier van toepassing zijnde algemene consumentenvoorwaarden als het reglement van de commissie noopten de consument tot die aanpak. Nu de consument deze klacht “rauwelijks” heeft voorgelegd aan de commissie en door de ondernemer niet alsnog toestemming is gegeven om deze klacht hier “mee te nemen”, kan de commissie niet anders dan beslissen dat de consument in zoverre niet-ontvankelijk moet worden verklaard in haar klacht.

Tussen partijen staat vast dat de betreffende in de woonkamer gemonteerde radiator maar gedeeltelijk warm wordt. De door de ondernemer ter zitting aangeduide oorzaak van dat doorstromingsprobleem komt de commissie aannemelijk voor en zij zal de ondernemer als hoofdaannemer dan ook verplichten om bij wijze van nakoming/herstel deze radiator alsnog adequaat te laten aansluiten opdat dit doorstromingsprobleem wordt verholpen. De ondernemer heeft zich hiertoe ook bereid verklaard.

Dit zelfde geldt voor de noodzakelijk geworden vervanging van betreffende verlichtingstrafo in de badkamer. Ook hier is door de ondernemer - als hoofdaannemer - aangeboden om deze te vervangen door een nieuw, wel werkend exemplaar.

Wat dan nog resteert is de lekkage op de 1e verdieping. Tussen partijen staat genoegzaam vast dat die lekkage is veroorzaakt door een onvoldoende aangedraaide knelkoppeling in een leiding van de centrale verwarming nabij de betreffende radiator. Ook staat vast dat het hier een fout betreft die is gemaakt door de door de ondernemer ingeschakelde onderaannemer waarvoor de ondernemer dus ten volle aansprakelijk is. Immers wordt in artikel 7:751 van het Burgerlijk Wetboek bepaalt dat de aannemer aansprakelijk is en blijft voor een deugdelijke nakoming van aannemingsovereenkomst, ook als hij zich bij de uitvoering daarvan bedient van “hulppersonen”, zoals in casu een onderaannemer.

De consument wenst schadevergoeding in natura, te weten vervanging van de door het lekvocht aangetaste laminaatvloer met bijbehorende ondergrond. Dat recht kan haar niet worden ontzegd. De laminaatvloer is door vocht aangetast (bol staan) en onbruikbaar geworden, en zulks is door de ondernemer ook niet weersproken. Wel is door de ondernemer aangevoerd dat de consument hier schade aan de wanden had kunnen beperken door de laminaatvloer open te maken waardoor de ondergrond had kunnen drogen.

Daardoor was droging en verkleuring van de wanden vlak boven de vloer waarschijnlijk voorkomen en had geen sauswerk verricht hoeven te worden. De commissie accepteert dit verweer echter niet. Niet de consument maar de ondernemer had aanstonds na melding van de lekkage al datgene (al dat niet via de onderaannemer) moeten doen om schade en verdere schade te voorkomen. Dat is niet gebeurd terwijl daar kennelijk reden voor was. Zulks is de ondernemer te verwijten en niet de consument. Dit ook nu niet aannemelijk is geworden dat de consument kan worden verweten deze lekkageklacht veel te laat te hebben gemeld bij de ondernemer.

De ondernemer is dan ook gehouden om niet alleen de laminaatvloer met bijbehorende ondergrond te vernieuwen, maar ook om de sporen van opdroging/lekkage in de wanden weg te werken door de betreffende wanden adequaat te sausen zonder kleurverschil. In het geval het de ondernemer niet mocht lukken om herstel met hetzelfde laminaat uit te voeren, dient laminaat te worden toegepast dat het meest gelijkenis vertoont met wat eerder is aangebracht, waarbij de consument voor lief heeft te nemen dat het laminaat niet kan doorlopen vanuit de hal, maar dat mogelijk een scheidingsstuk moet worden toegepast. Zulks is inherent aan het product waarbij veelvuldig wijzigingen worden toegepast, waardoor een oudere versie niet meer verkrijgbaar kan zijn. Dat risico dient voor de consument te blijven. 

Voor het moeten ontruimen van deze kamer op de 1e verdieping alsmede voor de overlast die een gevolg is van het moeten vervangen van het laminaat zal de commissie de consument ten laste van de ondernemer een aanvullende schadevergoeding toekennen van € 350,--.

De ondernemer kan zich er niet met succes op beroepen dat de kwestie van de lekkage buiten hem om moet worden afgedaan door de inboedelverzekeraar van de consument met de verzekeraar van de onderaannemer c.q. de verzekeraar van de ondernemer. Zoals hiervoor reeds is overwogen, is en blijft de ondernemer als aannemer integraal aansprakelijk voor een correcte nakoming van wat is afgesproken. De consument is en blijft gerechtigd om deze met de lekkage verband houdende schadevordering zelfstandig in te stellen jegens de ondernemer als haar contractspartij en om op basis daarvan van de commissie een beslissing te vragen. Dat zou eerst anders zijn in de situatie dat de consument van haar eigen verzekeraar dan wel van de verzekeraar van de ondernemer of van diens onderaannemer in geld een schadevergoeding had ontvangen waarmee zij dan in eigen beheer de schade had moeten verhelpen. Gesteld noch gebleken is echter dat de consument voor een en ander financieel schadeloos is gesteld. Het omgekeerde is juist het geval: de inboedelverzekeraar van de consument heeft – kennelijk - te kennen gegeven de uitkomst en het feitelijk vervolg van deze procedure te willen afwachten.

Wel zal de commissie voor het vereiste herstel/nakoming door de ondernemer ruim de tijd geven opdat de ondernemer/onderaannemer voorafgaand daaraan een en ander nog kunnen voorleggen aan hun verzekeraar. Voor zich spreekt dat de consument daarmee in principe niets heeft uit te staan en daarvan niet afhankelijk is en kan worden gemaakt.

De slotsom is dat in na te melden zin moet worden beslist.

De wel ontvankelijke klachten van de consument zijn alle gegrond. Reden waarom de ondernemer op basis van het reglement van de commissie tevens gehouden om het klachtengeld te voldoen aan de consument.

Beslissing

De consument wordt alleen in haar klacht over het kitwerk van het bad niet-ontvankelijk verklaard om reden als voormeld.

De ondernemer verricht bij wijze van nakoming/herstel die werkzaamheden c.q. laat die werkzaamheden door een derde verrichten, die nodig zijn om de klacht(en) van de consument te verhelpen over:

1. het onvoldoende functioneren van de genoemde de radiator;

2. de betreffende niet werkende verlichtingstrafo in de badkamer.

3. het door vochtinwerking beschadigde laminaat met ondergrond op de eerste verdieping;

4 de door die vochtinwerking verkleurde/aangetaste wanden.

Herstel dient plaats te vinden op de wijze zoals hiervoor in de overwegingen is uiteengezet.

Een en ander dient te geschieden binnen een termijn van drie maanden na de verzenddatum van dit bindend advies.

Partijen dienen elkaar over en weer in de gelegenheid te stellen aan hun verplichtingen uit dit bindend advies te voldoen.

De ondernemer brengt de consument ter zake geen kosten in rekening.

De ondernemer betaalt aan de consument een aanvullende schadevergoeding van € 350,--. Dit bedrag moet zijn voldaan binnen zes weken na de verzenddatum van deze beslissing.

Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 50,-- aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Klussen- en Vloerenbedrijven op 3 februari 2012.

Commissie: Klussenbedrijven

Referentienummer: 58383

Delen?

Was deze informatie duidelijk?

“Om de gehele uitspraak te printen: klik alle subkopjes open en print dan de pagina”
Terug naar boven