Aanvraag vast contract stilzwijgend geaccepteerd; ondernemer moet tarieven corrigeren

  • Home >>
  • Energie >>
De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Tariefbepalingen    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: gegrond   Referentiecode: 1188210/1313022

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument vroeg op 11 april 2025 via de website van de ondernemer een nieuw vast energiecontract aan. Ze kreeg een ontvangstbevestiging waarin stond dat ze binnenkort de leveringsovereenkomst zou ontvangen. Enkele dagen later ontving ze echter een e‑mail waarin stond dat haar overeenkomst was beëindigd, waarna haar contract automatisch werd omgezet naar een variabel contract. Volgens de ondernemer moest de consument begrijpen dat deze e‑mail betekende dat haar aanvraag was geweigerd. De commissie volgt dat niet: de e‑mail verwees helemaal niet naar de aanvraag en kon redelijkerwijs niet worden opgevat als een afwijzing. Omdat de ondernemer ook niet binnen redelijke termijn duidelijkheid gaf, mocht de consument ervan uitgaan dat haar aanvraag stilzwijgend was geaccepteerd. Daarom moet de ondernemer alsnog met terugwerkende kracht het vaste contract aanbieden en de bijbehorende tarieven toepassen. De klacht is gegrond.

De volledige uitspraak

Samenvatting
De ondernemer heeft inadequaat gereageerd op een aanvraag van de consument voor een nieuw vast leveringscontract en het vaste contract omgezet naar een variabel contract. De commissie oordeelt dat de consument er in redelijkheid van mocht uitgaan dat de aanvraag was geaccepteerd, zodat de ondernemer alsnog met terugwerkende kracht het aangevraagde vaste contract dient aan te bieden en de tarieven conform dat contract in rekening dient te brengen.

Beoordeling
De consument heeft op 11 april 2025 via de website van de ondernemer een nieuw vast leveringscontract (1 jaar vast Groene Elektriciteit en/of Gas met loyaliteitskorting) aangevraagd om te voorkomen dat het lopende vaste contract automatisch zou overgaan naar een variabel contract. Op dezelfde datum heeft de ondernemer een ontvangstbevestiging verstuurd met de mededeling ‘Je ontvangt binnenkort, na validatie van je aanvraag, je leveringsovereenkomst op basis van onderstaande gegevens.’, met daaronder de vermelding van het product: ‘1 jaar vast Groene Elektriciteit en/of Gas met loyaliteitskorting’.
Op 14 april 2025 ontving de consument een email van de ondernemer, luidend: ‘We hebben jouw overeenkomst met [ondernemer] beëindigd. Het spijt ons te horen dat onze voordelige energietarieven je niet konden overtuigen om bij [ondernemer] te blijven.’ Vervolgens heeft de consument bemerkt dat haar contract door de ondernemer is omgezet naar een variabel contract. Bij navraag door de consument bleek dat de ondernemer zich op het standpunt stelt dat de consument uit zijn email van 14 april 2025 had moeten begrijpen dat diens aanvraag van 11 april 2025 was geweigerd, zodat het contract automatisch was voortgezet als variabel contract conform artikel 21.6 van de algemene voorwaarden.

De klacht van de consument richt zich tegen dat standpunt van de ondernemer, omdat volgens hem de weigering van de aanvraag niet in de email van 14 april 2025 te lezen is. De consument stelt dat de ondernemer niet binnen redelijke termijn aan hem heeft laten weten dat de aanvraag was geweigerd, zodat hij ervan uit mocht gaan dat het aangevraagde vaste contract was ingegaan. Hij wenst dat de ondernemer hem de tarieven in rekening brengt zoals hij die op 11 april 2025 heeft aangevraagd.

De ondernemer beroept zich op zijn email van 14 april 2025, die hij als weigering van de aanvraag beschouwt, met de erkenning dat de gekozen formulering duidelijker kan. Volgens de ondernemer is daarom geen nieuw vast contract tot stand gekomen, nu de aanvraag niet is geaccepteerd en geen contract bevestiging is verzonden. Het contract is terecht omgezet naar een variabel contract.

De commissie is van oordeel dat de klacht gegrond is. De inhoud van de email van 14 april 2014 kan in redelijkheid niet gelezen worden als een reactie op de aanvraag van 11 april 2025, nu deze daarnaar ook niet verwijst en van een beëindiging van de overeenkomst door de consument in het geheel geen sprake was. Blijft dat de ondernemer overigens niet binnen redelijke termijn aan de consument eenduidig uitsluitsel heeft gegeven naar aanleiding van de aanvraag van 11 april 2025, zodat deze er in redelijkheid op mocht vertrouwen dat die aanvraag stilzwijgend was geaccepteerd en dat hij de leveringsovereenkomst conform de aanvraag tegemoet kon zien.

Die beoordeling brengt mee dat de ondernemer alsnog met terugwerkende kracht de leveringsovereenkomst conform de aanvraag aan de consument dient aan te bieden en dat hem met terugwerkende kracht de leveringstarieven conform die overeenkomst in rekening dient te brengen.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
De ondernemer dient binnen 14 dagen na verzending van deze uitspraak met terugwerkende kracht de leveringsovereenkomst conform de aanvraag van 11 april 2025 aan de consument aan te bieden en hem met terugwerkende kracht de leveringstarieven conform die overeenkomst in rekening te brengen.

Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 52,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Deze behandelingskosten worden geheel betaald.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. R.J. van Boven, voorzitter, mevrouw mr. W.H. van Oorspronk, de heer drs. L. van Rootselaar, leden, op 9 oktober 2025.

Opslaan als PDF