Commissie: Recreatie
Categorie: onbevoegd(verklaring)
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Onbevoegdverklaring
Uitkomst: onbevoegd
Referentiecode:
874578/1118613
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
Een consument diende een klacht in bij de Geschillencommissie Recreatie over kosten die de ondernemer in rekening bracht voor het verwijderen van een elektriciteitsaansluiting op een recreatiepark. De consument wilde overstappen naar een aansluiting op het landelijke net, maar stelde dat de ondernemer een onredelijk hoog bedrag vroeg en dreigde geen toestemming te geven voor de nieuwe aansluiting als hij niet betaalde. De commissie oordeelde dat zij niet bevoegd is om de klacht te behandelen, omdat de RECRON-voorwaarden niet van toepassing zijn. Deze voorwaarden gelden alleen bij een overeenkomst voor het gebruik van een plaats op het park, terwijl de consument eigenaar is van zowel het chalet als de grond. Er is dus geen sprake van een huur- of gebruiksovereenkomst. De commissie verklaarde zich onbevoegd.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
Het geschil betreft de elektriciteitsvoorziening voor het chalet van de consument op het terrein van de ondernemer.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De ondernemer levert via een recreatienetwerk elektriciteit aan mijn recreatiechalet. Binnenkort zou door de netbeheerder een normale aansluiting op het landelijke net worden geleverd bij mijn chalet, waarna ik geen elektriciteit meer af zou nemen via het recreatiepark. De ondernemer vraagt onverwachts een onredelijk hoog bedrag voor het verwijderen van de aansluiting, mogelijk ook zonder dat daar een juridische grondslag voor is. Als ik niet akkoord ga met de daaraan gerelateerde kosten, dan geeft de ondernemer geen toestemming aan de netbeheerder voor het maken van de nieuwe elektriciteitsaansluiting. Hierdoor word ik mijn vrije keuze voor een energieleverancier gefrustreerd.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken, waarvan in het bijzonder het verweerschrift van 28 juli 2025. De inhoud daarvan dient als hier herhaald en ingelast te worden beschouwd. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Er is in deze overeenkomst geen sprake van toepasselijkheid van de RECRON-voorwaarden van HISWA-RECRON (of haar rechtsvoorgangers). Partijen hebben deze voorwaarden niet van toepassing verklaard. De onderliggende rechtsverhouding valt derhalve buiten de werkingssfeer van de commissie.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
De consument heeft aangegeven dat hij eigenaar is van zowel het betreffende chalet als de onderliggende grond.
De RECRON-voorwaarden (vaste plaatsen) zijn van toepassing in geval er sprake is van een overeenkomst tussen de recreant (in casu de consument) en de ondernemer inzake het gebruik van een plaats, waarbij ‘plaats’ wordt gedefinieerd als een plaats die is ingericht om gedurende het gehele jaar een kampeermiddel geplaatst te houden, ongeacht de periode van gebruik. Voor het gebruik van de plaats is de recreant aan de ondernemer jaargeld verschuldigd, dat wil zeggen de per overeenkomstjaar door de recreant aan de ondernemer verschuldigde vergoeding voor het gebruik van de plaats.
Nu vaststaat dat er geen overeenkomst is tussen de consument en de ondernemer inzake het gebruik van een plaats – de consument is immers eigenaar van de grond waarop het kampeermiddel staat – komt de commissie tot de conclusie dat de RECRON-voorwaarden (vaste plaatsen) niet van toepassing zijn en dat zij derhalve niet bevoegd is om de klacht van de consument in behandeling te nemen.
Op grond van het voorgaande zal de commissie zich onbevoegd verklaren het geschil te behandelen.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De commissie verklaart zich onbevoegd het geschil te behandelen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Recreatie, bestaande uit de heer mr. H.A. van Gameren, voorzitter, de heer P.W.M. Meijkamp, mevrouw mr. J.M. Huijsman- Hartkamp, leden, op 18 september 2025.