Commissie: Energie
Categorie: Jaarrekening
Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
1319220/1321211
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De Geschillencommissie Energie heeft geoordeeld dat de consument ten onrechte stelt dat de jaarrekening en tarieven van de ondernemer onjuist zijn. De consument meende dat de totaalprijs per kWh binnen zijn driejarige vaste contract onrechtmatig was verhoogd, omdat het leveringstarief gelijk bleef terwijl de totaalprijs steeg van € 0,21911 naar € 0,25634. Volgens hem kon dit niet worden verklaard door overheidsheffingen, omdat de energiebelasting juist was gedaald. De ondernemer legde uit dat binnen een vast contract alleen het leveringstarief vaststaat; belastingen, toeslagen en netbeheerkosten zijn variabel en mogen gedurende de looptijd worden aangepast. Uit de jaarafrekening bleek dat het leveringstarief van € 0,13348 per kWh correct was toegepast en dat de hogere totaalprijs volledig werd veroorzaakt door gestegen energiebelasting en hogere netbeheerkosten per 1 januari 2025. De commissie volgt dit standpunt en wijst erop dat het contract zelf duidelijk vermeldt dat belastingen en netbeheerkosten kunnen wijzigen en worden doorberekend. Hoewel de ondernemer verwarring heeft veroorzaakt door een nieuwe contractversie met aangepaste bedragen toe te sturen, is dit geen reden om de klacht toe te wijzen. De commissie verklaart de klacht daarom ongegrond en wijst het verzoek om restitutie af.
De volledige uitspraak
Samenvatting
De consument beroept zich er ten onrechte op dat de door de ondernemer opgestelde jaarrekening niet correct is.
Onderwerp van het geschil
Het geschil vloeit voort uit een op 29 maart 2024 met de ondernemer tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van gas en elektra voor de periode 1 juni 2024 tot en met 1 juni 2027.
De consument heeft de klacht eerst voorgelegd aan de ondernemer.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Mijn driejaars leveringscontract vermeldt voor elektriciteit € 0,21911 (totaalprijs enkeltarief) waarvan leveringstarief € 0,13348. Na het eerste jaar heeft de ondernemer het contract (met, heel verwarrend, dezelfde ingangs- en documentdatum!) gewijzigd naar € 0,25634 met hetzelfde leveringstarief van
€ 0,13348. Het verschil kan dus alleen de overheidsheffingen betreffen. De energiebelasting is echter gedaald. Ook bij de levering van gas wijkt dit af.
De ondernemer mag voor het volgende jaar alleen de totaalprijs per KWh verhogen op basis van overheidsheffing. De verhoging van € 0,21911 naar € 0,25634 is niet gestoeld op overheidsheffingen.
De consument verlangt restitutie van het door hem teveel betaalde.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De consument heeft op 29 maart 2024 een leveringsovereenkomst voor elektriciteit en gas voor bepaalde tijd met vaste tarieven bij ons afgesloten. Dit contract loopt van 1 juni 2024 tot en met 1 juni 2027. De consument betwist niet dat er tussen hem en ons per 1 juni 2024 leveringsovereenkomsten met vaste tarieven voor bepaalde tijd gelden. Ook zijn niet in geschil onze voorwaarden die van toepassing zijn in de relatie tussen ons en de consument, die relevant zijn voor dit geschil. Het betreft:
a. “Leveringsvoorwaarden Vast Augustus 2023” (hierna: de Leveringsvoorwaarden Vast)
b. “Bevestigingsbrief Vast Contract.”
c. “Algemene voorwaarden voor de levering van elektriciteit en gas voor kleinverbruikers”
De klacht van de consument betreft een vermeende tariefsverhoging binnen een vast contract De consument heeft een overeenkomst voor de duur van drie jaar, lopende van 1 juni 2024 tot 1 juni 2027. Wij voeren aan dat wij de contractuele afspraken strikt zijn nagekomen en dat de door de consument geconstateerde prijsstijgingen buiten de invloedssfeer van de leverancier liggen.
Op verzoek van de consument is een nieuwe versie van het contract met de netbeheertarieven en belastingen van 2025 opgemaakt en aangeleverd. De klacht van de consument ziet op de verschillen in tarieven anders dan het leveringstarief, die ongewijzigd is gebleven.
In een contract met een vaste looptijd bij ons worden uitsluitend de leveringstarieven voor de gehele periode vastgezet. De totaalprijs per eenheid (kWh of m³) is een optelsom van dit vaste leveringstarief en variabele componenten zoals overheidsheffingen (energiebelasting) en netbeheerkosten.
Conform de Algemene Leveringsvoorwaarden, artikel 3, en het contract zijn wij gerechtigd en verplicht om wijzigingen in belastingen en netbeheerkosten gedurende de looptijd door te berekenen aan de consument.
De consument wijst op een stijging van de totaalprijs voor elektriciteit van € 0,21911 naar € 0,25634 per kWh.
● Vast leveringstarief: Het overeengekomen tarief (enkeltarief) bedraagt € 0,13348 per kWh (inclusief
btw). Uit de jaarafrekening blijkt dat wij consequent dit tarief hebben gehanteerd.
● Energiebelasting: De energiebelasting is per 1 januari 2025 door de overheid vastgesteld op € 0,12286 per kWh (inclusief btw)
De nieuwe totaalprijs van € 0,25634 is de optelsom van het ongewijzigde leveringstarief (€ 0,13348) en de nieuwe energiebelasting (€ 0,12286). De stijging is dus volledig toe te schrijven aan een externe belastingwijziging.
● Netbeheerkosten: Tevens zijn de netbeheerkosten voor elektriciteit per 1 januari 2025 gestegen van
€ 1,09541 naar € 1,24860 per dag (inclusief btw).
Voor de levering van gas geldt een vergelijkbaar principe:
● Vast leveringsdeel: De componenten waar wij controle over hebben (enkeltarief, regiotoeslag en
CO2-compensatie) vormen samen een vast totaal van € 0,51100 per m³ (inclusief btw). Dit deel is gedurende de gehele periode ongewijzigd gebleven.
● Externe factoren: Hoewel de energiebelasting op gas licht is gedaald naar € 0,69957 per m³ (inclusief btw), zijn de transportkosten van de netbeheerder (Stedin) gestegen.
● Netbeheerkosten: De dagelijkse kosten voor de gasaansluiting zijn per 1 januari 2025 gestegen van
€ 0,44915 naar € 0,51038 (inclusief btw). Dit verklaart de toename in de totale kosten voor de klant, ondanks het vaste leveringstarief.
Wij hebben aangetoond dat de leveringstarieven voor zowel elektriciteit als gas exact conform de overeenkomst van 29 maart 2024, geldend van 1 juni 2024 t/m 1 juni 2027, zijn gehanteerd. De prijsstijgingen waar de klant over klaagt, zijn het resultaat van wijzigingen in overheidsbelastingen en tarieven van de netbeheerder. Vandebron heeft hierop geen invloed en is op basis van de geldende voorwaarden gerechtigd deze kosten door te berekenen.
Wij verzoeken de Geschillencommissie de klacht ongegrond te verklaren.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
Tussen partijen is niet in geschil dat de consument een driejarig contract heeft afgesloten bij de ondernemer. Het geschil spitst zich toe op de vraag welk bedrag de consument dient te betalen. Is dit
€ 0,21911 (totaalprijs enkeltarief) per kilowattuur dan wel € 0,25634. Niet in geschil is dat in deze bedragen een leveringstarief van € 0,13348 is opgenomen en dat het surplus een bedrag voor belastingen, toeslagen en netwerkkosten betreft.
De commissie zal het door de consument verlangde afwijzen nu in het door partijen afgesloten contract de hiervoor bedoelde totaalprijs enkeltarief is opgenomen, maar ook (op pagina 4) een Voorbehoud belastingen, toeslagen en netbeheerkosten, luidende: `De kosten voor energiebelasting, opslag van duurzame energie en netbeheer zijn gebaseerd op de tarieven in het relevante kalenderjaar. Wij hebben helaas geen invloed op de hoogte hiervan. Deze kosten worden namelijk door de overheid en de netbeheerder bepaald. Deze tarieven kunnen tijdens de looptijd van je contract veranderen. Naast deze kosten worden ook de vermindering energiebelasting en/of btw aan jou doorberekend.’
Dit impliceert dat de ondernemer inderdaad het totaalbedrag per kilowattuur mocht vaststellen op
€ 0,25634.
Tot slot wijst de commissie erop dat ondernemer voor onnodige verwarring heeft gezorgd door, toen de consument informatie inwon, deze een overeenkomst toe te sturen met daarin de aangepaste bedragen.
De commissie is derhalve van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer prof. mr. A.W. Jongbloed, voorzitter, de heer R.A. Timmer, mevrouw J.M.A. van Haren, leden, op 9 februari 2026.