Commissie: Energie
Categorie: Bewijs / Jaarafrekening
Jaartal: 2026
Soort uitspraak: tussenadvies
Uitkomst: aanvullende informatie nodig
Referentiecode:
1327942/1330585
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument betwist de eindafrekening van haar energieleverancier, omdat een deel van het gasverbruik is geschat nadat de gasmeter defect raakte en werd vervangen. Volgens de consument is onduidelijk hoe deze schatting tot stand is gekomen en kreeg zij hierover wisselende uitleg. De ondernemer stelt dat hij verplicht is de door de netbeheerder aangeleverde gegevens te gebruiken. Omdat de commissie onvoldoende informatie heeft om te beoordelen of de geschatte meterstand juist is, wordt de netbeheerder bij de procedure betrokken. De netbeheerder moet uitleg geven over de defecte meter, de verbruikscorrectie en de gebruikte berekeningen. Daarna volgt een definitieve uitspraak.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
Het geschil betreft de hoogte van de eindnota van 2 januari 2026, met name voor wat betreft de omvang van het in rekening gebrachte gasverbruik.
De consument heeft op 4 januari 2026 de klacht bij de ondernemer ingediend.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De eindafrekening is onjuist. Gedurende het jaar is de gasmeter defect geraakt en vervangen. Om die reden is het gasverbruik op de eindafrekening geschat. De consument vroeg meerdere malen aan de ondernemer om de uitgangspunten bij de gemaakte schatting, maar kreeg telkens afwijkende en onjuiste antwoorden. Eerst zou het om het daadwerkelijk gebruik en later om door het meetbedrijf doorgegeven standen gaan. Dit is niet juist en komt niet overeen met de standen die door het meetbedrijf bij het vervangen van de meter zijn doorgegeven. De consument wil betalen voor haar werkelijke verbruik, maar wil begrijpen waarop de schatting is gebaseerd. De ondernemer wil de berekening van de schatting niet overleggen. De maanden dat de meter defect is zijn maanden met een laag gasverbruik.
De consument verlangt dat samen met de netbeheerder uitgezocht wordt in hoeverre de geschatte gasstand accuraat is en als dat niets oplevert dat het verbruik wordt gebaseerd op het gemiddelde verbruik in dezelfde maanden in 2026.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Op 13 januari 2026 liet de ondernemer aan de consument weten dat het verschil in gasverbruik dat in rekening is gebracht en het gasverbruik zoals vermeld in het verbruiksoverzicht en het klantenportaal wordt veroorzaakt door een storing in de meter. Het nader gespecificeerde verbruik houdt in dat een volume van 1260 m3 in rekening gebracht. Het verbruik is gebaseerd op een beginstand per 22 december 2022 van 5.631, de laatste stand van de oude meter van 6404 en de stand van de nieuwe meter op 22 december 2025 van 459. Tevens is een correctiefactor gehanteerd. Op een vraag van de consument over de eindstand van de oude meter antwoordde de ondernemer dat deze stand van de netbeheerder was overgenomen en dat als de consument nadere informatie verlangt over de gehanteerde rekenmethodiek, zij het beste contact met de netbeheerder kan opnemen.
Uit artikel 5.3.2.6 van de Informatiecode volgt – kort samengevat – dat ingeval een defect in een meter van een kleinverbruik aansluiting wordt vastgesteld, de netbeheerder het teveel of te weinig geregistreerde verbruik dient vast te stellen voor de periode dat de meetinrichting niet correct functioneerde.
De ondernemer heeft in overeenstemming met de Informatiecode de door de netbeheerder in het TMR aangeleverde meterstand overgenomen en het daarmee overeenstemmende verbruik bij de consument is rekening gebracht.
Voor zover de consument van mening is dat de netbeheerder bij het vaststellen van de eindstand van de oude meter onjuist heeft gehandeld, ligt het in de rede dat zij zich tot de netbeheerder wendt voor een nadere toelichting, nu deze de rekenmethodiek vaststelt en toepast.
Ter (digitale) zitting heeft de ondernemer verder nog het volgende naar voren gebracht.
In feite is er geen geschil met de ondernemer, maar met de netbeheerder. De ondernemer hoopte dat de netbeheerder direct in het geding zou worden betrokken. De ondernemer heeft contact opgenomen met de netbeheerder, die heeft uitleg gegeven, en bleek niet bereid de standen te corrigeren
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
In dit geschil klaagt de consument over de hoogte van de verbruikscorrectie in verband met een tijdelijk niet goed functionerende meter. De consument is er niet van overtuigd dat het juiste verbruik in rekening is gebracht.
Partijen hebben er geen bezwaar tegen dat de netbeheerder in het geding wordt betrokken om de door hem vastgestelde meterstand toe te lichten.
De commissie is van oordeel dat alvorens een beslissing te kunnen nemen die recht doet aan partijen de netbeheerder in het geding dient te worden betrokken.
Zij verzoekt de netbeheerder om:
– Een standpunt in te nemen;
– Uitleg te geven over het functioneren van de oud gasmeter;
– Uitleg te geven over de verbruikscorrectie, de gehanteerde uitgangspunten en de daaraan ten grondslag liggende berekeningen over te leggen en deze te specificeren over de betreffende periode.
Derhalve wordt beslist als volgt.
Beslissing
De netbeheerder, wordt in dit geschil betrokken om een (schriftelijk) standpunt in te nemen en informatie te verschaffen zoals hiervoor is overwogen.
Partijen worden in staat gesteld om schriftelijk op het door de netbeheerder ingenomen standpunt te reageren, waarna de commissie op basis van de stukken – verder – bindend zal adviseren, tenzij een partij aangeeft een nadere mondelinge behandeling op prijs te stellen.
De commissie houdt iedere – verdere – beslissing aan.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, mr. W.H. van Oorspronk en J.M.A. van Haren, leden, op 7 mei 2026.