Commissie: Thuiswinkel
Categorie: Betaling
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
889362/979254
De uitspraak:
https://www.degeschillencommissie.nl/uitspraken/commissie-bevoeg…ar-te-behandelen/Waar gaat de uitspraak over?
De consument stuurde op 12 oktober 2024 een Thule fietskar retour naar het filiaal van de ondernemer, met een aankoopwaarde van €1.424,99. Volgens PostNL werd het pakket op 16 oktober bezorgd, maar het filiaal ontkent ontvangst. De commissie oordeelde dat het risico van retourzending bij de consument ligt en dat onvoldoende bewijs bestaat dat de fietskar daadwerkelijk is ontvangen. Omdat de consument het pakket niet aangetekend of verzekerd verzond, komt het verlies voor zijn rekening. De klacht werd ongegrond verklaard.
De volledige uitspraak
BINDEND ADVIES
Geschillencommissie Thuiswinkel
Zaaknummer 889362/979254
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft de retourzending van een gekochte en geleverde Thule fietscar.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De consument heeft de fietscar besteld op de website van de ondernemer waarop vermeld stond dat deze beschikbaar was in het filiaal te [plaatsnaam]. Via dat filiaal is de fietscar naar de consument verzonden. De consument heeft de fietscar vervolgens op 12 oktober 2024 retour gestuurd, na aanmelding daarvan bij de ondernemer, naar het filiaal te [plaatsnaam]. Volgens track and trace van PostNL is de retourzending op 16 oktober 2024 bij dat filiaal bezorgd. Volgens het filiaal te [plaatsnaam] echter is de fietscar nooit ontvangen en weigert men de aankoopprijs ad € 1.424,99 terug te betalen. De consument wenst dat bedrag alsnog te ontvangen.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De consument heeft nagelaten de fietscar aangetekend en verzekerd naar het filiaal terug te sturen, zodat de niet ontvangst voor haar eigen risico is. Het is gebleken dat de bezorging volgens PostNL heeft plaatsgevonden toen de winkel was gesloten. De handtekening die volgens PostNL voor ontvangst is geplaatst is onbekend bij het filiaal te [plaatsnaam]
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
Het risico bij een retourzending van een door een ondernemer geleverd product, ligt in beginsel bij de consument. Deze dient te bewijzen dat de ondernemer het product daadwerkelijk heeft ontvangen. Weliswaar is de verklaring van de verzender ingebracht dat het pakket is afgeleverd, echter de ondernemer heeft daartegen aangevoerd dat het filiaal gesloten is op het tijdstip waarop het pakket door de verzender zou zijn afgeleverd en aangevoerd dat de handtekening die zou zijn gezet voor ontvangst onbekend is bij de ondernemer.
Bij deze stand van zaken is onvoldoende komen vast te staan dat het pakket met daarin de fietscar daadwerkelijk door de ondernemer is ontvangen. Daarbij is mede van belang dat de consument, gelet op de waarde van de fietscar, heeft nagelaten het pakket verzekerd te verzenden. Dit niet verzekeren dient dan ook voor rekening en risico te komen voor de consument.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De commissie verklaart de klacht ongegrond en wijst het door de consument verlangde af.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Thuiswinkel, bestaande uit de heer mr. N. Schaar, voorzitter, de heer mr. S.L.R. van Nuijs, de heer mr. P.C. de Klerk, leden, op 1 juli 2025.
De uitspraak die de commissie heeft gedaan, is bindend voor beide partijen en vormt het sluitstuk van de procedure. De commissie kent geen mogelijkheid om tegen de uitspraak in beroep te gaan of deze te herzien. Ook niet in het geval van nieuwe feiten of argumenten. U kunt wel binnen 2 maanden na de verzenddatum van de uitspraak aan de burgerlijke rechter vragen de uitspraak te vernietigen. De andere partij heeft die mogelijkheid ook.
De rechter kan de uitspraak vernietigen als hij vindt dat de uitspraak onaanvaardbaar is; inhoudelijk of door de wijze van totstandkoming. Wanneer de uitspraak niet binnen 2 maanden door een van de partijen aan de burgerlijke rechter is voorgelegd door dagvaarding van de andere partij, kan de uitspraak niet meer ongedaan gemaakt worden.