Consument heeft lichamelijk letsel opgelopen door onvoorzichtige remmanoeuvre van de chauffeur.

  • Home >>
  • Taxivervoer >>
De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Taxivervoer    Categorie: Schadevergoeding    Jaartal: 2013
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: TAX08-0010

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil betreft de vraag of en in hoeverre aan de chauffeur van de taxi te verwijten is dat een plotselinge stevige remmanoeuvre nodig was waardoor de consument naar voren schoot en haar pols zwaar blesseerde.   De consument heeft op 22 december 2007 de klacht voorgelegd aan de ondernemer.   Standpunt van de consument   Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.   De chauffeur zat mobiel, niet handsfree te bellen en lette onvoldoende op waardoor hij een noodstop moest maken om een aanrijding met een stilstaande auto te voorkomen.   De consument verlangt vergoeding van inkomens- en medische schade tot een totaal bedrag van € 520,–.   Standpunt van de ondernemer   Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.   De chauffeur heeft niet handsfree gebeld. De consument had haar autogordel niet bevestigd.   Beoordeling van het geschil   De commissie heeft het volgende overwogen.   Vaststaat dat de consument en haar man op 14 december 2007 te 02.00 uur een taxi hebben genomen van [het casino] naar [de plaats van bestemming]. Op [een brede uitvalsweg] volgde de taxi de busbaan. Op die busbaan stond een andere taxi stil, om één of meer passagiers uit te laten. De chauffeur heeft dit relatief kort tevoren bemerkt en heeft vol op de rem gestaan en kwam tijdig tot stilstand. De consument zat achterin de taxi. Als gevolg van de remmanoeuvre schoot zij naar voren en hield beide handen voor zich om de klap met de voorbank zoveel mogelijk op te vangen Daardoor is haar pols/hand gekneusd, heeft ze zich onder medische behandeling moeten stellen en heeft zij een aantal dagen niet kunnen werken.   In de eerste plaats is van belang de vraag of de betreffende chauffeur al dan niet mobiel belde. In aanmerking genomen de gedetailleerde verklaringen van zowel de consument als haar echtgenoot, tegenover de eenvoudige ontkenning van de kant van de ondernemer, acht de commissie voldoende aannemelijk dat de chauffeur inderdaad niet handsfree mobiel heeft gebeld. Wellicht als gevolg daarvan is hij onvoldoende oplettend geweest en heeft hij de remmanoeuvre moeten maken.   Overigens, ook al zou dat anders zijn, dan nog moet aan de zijde van de ondernemer aansprakelijkheid voor de opgelopen schade worden aanvaard. Het is de hoofdverplichting van de vervoerder om passagiers veilig te vervoeren en ongedeerd op de plaats van bestemming af te leveren. Het enkele feit dat de chauffeur een noodstop diende te maken op een goed verlichte brede weg (busbaan) met ruim voldoende zicht, omdat hij een stilstaande auto niet voldoende tijdig had opgemerkt, moet worden beschouwd als een fout die tot deze aansprakelijkheid leidt.   Vervolgens dient bespreking de vraag naar het gebruik van de veiligheidsgordels. Vaststaat dat het ging om driepuntsgordels, ook achterin, waar de consument gezeten was. Gegeven haar lezing van het gebeurde, moet het onwaarschijnlijk worden geacht dat zij de gordel heeft gedragen. Immers, in dat geval zou zij met deze driepuntsgordel niet zover naar voren zijn geschoten en met haar handen bepaald onzacht met de voorstoel in aanraking zijn gekomen, waardoor de kneuzing is ontstaan. Bij een driepuntsgordel moet worden verwacht dat deze de schouder had tegengehouden, met mogelijk ondervonden pijn daar; schade aan de polsen als in case ligt dan ook niet voor de hand.   Dat leidt ertoe dat een deel van de schade voor haar rekening komt, welk deel de commissie stelt op 50%.   Het onderhavige voorval geeft de commissie aanleiding het volgende op te merken. Op inzittenden van auto’s rust, behoudens uitzonderingen c.q. ontheffingen, de verplichting autogordels te dragen. De commissie heeft zich niet aan de indruk kunnen onttrekken dat in dit geval, doch ook in vele andere gevallen, passagiers van taxi’s niet worden gewezen op deze verplichting, terwijl dit wel op de weg van de ondernemers en de chauffeurs ligt. Om die reden acht de commissie het van belang dat in toekomstige gevallen de chauffeur daadwerkelijk maatregelen neemt om te zorgen dat passagiers de gordels dragen. Tevens zou het met het oog op hun veiligheid aanbeveling verdienen om, bij voldoende plaats, te bevorderen dat passagiers achterin plaatsnemen, nu dat de meest veilige plaatsen in auto’s blijken te zijn.   Gelet op het vorenstaande acht de commissie de klacht ten dele gegrond.   Beslissing   De ondernemer betaalt aan de consument een vergoeding van € 260,–. Betaling dient plaats te vinden binnen een maand na de verzenddatum van dit bindend advies.   Indien betaling niet tijdig plaatsvindt, betaalt de ondernemer bovendien de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de verzenddatum van het bindend advies.   De commissie wijst het meer of anders verlangde af.   Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 25,– aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.   Aldus beslist door de Geschillencommissie Taxivervoer op 8 december 2008.