Consument is onterecht niet ingegaan op voorstellen ondernemer bij prijsfout televisie

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Thuiswinkel    Categorie: Prijs en betaling    Jaartal: 2020
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: Ongegrond   Referentiecode: 2258/6337

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over

De consument klaagt over de ondernemer die hem een LG-televisie heeft verkocht. De consument heeft hierbij gebruikt gemaakt van een kortingscode waardoor er € 350,– van de oorspronkelijke prijs af ging en de consument dus € 929,– heeft betaald. Volgens de ondernemer was er sprake van een prijsfout en was het niet de bedoeling dat de kortingscode nog gebruikt kon worden. De prijs is niet redelijk in verhouding tot de andere prijzen op de Nederlandse markt. Ook is de betreffende televisie niet meer leverbaar. De ondernemer heeft na aanmelding van het geschil nog redelijke voorstellen gedaan om tot een oplossing te komen, maar de consument ging hier niet op in. De consument wil dat de ondernemer de overeenkomst nakomt. De commissie oordeelt dat de ondernemer, gezien het feit dat de televisie niet meer leverbaar was, alles heeft gedaan wat in redelijkheid van hem verwacht mocht worden. De consument is zonder goede reden niet op de voorstellen van de ondernemer ingegaan. De commissie verklaart de klacht ongegrond.

Volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil
Het geschil vloeit voort uit een op 22 februari 2019 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van een LG OLED55B8PLA televisie tegen de daarvoor door de consument te betalen prijs van € 929,–.

Het geschil betreft de vraag of sprake is van een deugdelijke overeenkomst, waaraan de ondernemer gehouden kan worden en of de voorstellen, die de ondernemer heeft gedaan ter oplossing van het geschil redelijk zijn.

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De consument heeft op 22 februari 2019 via de website van de ondernemer een de LG OLED55B8PLA televisie gekocht voor €929. De oorspronkelijke prijs van de televisie was € 1.279,–. Via een kortingscode op de site ging daar nog € 350,– van af.

De ondernemer heeft echter meegedeeld dat sprake was van een kennelijke prijsfout. De consument was het hier niet mee eens en hij heeft de ondernemer gevraagd om de oorspronkelijke overeenkomst na te komen. De ondernemer is daar niet toe over gegaan.

De consument heeft vervolgens een uitspraak van de commissie in een vergelijkbare zaak afgewacht. Inmiddels is er een uitspraak, waarin de commissie bevestigd heeft dat geen sprake is van een kennelijke prijsfout.

De ondernemer is echter niet bereid om alsnog de oorspronkelijke overeenkomst uit te voeren.

De consument verlangt nakoming van de oorspronkelijke overeenkomst.

Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Volgens de ondernemer is sprake van een kennelijke vergissing. De televisie is oorspronkelijk in prijs verlaagd naar € 1.279,–. Door een fout is een eerdere kortingscode voor het betreffende product echter online blijven staan. De adviesprijs van het toestel was € 1.999,–, een week voor de bestelling stond het voor € 1.799,– op de website. Het is niet aannemelijk dat de prijs dan binnen een week nog eens naar € 929,– zakt.

De prijs was niet redelijk in verhouding tot de andere prijzen op de Nederlandse markt.

De betreffende televisie is niet meer leverbaar. De ondernemer heeft desalniettemin na aanmelding van het geschil nog redelijke voorstellen gedaan om tot een oplossing te komen. Met de consument is echter geen overeenstemming bereikt.

Ter zitting heeft de ondernemer verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.

Uit de context van de bestelling heeft de ondernemer kunnen afleiden dat de consument het apparaat besteld heeft na een signaal op een website, die gericht is op het signaleren van vergissingen op websites van webwinkels. Door een technische misser was de code van een niet meer van toepassing zijnde kortingsbon, gekoppeld aan de televisie, nog in te vullen bij het plaatsen van een bestelling. De korting was op de website echter al verdisconteerd in de prijs. Door het invullen van de code werd dus tweemaal korting verkregen.

De ondernemer heeft de overeenkomst niet gestand gedaan. Er was immers duidelijk sprake van een vergissing, hetgeen ook duidelijk geweest moet zijn voor de consument. In een later stadium heeft de ondernemer iedereen die op de bewuste dag gebruikmakend van de kortingscode een bestelling heeft geplaatst nog een aanbod gedaan ter compensatie. Het betreffende apparaat is toen aangeboden voor € 1.199,–, in plaats van de werkelijke prijs van € 1.279,–. Nagenoeg alle bestellers hebben dat aanbod aanvaard. De consument heeft echter niets van zich laten horen.

Later heeft de ondernemer nog andere voorstellen gedaan. Daarbij betrof het telkens andere apparaten, omdat het apparaat waar het over gaat niet meer leverbaar was en is. Het laatste aanbod betrof een aanzienlijk moderner toestel, wezenlijk beter dan het apparaat waar het over gaat, dat aan de consument is aangeboden voor netto € 1.129,–. Ook van dit aanbod heeft de consument geen gebruik gemaakt.

Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.

De commissie neemt van de ondernemer aan dat sprake is geweest van een vergissing en dat de ondernemer nimmer de bedoeling heeft gehad om de code van de kortingsbon nog te laten gebruiken.

Naar het oordeel van de commissie is echter onvoldoende aannemelijk geworden dat ook voor een consument duidelijk was dat daarbij sprake was van een vergissing. De prijs die aan de consument voor het apparaat op zich berekend werd kwam ook overeen met de prijs waarvoor de ondernemer het apparaat heeft willen aanbieden.
De vergissing van de ondernemer heeft geen betrekking op de prijs van het product zelf, maar op de niet bedoelde bruikbaarheid van een eerder afgegeven kortingscode. Dat het kunnen gebruiken van de kortingscode niet de bedoeling van de ondernemer was, is naar het oordeel van de commissie niet evident kenbaar geweest voor een consument.

Na ontdekking van de vergissing heeft de ondernemer diverse voorstellen gedaan om met kopers tot een oplossing te komen. De noodzaak daartoe lag in het feit dat het betreffende apparaat niet meer leverbaar was en de ondernemer zich daarom genoodzaakt zag om voorstellen te doen waarbij het om andere apparaten ging, telkens uit latere series.
De diverse voorstellen zijn naar het oordeel van de commissie alleszins redelijk geweest. Dat blijkt ook uit het feit dat, zoals de ondernemer onweersproken heeft gesteld, nagenoeg alle andere partijen het voorstel geaccepteerd hebben.

Het laatste voorstel betrof een LG OLED 55C9 televisie voor € 1.229,–, waarbij nog een cashbackactie van LG voor € 100,– kwam. Dat apparaat zou de consument dus € 1.129,– gekost hebben. Uit informatie betreffende de ontwikkeling van marktprijzen is de commissie gebleken dat dit apparaat een gemiddelde prijs heeft van ruim boven € 2.000,–. Ook dit laatste voorstel van de ondernemer is derhalve alleszins redelijk geweest.

Naar het oordeel van de commissie heeft de ondernemer, gegeven het feit dat de televisie die aanvankelijk door de consument besteld is niet meer leverbaar was en is, al datgene gedaan wat in redelijkheid van de ondernemer verwacht mocht worden.

De consument is ten onrechte niet op de voorstellen van de ondernemer ingegaan.

Omdat de eerste redelijke voorstellen reeds voor het aanhangig maken van het geschil bij de commissie is gedaan, is de klacht ingevolge het reglement van de commissie in die zin derhalve ongegrond.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Thuiswinkel, bestaande uit mr. F.H.C.M. van Schaijk, voorzitter, mr. S.L.R. van Nuijs en mr. P.B. Vos, leden, op 30 januari 2020.