Consument krijgt € 1.200 schadevergoeding voor verzwegen schade Peugeot 308

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Voertuigen    Categorie: Overig    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: gegrond   Referentiecode: 673377/813924

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument kocht op 24 oktober 2023 een gebruikte Peugeot 308 voor € 15.950. Hij vroeg vooraf of de auto schade had gehad, wat door de ondernemer werd ontkend. Bij een latere reparatie werd echter schade ontdekt die niet goed was hersteld. Een deskundige bevestigde dat er eerder schade was geweest en dat onderdelen ontbraken of ondeugdelijk waren gemonteerd. De commissie oordeelt dat de consument terecht een beroep doet op dwaling. In plaats van de koop te vernietigen, krijgt de consument een vergoeding van € 1.200 plus € 127,50 klachtengeld. De klacht is gegrond.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit een op 21 oktober 2023 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van een gebruikte Peugeot 308, tegen een door de consument te betalen prijs van € 15.950,–.

De overeenkomst is op 24 oktober 2023 uitgevoerd.

De consument heeft de klacht op 5 september 2024 voorgelegd aan de ondernemer.
Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Bij de aankoop van de uit [plaatsnaam] geïmporteerde auto vroeg de consument uitdrukkelijk of sprake was van een schadeauto. Dat werd door de ondernemer ontkennend beantwoord.

Bij gelegenheid van de reparatie van een parkeerschade op 5 september 2024 constateerde het herstelbedrijf dat eerder sprake is geweest van een frontale botsing die niet volledig en goed is hersteld.

Diverse bemiddelingspogingen hebben niet tot een oplossing geleid.

Bij brief van 6 september 2024 liet de consument aan de ondernemer weten dat nu hij niet is geïnformeerd over het schadeverleden van de auto en de schade niet zichtbaar was zonder montage van de bumper, hij de koop op grond van dwaling wil vernietigen. Ook wenst de consument de kosten van de trekhaak op de ondernemer te verhalen, alsmede de kosten van een 2e sleutel.

De volgende gebreken zijn geconstateerd.

– Parkeersensoren voorzijde ontbreken;
– Onderdelen van de voorbumper ontbreken;
– Kleppensysteem ontbreekt;
– Motor kleppensysteem ondeugdelijk gemonteerd;
– Beugel claxon zit los;
– Scheurtje in wielkast.

Ter zitting heeft de consument verder nog in hoofdzaak het volgende aangevoerd.

Bij een parkeermanoeuvre is een auto tegen de auto van de consument aangereden. De consument toont de schadefactuur. Bij het herstel zag men de eerdere schade. Na de eerste schade was de auto voorzien van een nieuwe bumper. Dat is nogmaals gebeurd. De herstelkosten zijn door de verzekeraar van de wederpartij voldaan.

Het bedrijf is gestopt. Men reageert nergens meer op.

De consument kan in plaats van vernietiging van de koopoverkomst ook leven met een door de commissie te bepalen schadeloosstelling. De auto functioneert inmiddels naar behoren.

Standpunt van de ondernemer

De ondernemer heeft geen verweer gevoerd en niet gereageerd op de berichten van de consument. Wel blijkt uit de stukken van de BOVAG-bemiddeling dat de ondernemer zich op het standpunt stelt dat de consument de schade zelf heeft veroorzaakt. Men verklaart zich wel bereid het ontbrekende schuim aan de binnenzijde van de voorbumper te vergoeden.

Deskundigenbericht

De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft voor zover van belang het volgende vastgesteld.

Nadere beschrijving van het voertuig

Het voertuig betreft een personenauto voorzien van een drie cilinder turbo benzinemotor gekoppeld aan een handgeschakelde versnellingsbak. Het voertuig verkeert, gelet op de leeftijd en gepresteerde kilometers, in een goede staat. Wij troffen het voertuig aan in de werkplaats bij het bezoekadres te [plaats]

Korte omschrijving van de klacht(en)

Uit aangeleverde opdrachtinformatie en gesprek met de vader van de consument vernamen wij samenvattend onderstaande klachten/ opmerkingen:

1. De parkeersensoren aan de voorzijde zijn verwijderd en dicht gelast;
2. Er missen onderdelen in de voorbumper;
3. Het kleppensysteem (gecontroleerde luchtinlaatmodule) ontbreekt;
4. Het motortje van de gecontroleerde luchtinlaatmodule zit vast met een tie-wrap;
5. Er ontbreekt een gedeelte van het schuimstuk achter de voorbumper;
6. De beugel van de claxon zit los;
7. Een koplamp is met een schroef vastgezet;
8. Er zit een scheurtje in een wielkast;
9. De aandrijfas is defect.

Vaktechnisch oordeel

Onderstaand zullen wij per punt onze bevindingen vermelden:

1. De parkeersensoren aan de voorzijde zijn verwijderd en dicht gelast:

Er zijn GEEN parkeersensoren aanwezig in de voorbumper en door ons zijn in het huidige stadium ook GEEN “las” werkzaamheden aan de voorbumper vastgesteld. Tevens hebben wij geen losse stekkers vastgesteld welke dienen te worden aangesloten op de parkeersensoren.

Uit het opvragen van de wagenkaart bij de Peugeotorganisatie is duidelijk geworden dat het betreffende voertuig af-fabriek NIET is voorzien van parkeersensoren aan de voorzijde.

2. Er missen onderdelen in de voorbumper:

De voorbumper is, voor zover zonder demontage te beoordelen, intact en er ontbreken GEEN onderdelen.

3. Het kleppensysteem (gecontroleerde luchtinlaatmodule) ontbreekt:

De gecontroleerde luchtinlaatmodule welke voor het koelpakket (condensor en radiateur) is gepositioneerd, blijkt te ontbreken, zie foto 2. In de voertuig elektronica zijn 2 storingen opgeslagen welke duidden op een onjuiste werking van de gecontroleerde luchtinlaatmodule, zie onderstaande printscreen van de voertuig elektronica:

De stelmotor voor de bediening van de gecontroleerde luchtinlaatmodule blijkt met behulp van een kabelbinder aan de linker chassisbalk te zijn bevestigd.

4. Het motortje van de gecontroleerde luchtinlaatmodule zit vast met een tie-wrap:
Dit hebben wij vastgesteld, zie punt 3.

5. Er ontbreekt een gedeelte van het schuimstuk achter de voorbumper:

Het schuimstuk wat achter de voorbumper en tegen de voorbalk is bevestigd blijkt gebroken en is niet volledig. Het rechter gedeelte ontbreekt.

6. De beugel van de claxon zit los:

Ten tijde van ons bezoek bleek de claxon correct bevestigd. Wij hebben GEEN losse beugel vastgesteld.

7. Een koplamp is met een schroef vastgezet:

De koplampen waren, voor zover controleerbaar zonder demontage, intact en correct bevestigd. Wij hebben GEEN achteraf aangebrachte schroef vastgesteld. In de aangeleverde opdrachtinformatie hebben wij WEL vastgesteld dat de rechter koplamp was bevestigd met een schroef. De rechter koplamp is op enig moment vervangen. De productiedatum van de rechter koplamp is 15 juli 2024,

8. Er zit een scheurtje in een wielkast:

Tijdens ons onderzoek hebben wij geen scheur in een wielkast vastgesteld.

9. De aandrijfas is defect:

De homokineethoes van de rechter aandrijfas blijkt gescheurd en vet naar buiten te lekken/ slingeren.
De klemmen van de gescheurde homokineethoes zijn GEEN originele klemmen wat erop duidt dat de homokineethoes op enig moment al eens is vervangen. Het is onduidelijk op welke moment de homokineethoes defect is geraakt. Voor de APK dient de hoes intact te zijn.

Verder constateerden wij dat de aluminium steun voor de bevestiging van de intercooler is gebroken. De intercooler is aan de rechter voorzijde direct achter de voorbumper gepositioneerd. Het is onduidelijk op welk moment de steun defect is geraakt.

Met behulp van onze digitale laag/lak dikte meter hebben wij alle metalen/aluminium carrosserie delen onderzocht op eerder schade herstel c.q. het overspuiten van delen. Een 2-tal afbeeldingen van de verrichte lakdikte meting zie foto 7 en 8. Een normale standaard af-fabriek lak dikte voor metalen delen bedraagt circa 90 – 130 micron, voor aluminium delen 120 – 160 micron (1 micron = 0,001 mm).

Met name de motorkap en het linker voorportier vertonen een aanzienlijke lakdikte wat duidt op herstelwerkzaamheden met plamuur.

Samenvattend blijkt het voertuig sporen en een lakdikte te vertonen dat er op enig moment schadeherstel heeft plaats gevonden.

Wij hebben een schadeverledenpas opgevraagd waaruit duidelijk is geworden dat er een registratie is bij het verbond van verzekeraars van een schade op 6 juli 2024 bij een tellerstand van 27.247 kilometer. De schade is aan de rechterzijde vastgesteld en door Schadenet Ames te Zwijndrecht begroot op een totaalbedrag van € 3.678,33.

Herstel

Herstel is technisch mogelijk. Samenvattend achtten wij herstel noodzakelijk voor punten 3, 5 en 9. Evenals de steun voor de intercooler.

De herstelkosten zijn sterk afhankelijk van de gekozen herstelwijze en reparateur.

o De kosten voor het plaatsen van een nieuwe gecontroleerde luchtinlaatmodule schatten wij in op een totaalbedrag van € 560,- exclusief BTW.
o De kosten voor de montage van een nieuw schuimstuk schatten wij in op een totaalbedrag van € 175,– exclusief BTW. Let op er is sprake van gecombineerde werkzaamheden indien men het schuimstuk en de gecontroleerde luchtinlaatmodule gelijktijdig monteert.
o De kosten voor het vervangen van de rechter homokineethoes schatten wij in op een totaalbedrag van 175,- exclusief BTW.
o De kosten voor het vervangen van de intercoolersteun schatten wij in op een totaalbedrag van € 150,– exclusief BTW

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

In deze zaak klaagt de consument erover dat hij bij de aankoop van de auto niet over het schadeverleden is geïnformeerd terwijl daarvan wel sprake is geweest. De consument verlangt dat de overeenkomst wordt vernietigd althans dat aan hem een vergoeding wordt betaald door de ondernemer.

De commissie volgt het standpunt van de consument en zal, met toepassing van het bepaalde in artikel 6: 230 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek, een door de ondernemer te betalen schadeloosstelling opleggen.

Niet dan wel onvoldoende (gemotiveerd) weersproken staat in dit geding vast dat de consument bij de koop naar het schadeverleden heeft gevraagd en dat de ondernemer heeft bevestigd dat geen sprake was van een schadeauto. Daarbij komt dat een partij, die geen verweer voert en evenmin ter zitting verschijnt zichzelf de mogelijkheid ontneemt om eventuele bij de commissie levende vragen te beantwoorden en te reageren op hetgeen de wel verschenen partij ter zitting naar voren heeft gebracht.

Voorts blijkt uit het rapport van de deskundige weliswaar dat sprake is geweest van een schade in 2024, maar dat ook daarvoor sprake is geweest van een schade, die kennelijk niet aan de consument is gemeld en niet geheel deugdelijk was hersteld.

Op grond hiervan doet de consument dan ook een terecht beroep op dwaling. In plaats van de vernietiging uit te spreken zal de commissie dan ook een schadeloosstelling opleggen die het nadeel voor de consument van de overeenkomst in voldoende mate opheft.

De commissie volgt bij het bepalen van de schadeloosstelling grotendeels het rapport van de door haar ingeschakelde deskundige. Dit brengt mee dat de kosten voor het plaatsen van een nieuwe gecontroleerde luchtinlaatmodule, de kosten voor het plaatsen van het schuimstuk en de kosten van de intercoolersteun voor vergoeding in aanmerking komen. De kosten van het vervangen van de homokineethoes komen niet voor vergoeding in aanmerking nu de oorzaak daarvan veeleer slijtage is dan een anterieure schadegebeurtenis.

Al met al leidt dit tot een vergoeding van € 1.200,- (incl. BTW).

Op grond van het bovenstaande is de klacht van de consument gegrond.

Derhalve wordt beslist als volgt.

Beslissing
De ondernemer betaalt een vergoeding van € 1.200,– aan de consument. Betaling dient plaats te vinden binnen 4 weken na de verzenddatum van dit bindend advies.

Bovendien is de ondernemer gehouden het door de consument betaalde klachtengeld ten bedrage van
€ 127.50 aan hem te vergoeden.

Overeenkomstig het Reglement van de commissie zal aan de ondernemer een bijdrage in de behandelingskosten in rekening worden gebracht.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, de heer P.G. Nieuwenhuijse, mevrouw mr. E.J.P.J.M. Kneepkens, leden, op 19 juni 2025.

Opslaan als PDF