Commissie: Voertuigen
Categorie: Aansprakelijkheid
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
532170/ 760761
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument liet in februari 2024 zijn Renault Trafic repareren na motorschade door een gebroken distributieketting. Hij hoorde later een fluitend geluid en vermoedde dat de reparatie niet goed was uitgevoerd. Daarom betaalde hij de factuur van € 5.638,75 niet en diende een klacht in. Een deskundige onderzocht de auto en vond geen fouten in de uitgevoerde reparatie. Het fluitende geluid komt mogelijk van de turbo of het inlaatsysteem, maar dat vereist apart onderzoek. De commissie oordeelt dat de consument onvoldoende bewijs heeft geleverd en moet het bedrag alsnog betalen. De klacht is ongegrond.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Onderwerp van het geschil betreft het antwoord op de vraag of de ondernemer de reparatie die hij aan de auto van de consument heeft uitgevoerd goed heeft uitgevoerd en de consument gehouden is om
€ 5.683,75 aan de ondernemer te betalen voor de door hem uitgevoerde reparatiewerkzaamheden.
De consument heeft een bedrag van € 5.638,75 niet betaald en bij de commissie gedeponeerd.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Ik heb een geschil met de ondernemer wat betreft de hem uitgevoerde reparatie aan mijn bus, een Renault Traffic 1.6 dCi. Volgens de ondernemer is de reparatie goed uitgevoerd, maar voor mij en vele anderen is het totaal niet goed uitgevoerd , heb diverse professionele personen gevraagd en komen allen tot dezelfde conclusie: dat het niet goed is.
Ter zitting heeft de consument verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.
De werkzaamheden die de ondernemer aan de auto heeft verricht zijn in februari 2024 uitgevoerd. In juli/augustus 2024 heb ik voor het eerst een fluitend geluid gehoord op dat moment had ik 8.000-10.000 kilometer met de bus gereden vanaf het moment van de door de ondernemer uitgevoerde reparatie.
Standpunt van de ondernemer
De bank heeft ter zitting verweer gevoerd tegen de stellingen van de consument. Voor zover relevant
zal de commissie bij de beoordeling daarop ingaan.
Deskundigenrapport
De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapport, voor zover thans van belang, het volgende vastgesteld.
Het voertuig betreft een bestelauto voorzien van een vier cilinder commonrail turbodiesel motor (R9M) gekoppeld aan een handgeschakelde zes versnellingsbak.
Het voertuig verkeert, gelet op de leeftijd en respectabele kilometerstand, in een goede staat. Wij troffen het voertuig aan op de parkeerplaats bij de ondernemer.
Korte omschrijving van de klacht(en)
Een uitvoerige omschrijving van de klacht van de consument is u bekend. Samenvattend vernamen wij dat de consument met het voertuig is gestrand met een gebroken distributieketting waarbij tevens motorschade is ontstaan. De motor van het voertuig functioneerde op dat moment niet langer.
De ondernemer heeft het voertuig hersteld waarna de consument van mening is dat de motor van het voertuig niet langer naar behoren functioneert.
Vaktechnisch oordeel
Uit inspectie van het voertuig werd het navolgende duidelijk:
• Visueel zijn er geen afwijkingen waarneembaar aan het motorblok;
• Door ons is geen motorolie en/of andere uitwendige vloeistoflekkage vastgesteld;
• Het motoroliepeil en koelvloeistofniveau zijn beiden in orde, tussen het minimale en maximale niveau;
• Uit controle van de voertuigelektronica is duidelijk geworden dat er 1 actieve storing aanwezig is: Verder blijkt er sprake van niet-actieve (intermitterende) storingen. De storingen in het motormanagement zijn voor het laatst 22.736 kilometer geleden gereset. Er is GEEN storing aanwezig welke duidt op een onjuiste distributie/- motortiming;
• Wij hebben bij het stationair draaien van het voertuig GEEN afwijkende geluiden vastgesteld. De consument toonde ons filmmateriaal waarop een afwijkend geluid, rookontwikkeling en het dansen van de motorolievuldop zichtbaar is bij losgenomen motorolievuldop. Wij hebben dit gedurende ons bezoek eveneens vastgesteld. Uit vergelijking bij een Renault Traffic met identieke R9M motor hebben wij dit eveneens vastgesteld, filmopname van deze controle bij het gelijkwaardig voertuig is in ons dossier aanwezig. Er is GEEN sprake van een exemplarische afwijking tussen het betreffende en het gelijkwaardige voertuig;
• Gezamenlijk met de consument hebben wij een proefrit gemaakt met het voertuig. Hierbij willen wij opmerken dat er enkel plaats is voor 2 personen in het betreffende voertuig. In overleg met de ondernemer is de proefrit gezamenlijk met de consument verricht. Gedurende de proefrit was de consument de bestuurder van het voertuig. Wij constateerden een afwijkend fluitend geluid bij accelereren. Het geluid lijkt, voor zover op basis van het kenmerkende geluid en proefrit te herleiden, afkomstig van de turbo dan wel een luchtlekkage in het inlaatsysteem. Tevens “lijkt” er sprake van vermogensverlies.
Nader onderzoek aan de turbo en/of het inlaatsysteem is vereist voor het herleiden van het afwijkende “fluitend” geluid. Tevens is een vermogenstest vereist om eventueel vermogensverlies onomstotelijk aan te tonen.
• Aldus verkregen documentatie is er na de verrichte reparatie door de ondernemer tot ons bezoek 16.811 kilometer met het voertuig gereden.
In het huidige stadium hebben wij GEEN afwijkingen dan wel een aantoonbare sleutelfout van de ondernemer vastgesteld. Hierbij willen wij opmerken dat wij wel een “fluitend” geluid hebben vastgesteld wat nader onderzocht dient te worden.
Herstel
In het huidige stadium hebben wij, buiten een “fluitend” geluid bij accelereren, GEEN daadwerkelijke afwijkingen en/of aantoonbare sleutelfout van de ondernemer vastgesteld, derhalve is herstel inzake het betreffende geschil niet noodzakelijk. Indien de consument ervan overtuigd is dat de motor niet in orde is, dient men nader onderzoek te verrichten. Denk hierbij aan een vermogenstest, controle van de distributie/- motortiming, compressietest, endoscopisch onderzoek en/of demontage van de motor tot in delen.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
Tussen partijen staat niet ter discussie dat de ondernemer als opdrachtnemer in het voorjaar van 2024 reparatiewerkzaamheden aan zijn bus heeft laten verrichten, nadat de distributieketting was gebroken waarbij motorschade is ontstaan.
Naar de commissie ter zitting van partijen heeft begrepen, heeft de consument het bedrag dat de ondernemer voor deze werkzaamheden aan hem in rekening heeft gebracht (€ 5.638,75) nog niet betaald omdat hij van mening is dat de ondernemer zijn werkzaamheden niet goed heeft uitgevoerd. Gelet op het feit dat de ondernemer dit gemotiveerd heeft weersproken, is het aan de consument om voldoende bewijs te leveren voor de juistheid van zijn stelling. Dit volgt uit de wettelijke bewijslastverdeling van artikel 150 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. De consument is naar het oordeel van de commissie mede gelet op het rapport van de door haar ingeschakelde deskundige daarin niet geslaagd. Gelet daarop acht de commissie de consument gehouden de door de ondernemer aan hem in rekening gebrachte reparatiekosten te betalen.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Met inachtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag als volgt verrekend. Het door de consument bij de commissie gedeponeerde bedrag wordt aan de ondernemer uitbetaald.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. D.P.C.M. Hellegers, voorzitter, de heer R. Vlasveld, de heer mr. B.W. Weilers, leden, op 22 mei 2025.