Consument moet naheffing betalen ondanks fout nieuwe leverancier

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Overig    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 787227/894483

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument gaf zelf meterstanden door, maar die zijn niet gebruikt bij de eindafrekening. Een jaar later werd dit gecorrigeerd en moest hij onverwacht € 1.144,59 betalen. Hij vindt dat dit niet zijn schuld is en dat de ondernemer de fout heeft gemaakt. De commissie oordeelt dat de fout bij de nieuwe energieleverancier lag en dat de consument het verbruik gewoon moet betalen. Omdat de ondernemer een betalingsregeling en € 100 tegemoetkoming heeft aangeboden, is de klacht ongegrond. Het depotbedrag van € 476,90 gaat naar de ondernemer.

De volledige uitspraak

Samenvatting

De consument vindt dat de ondernemer een fout heeft gemaakt bij het verwerken van de door de consument juist en tijdig doorgegeven meterstanden. Een jaar en twee maanden later is er alsnog een correctie doorgevoerd met voor de consument onverwachte kosten. De consument vindt dat de gevolgen van de fout van de ondernemer niet mogen worden afgewenteld op de consument. De financiële omstandigheden van de consument is inmiddels verslechterd.

Beoordeling

De commissie maakt uit de stukken het volgende op.

De consument had een leveringsovereenkomst met de ondernemer voor energie. Die overeenkomst liep af op 1 april 2023 en op 24 april 2023 ontving de consument een eindafrekening. Die nota is opgemaakt aan de hand van de gegevens die waren doorgegeven door de nieuwe energieleverancier van de nieuwe bewoners van het huis waar de consument energie in afnam. Op basis van die eindafrekening ontving de consument een bedrag van € 1.275,79 van de ondernemer.

Op 26 april 2024 heeft eerdergenoemde nieuwe energieleverancier op het oude adres van de consument gevraagd aan de ondernemer om de meterstanden per 31 maart 2023 aan te passen. De ondernemer is verplicht om daaraan mee te werken. Op grond van die nieuwe gegevens bleek dat de consument eerder teveel terug had gekregen.

Op 24 mei 2024 ontving de consument opnieuw een afrekening vanwege die correctie van de standen, die door de nieuwe energieleverancier op het oude adres van de consument zijn doorgegeven. Toen werd duidelijk dat de consument zijn energieverbruik niet volledig had betaald en daarom moest hij de ondernemer nog een bedrag van € 1.144,59 betalen.

Vaststaat dat de ondernemer de door de consument doorgegeven standen niet heeft gebruikt voor het opstellen van de eindnota. De ondernemer zegt op grond van interne afspraken gebonden zijn aan de standen die nieuwe energieleverancier doorgeeft. Die is verantwoordelijk voor het verzamelen, valideren en doorgeven van de standen aan de netbeheerder en de ondernemer. Dat is de reden dat de door de consument doorgegeven standen niet zijn gebruikt voor het opstellen van de eindafrekening.
De commissie heeft geen reden te twijfelen aan wat de ondernemer daarover heeft gesteld.
Anders dan de consument denkt, heeft niet de ondernemer maar de nieuwe leverancier op het oude adres van de consument een fout gemaakt.

De commissie begrijpt goed dat de naheffing als een onprettige verrassing is gekomen voor de consument zeker nu zijn financiële situatie is verslechterd.
Dat betekent alleen niet dat de consument het verbruik dat hij nog niet heeft betaald, niet hoeft af te rekenen. Uitgangspunt voor de commissie in zaken als deze is, dat iedere consument die energie verbruikt, die energie ook moet betalen. Dat geldt dus ook voor de consument.
In dit geval komt daarbij dat de consument op de eindafrekening van 24 april 2023 had kunnen zien dat er andere standen gebruikt zijn voor het opstellen van de eindnota dan door hem waren doorgegeven. Had hij dat gezien, dan had hij kunnen vermoeden dat er iets aan de hand was. Hij had navraag kunnen doen en ook maatregelen kunnen treffen om een mogelijke financiële tegenslag het hoofd te bieden.
Het feit dat hem op basis van de eindnota een groot bedrag is uitbetaald door de ondernemer, had daarbij ook een signaal kunnen zijn om een en ander na te gaan.

Over het in rekening gebrachte verbruik bestaat geen verschil van mening en zoals gezegd moet de consument dat betalen. Het enkele feit dat de financiële situatie van de consument inmiddels verslechterd is, is geen reden om van die regel af te wijken.

Door het aanbieden van € 100,– en een betalingsregeling heeft de ondernemer naar het oordeel van de commissie alleszins redelijk gereageerd op het probleem van de consument.

De commissie is dan ook van oordeel dat de klacht ongegrond is en daarom wordt het volgende beslist.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

Het door de consument gevraagde wordt afgewezen.

Met inachtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag van € 476,90 uitbetaald aan de ondernemer.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit mevrouw mr. I.E. de Vries, voorzitter, mevrouw mr. W.N. Kip, mevrouw mr. M.J. Boon, leden, op 19 maart 2025.

Opslaan als PDF