Commissie: Energie
Categorie: Tariefbepalingen
Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: gegrond
Referentiecode:
247747/251163
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument had een energiecontract waarbij het tarief voor teruggeleverde stroom gekoppeld was aan het leveringstarief. Op 29 november 2023 liet de energieleverancier weten dat dit tarief per 1 januari 2024 zou veranderen naar een vast bedrag van € 0,04 per kWh. De consument was het hier niet mee eens en diende een klacht in. De leverancier weigerde eerst, maar maakte de wijziging later toch ongedaan en bood aan het klachtengeld terug te betalen als de klacht werd ingetrokken. De consument trok de klacht niet in, omdat hij geen garantie kreeg dat zulke wijzigingen in de toekomst niet opnieuw zouden gebeuren. De geschillencommissie oordeelde dat de klacht gegrond is, omdat de leverancier pas na het indienen van de klacht terugkwam op de wijziging en geen goede uitleg gaf waarom hij dit mocht doen. De commissie bepaalt dat de leverancier het klachtengeld van € 52,50 moet vergoeden, maar doet geen uitspraak over toekomstige wijzigingen. Er is geen extra schadevergoeding toegekend.
De volledige uitspraak
Samenvatting
Deze zaak gaat over de eenzijdige wijziging door de aanbieder van de overeenkomst met de klant. Nadat de klacht aanhangig is gemaakt bij de geschillencommissie, heeft de aanbieder de wijziging ongedaan gemaakt.
Beoordeling
Achtergrond van het geschil
De klant heeft een energiecontact afgesloten bij de aanbieder. In de oorspronkelijke overeenkomst was geregeld dat het teruglevertarief voor de door de klant zelf opgewekte elektriciteit gekoppeld was aan het leveringstarief. Op 29 november 2023 heeft de aanbieder de klant laten weten dat het het teruglevertarief niet meer gekoppeld zou worden aan het leveringstarief maar per 1 januari 2024 gelijk zou zijn aan € 0,04 per KWh. De klant heeft hier op 29 november 2023 en 13 december 2023 malen over geklaagd. De aanbieder heeft de klachten van de klant in eerste instantie afgewezen en op 8 januari 2024 heeft de klant dit geschil aanhangig gemaakt. Daarin vraagt de klant dat de wijziging ongedaan wordt gemaakt en compensatie voor de schade die de klant heeft geleden door het niet vergoeden van de teruggeleverde energie conform de originele overeenkomst en het volgen van deze klachtenprocedure.
Op 22 januari heeft de aanbieder laten weten dat de wijziging van het teruglevertarief ongedaan zou worden gemaakt. Ook heeft de aanbieder aangeboden het klachtengeld te vergoeden indien de klant deze klacht zou intrekken.
De klant heeft de klacht echter niet ingetrokken aangezien de aanbieder niet inhoudelijk op zijn klacht is ingegaan en niet bereid is toe te zeggen dat in de toekomst ook geen eenzijdige wijzigingen van het teruglevertarief zullen plaatsvinden.
Oordeel van de commissie
Nu de aanbieder de voorgenomen wijziging ongedaan heeft gemaakt, heeft de klant geen belang bij een uitspraak van de commissie om de aanbieder daartoe te verplichten. Het feit dat de aanbieder de wijziging ongedaan heeft gemaakt nadat het geschil aanhangig is gemaakt en verder niet inhoudelijk heeft beargumenteerd dat zij wel tot die wijziging was gerechtigd, wettigt de conclusie dat de klacht gegrond is, zodat de aanbieder het klachtengeld zal moeten vergoeden.
De commissie doet geen uitspraken met betrekking tot eventuele toekomstige besluiten van de aanbieder. De commissie beslist alleen over concrete geschillen en niet over eventuele toekomstige geschillen.
Nu de wijziging ongedaan is gemaakt en het klachtengeld wordt vergoed, is er geen aanleiding tot verdere toewijzing van schadevergoeding.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De commissie bepaalt dat de klacht gegrond is.
Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 52,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Deze behandelingskosten worden geheel betaald.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. H.F.R. van Heemstra, voorzitter, de heer ing. C. Verloop, mevrouw J.M.A. van Haren, leden, op 8 juli 2024.