Eigen verantwoordelijkheid consument om goed in te lezen in voorwaarden opzegvergoeding

  • Home >>
  • Energie >>
De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Energie    Categorie: Kosten    Jaartal: 2020
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: Ongegrond   Referentiecode: 30608/35395

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over

Het geschil gaat om de hoogte van de door de ondernemer aan de consument te betalen vergoeding voor de boete van de vorige leverancier vanwege vroegtijdige beëindiging van de overeenkomst. De consument is het niet eens met de hoogte van de opzegvergoeding. Volgens de ondernemer zijn er voorwaarden verbonden aan de vergoeding. In de voorwaarden is bepaald dat wanneer de oude leverancier de consument een opzegvergoeding in rekening brengt voor de overstap naar de ondernemer, de ondernemer dit bedrag alleen bij overeenkomsten met een looptijd van minstens drie jaar en maximaal tot € 125,– per product vergoedt. De ondernemer heeft € 150,– aan de consument vergoed en daarmee volgens de voorwaarden gehandeld. De commissie oordeelt dat de consument voldoende op de hoogte is gebracht van de specifieke voorwaarden van de opzegvergoeding en dat de ondernemer aan haar verplichtingen heeft voldaan. Het is de eigen verantwoordelijkheid van de consument om zich goed in te lezen in de voorwaarden voordat hij een overeenkomst met de ondernemer aanging. De klacht is ongegrond.

Volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Het geschil betreft de hoogte van de door de ondernemer aan de consument te betalen vergoeding van boetes van vorige leverancier(s) wegens vroegtijdige beëindiging van de overeenkomst.

Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Op 28 augustus 2019 heeft de consument via [naam bedrijf] een deal afgesloten, die voor hem een voordelige overstap regelde van [vorige energieleverancier] naar de ondernemer. Daarbij was afgesproken dat alle boetes die door voorgaande leveranciers zijn opgelegd door die overstap door de ondernemer betaald worden. Ook al was er nog geen sprake van concrete bedragen, toch was afgesproken dat alle boetes van voorgaande leveranciers zouden worden vergoed bij de overstap naar de ondernemer. De consument heeft slechts een klein gedeelte hiervan door de ondernemer vergoed gekregen. Slechts € 150,– van het totaalbedrag van € 400,02 is vergoed.
De ondernemer schaadt hiermee het vertrouwen in de hele branche.

De consument eist volledige vergoeding van de overeengekomen overstapboetes door de ondernemer, aldus nog een bedrag van € 250,02.

Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De boetevergoeding is een coulance die niet voor elk contract geldt. Daarom zijn er voorwaarden verbonden aan het vergoeden van de kosten voor contractbreuk. De ondernemer vergoedt geen terugvordering van de kosten voor contractbreuk van de voorgaande leverancier.

In de op de overeenkomst toepasselijke voorwaarden is bepaald dat wanneer de oude leverancier de consument een opzegvergoeding in rekening brengt voor de overstap naar de ondernemer, de ondernemer dit bedrag alleen bij overeenkomsten met een looptijd van minstens 3 jaar en maximaal tot € 125,– per product vergoedt. Bij voortijdige beëindiging van het energiecontract is de ondernemer gerechtigd de betaalde opzegvergoeding, indien deze reeds is ontvangen dan wel uitgekeerd, terug te vorderen. De ondernemer heeft € 150,– aan de consument vergoed en daarmee aan haar verplichtingen voldaan.

Sprake is van eigen verantwoordelijkheid van de consument omdat de ondernemer niet weet wat de contractvoorwaarden van de voorgaande leverancier zijn. De consument had zich moeten inlezen in de contractvoorwaarden zodat hij had geweten dat de ondernemer deze kosten niet vergoedt en dat de voorgaande leverancier deze kosten zou terughalen bij het vroegtijdig verbreken van het contract. Het is aan de klant kennis te nemen van de contractvoorwaarden.

Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.

Het geschil betreft de hoogte van de door de ondernemer aan de consument te betalen vergoeding van boetes van vorige leverancier(s) wegens vroegtijdige beëindiging van de overeenkomst. De consument kan zich niet vinden in de hoogte van de opzegvergoeding die de ondernemer hem na zijn overstap heeft betaald.

Gelet op hetgeen partijen hierover hebben aangevoerd is specifiek aan de orde of de ondernemer gehouden is alle boetes van vorige energieleverancier(s) van in totaal € 400,02 te vergoeden aan de consument. De consument meent van wel. De ondernemer meent dat dit niet het geval is.

Tussen partijen staat vast dat zij voor het aansluitadres [aansluitadres] te [woonplaats] een overeenkomst voor de levering van elektriciteit en gas hadden gesloten, per 28 september 2019 en voor de duur van drie jaar.
In artikelnummer 10 van die overeenkomst staat vermeld:
“Wanneer uw oude leverancier u een opzegvergoeding in rekening brengt voor uw overstap naar [ondernemer], dan vergoedt [ondernemer] dit bedrag alleen bij overeenkomsten met een looptijd van minstens 3 jaar en maximaal tot € 125,– per product. Bij voortijdige beëindiging van dit energiecontract behoudt [ondernemer] zich het recht voor om aan u betaalde opzegvergoeding(en), indien deze reeds is/zijn ontvangen dan wel uitgekeerd, bij u terug te vorderen.”

Dit staat ook vermeld in de aanmeldbevestiging per e-mail van 2 september 2019:
“Wanneer uw huidige leverancier u een opzegvergoeding in rekening brengt dan vergoeden wij deze tot € 125,– per product. U kunt deze vergoeding aanvragen op Mijn [naam ondernemer] nadat u uw eindnota van uw vorige leverancier heeft ontvangen’. Tot het doen van bedoelde aanvraag is de consument ook overgegaan.

Hieruit blijkt duidelijk dat partijen zijn overeengekomen dat de ondernemer, wanneer de vorige leverancier de consument een opzegvergoeding in rekening brengt wegens voortijdige beëindiging van het energiecontract na de overstap naar de ondernemer, alleen bij overeenkomsten met een looptijd van minstens 3 jaar een vergoeding tot maximaal € 125,– per product verstrekt.
De consument heeft derhalve deze leveringsovereenkomst gesloten terwijl hij genoegzaam op de hoogte is gebracht, en daarvan redelijkerwijs kon zijn, van deze specifieke voorwaarde. Niet is gebleken dat partijen anders zijn overeengekomen.
Aldus is niet gebleken dat de consument met de ondernemer is overeengekomen dat hem alle in rekening gebrachte opzegvergoedingen, ongeacht de hoogte daarvan, van vorige leveranciers door de ondernemer zouden worden vergoed. Gelet hierop bestaat geen grondslag voor de stelling van de consument dat de ondernemer hem in totaal € 400,02 (en dus nog € 250,02) moet betalen. Nu de ondernemer de consument € 150,– heeft vergoed kan niet worden staande gehouden dat de ondernemer niet zijn verplichtingen uit hoofde van de leveringsovereenkomst is nagekomen.
De commissie vindt dan ook dat de consument aan deze voorwaarde kan worden gehouden.

De commissie is met de ondernemer van oordeel dat het de eigen verantwoordelijkheid van de consument is om voordat hij het contract sloot met de ondernemer zich te vergewissen van diens voorwaarden betreffende vergoedingen van opgelegde boetes door de vorige leverancier wegens vroegtijdige beëindiging van de overeenkomst.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit mevrouw mr. I.K. Rapmund, voorzitter, mevrouw mr. W.H. van Oorspronk, de heer drs. L. van Rootselaar, leden, op 28 oktober 2020.