Commissie: Energie
Categorie: Beëindiging overeenkomst
Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: gegrond
Referentiecode:
238365/ 243778
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument is telefonisch benaderd door een verkoper van een energiebedrijf en ging akkoord met een nieuw contract, omdat hem werd verteld dat dit goedkoper zou zijn. Er werd geen duidelijke prijs per kWh genoemd. Later bleek het contract juist veel duurder dan zijn vorige. De commissie oordeelt dat de overeenkomst tot stand is gekomen door misleiding en verklaart het contract ongeldig. De consument hoeft niets te betalen en krijgt het betaalde bedrag terug. Ook ontvangt hij €52,50 voor het klachtengeld. De klacht is gegrond.
De volledige uitspraak
Samenvatting
De consument is bij het aangaan van het energiecontract misleid. De overeenkomst wordt vernietigd.
Standpunt van de consument
‘Ik ben via de telefoon benaderd door te telemarketeer over een ander energiecontract. Daarbij gaven ze aan dat mijn huidige energiemaatschappij de prijzen omhoog gooide en het voor mij voordeliger zou zijn om over te stappen. Hierbij gaven ze mij een voorstel waarbij er geen prijs per kWh werd gegeven. Alleen een geschat verbruik. Ik werd overvallen door het telefoontje en vertrouwde erop dat het inderdaad goedkoper zou zijn en ben ermee akkoord gegaan. Na het eerste afschrift bleek dat het contract vele malen duurder is dan mijn vorige energiecontract. Ik vind dat ik onjuist benaderd ben door een telemarketeer en om die reden het geen geldige overeenkomst is. Ook vind ik dat ik misleid ben met onjuiste informatie. Ik wil dat de overeenkomst wordt vernietigd en dat het contract met mijn vorige leverancier wordt hersteld.’
Standpunt van de ondernemer
‘Wij zijn op basis van de feiten van mening dat de overeenkomst rechtsgeldig tot stand is gekomen. Wij hebben de klant voorzien van de juiste documenten die alle benodigde informatie verschaft aan de klant. De klant heeft onder andere een bedenktijd gehad van 14 dagen, waar zij geen aanspraak op heeft gemaakt. Naar aanleiding daarvan is energieleverancier op 01-08-23 gestart met de levering. Momenteel hebben wij geconstateerd dat de klant per 08-01-23 de overeenkomst met energieleverancier heeft beëindigd. Als consequentie heeft energieleverancier een opzegvergoeding in rekening gebracht.’
Oordeel van de commissie
De ondernemer heeft de stellingen van de consument niet gemotiveerd is weersproken, zodat de commissie van de juistheid daarvan uitgaat. Uit de stukken blijkt dat de ondernemer aan de consument heeft aangeboden de opzegvergoeding kwijt te schelden, maar dit heeft niet geleid tot een schikking.
Naar het oordeel van de Commissie is de overeenkomst tot stand gekomen onder invloed van een wilsgebrek aan de kant van de consument komen zodat deze voor vernietiging in aanmerking komt. In die zin zal de commissie dan ook beslissen. Nu de consument zelf is overgestapt naar een andere leverancier kan de commissie het oorspronkelijke contract met de vorige leverancier niet herstellen. De vernietiging van het contract brengt met zich dat de consument op geen enkel moment iets aan de ondernemer verschuldigd is geweest. Daarom zal de commissie tevens beslissen dat de ondernemer al hetgeen de consument aan hem heeft betaald aan de consument dient terug te betalen.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De overeenkomst wordt vernietigd.
De ondernemer dient binnen 4 weken na datum verzending bindend advies hetgeen de consument aan hem heeft betaald aan deze terug te betalen.
Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 52,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Deze behandelingskosten worden geheel betaald.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit mr. D.J. Buijs, voorzitter, mr. F.J. Pirard, H.W. Zuur, leden, op 24 april 2024.