Commissie: Energie
Categorie: Depotbeslissing
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: voorbeslissing
Uitkomst: aanhouding beslissing
Referentiecode:
1026214/1252902
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument heeft een openstaand bedrag van € 1.160,97 bij de ondernemer, maar is financieel niet in staat dit volledig in depot te storten bij de commissie. Volgens het reglement is depotstorting vereist als zekerheid voor betaling, maar bij aantoonbare financiële beperkingen kan hiervan worden afgeweken. De commissie acht het aannemelijk dat de consument het volledige bedrag niet kan voldoen en verleent daarom gedeeltelijke ontheffing. De consument dient binnen vier weken € 750 in depot te storten, waarna het geschil inhoudelijk wordt behandeld.
De volledige uitspraak
Samenvatting
Aan de consument wordt gedeeltelijke depotontheffing verleend.
Beoordeling
Het reglement van de commissie bepaalt dat de commissie, indien de consument de betaling van een goed of dienst waarover het geschil gaat, achterwege heeft gelaten, in de regel zal verlangen dat de consument een bedrag ten hoogste gelijk aan het nog openstaande bedrag bij haar deponeert.
Kern van de geschillenregeling is dat de ondernemer moet gedogen dat een geschil door de commissie wordt behandeld, als de consument dit wenst. Hiertegenover staat dat de ondernemer verzekerd moet zijn van de betaling van datgene dat volgens de commissie verschuldigd is. Die zekerheid wordt verkregen door de in het reglement van de commissie voorgeschreven depotstorting. De consument lijdt hierdoor geen nadeel, omdat hij het depotbedrag terugkrijgt indien en voor zover de vordering van de ondernemer wordt afgewezen. Derhalve is de consument in beginsel verplicht tot depotstorting. Van die verplichting kan geen ontheffing worden verleend enkel op de grond dat de depotstorting de consument slecht uitkomt of op grond van een inhoudelijke beoordeling van de vordering van de ondernemer door de commissie. Het past de commissie niet zich reeds een oordeel te vormen over het geschil voordat partijen hun standpunt hebben kunnen toelichten. De depotstorting staat naar zijn aard in beginsel los van een inhoudelijk oordeel over de vordering van de commissie en dient uitsluitend als zekerheid voor de betaling van de vordering van de ondernemer.
Slechts in het geval door de consument aannemelijk is gemaakt dat hij niet over de financiële middelen beschikt om de verlangde depotstorting te doen, kan er naar redelijkheid en billijkheid aanleiding bestaan gehele of gedeeltelijke ontheffing te verlenen.
Uit de stukken blijkt dat de consument bij de ondernemer een openstaand bedrag heeft van in totaal
€ 1.160,97. Uit de door de consument overgelegde financiële gegevens blijkt dat hij niet in staat is dit bedrag in een keer in depot storten bij de commissie. Daarom zal de commissie hem gedeeltelijk ontheffen van de verplichting dit bedrag in depot te storten. De commissie zal naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid het bedrag dat de consument bij de commissie in depot dient te storten bepalen op het hierna te noemen het bedrag.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De consument dient binnen 4 weken na datum verzending van deze beslissing een bedrag van € 750,– bij de commissie in depot te storten, waarna het geschil in behandeling zal worden genomen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. D.J. Buijs, voorzitter, de heer ing. C. Verloop, de heer drs. L. van Rootselaar, leden, op 17 september 2025.