Commissie: Energie
Categorie: Meterstanden
Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
524383/618037
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument klaagde dat zijn oude gasmeter een te hoog verbruik registreerde. Na plaatsing van een slimme meter daalde het verbruik met 35%. De oude meter is echter geijkt en bleek niet defect. De commissie oordeelt dat de ondernemer niet aansprakelijk is en dat de consument zijn verbruik moet betalen. De klacht is ongegrond.
De volledige uitspraak
Samenvatting
De consument is in een periode van november 2021 tot 29 augustus 2023 voorafgaand aan een meterwissel een voor de consument onverklaarbaar hoog verbruik in rekening gebracht.
De meter is geijkt door de ondernemer nadat op 29 augustus 2023 een slimme meter is geplaatst.
Daarna bleek het gasverbruik van de consument met 35% te zijn gedaald. De ondernemer blijft ontkennen dat de vorige meter niet goed heeft gefunctioneerd.
De consument wil een bedrag van € 2.800,– van de ondernemer als schadevergoeding.
Beoordeling
De commissie neemt zonder meer aan dat het gasverbruik van de consument na de genoemde meterwissel aanzienlijk is gedaald.
De vraag die de commissie moet beantwoorden is of het eerdere hogere gasverbruik zijn oorsprong heeft gevonden in een niet goed functionerende meter waar de ondernemer voor verantwoordelijk te houden is.
Uit de stukken blijkt het volgende.
De ondernemer heeft de combiregelaar in de woning van de consument vervangen op 2 augustus 2023 na een telefonisch contact met de firma die het onderhoud van de cv-ketel van de consument verzorgt.
Op 27 oktober 2023 is de hele gasmeter vervangen op verzoek van de consument.
De oude meter is onderzocht door het ijkinstituut van de ondernemer. Op grond van die ijking kan worden geconcludeerd dat de gasmeter niet kapot was.
Anders dan gebruikelijk heeft de ondernemer de kosten voor de ijking voor zijn rekening genomen.
Omdat de consument twijfels had over de onafhankelijkheid van het onderzoek heeft de ondernemer de consument voorgesteld om de meter door een ander ijkinstituut te laten ijken.
De consument is niet ingegaan op dat voorstel.
Anders dan de consument gaat de commissie er van uit dat de oude meter geen gebreken vertoonde die ertoe zouden hebben geleid dat aan de consument te veel gas in rekening is gebracht.
De meter is geijkt en daaruit is niet gebleken dat de meter defect was.
Dat het eigen ijkinstituut van de ondernemer niet onafhankelijk onderzoek zou doen, is niet gebleken.
Ervaring leert dat dat instituut hoogwaardig onderzoek doet en te vergelijken is met anderen instituten die niet verbonden zijn aan de ondernemer.
De consument had de mogelijkheid om een second opinion te vragen, maar heeft daar kennelijk van af gezien.
Uitgangspunt van de commissie in zaken zoals deze is, dat iedereen zijn energieverbruik moet betalen.
Dat geldt ook voor de consument.
Het gasverbruik van de consument wordt bepaald door de meterstanden op de meter in de woning van de consument.
Nu ervan moet worden uitgegaan dat de oude meter goed heeft gefunctioneerd, moet de commissie er ook van uitgaan dat de consument de rekening heeft gekregen van de juiste hoeveelheid verbruikt gas zoals geregistreerd op de oude meter.
De commissie heeft geen reden te twijfelen aan de mededeling van de ondernemer dat de combinatieregeling die op 29 augustus 2023 is vervangen, geen invloed heeft gehad op het gasverbruik dat is gemeten.
De oorzaak van het feit dat na de vervanging van de oude meter een veel lager verbruik is geregistreerd, kan mogelijk gezocht worden in de manier waarop de consument na de vervanging met haar gasverbruik is omgegaan.
Uit de stukken maakt de commissie op dat de consument daar heel bewust mee bezig is geweest.
Verbruik is een privéaangelegenheid. De ondernemer heeft daar geen invloed en geen zicht op.
Hoe onbevredigend ook, een antwoord op de vraag hoe het lagere verbruik na de meterwissel te verklaren is, kan de commissie niet geven.
Wat in ieder geval wel vaststaat is, dat er geen oorzaak is gebleken op grond waarvan de ondernemer aansprakelijk kan worden gehouden voor de afrekening van het verbruik gemeten voor de meterwissel in oktober 2023.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit mevrouw mr. I.E. de Vries, voorzitter, de heer mr. F.J. Pirard , mevrouw J.M.A. van Haren , leden, op 10 december 2024.