Geen bewijs voor fout verbruik: klacht over eindnota afgewezen

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Verbruik    Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 251626/254793

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument moest € 849,15 bijbetalen op haar jaarnota en vond dat bedrag te hoog. Ze woont alleen en is vaak van huis. Toch betwistte ze de meterstanden niet en gaf ook niet aan dat de meter niet goed werkte. De commissie stelt dat het verbruik klopt en dat de hogere kosten vooral komen door gestegen tarieven sinds haar oude vaste contract uit 2017 is afgelopen. Omdat er geen reden is voor herberekening of twijfel aan de meter, wordt de klacht afgewezen.

De volledige uitspraak

Samenvatting
De consument klaagt over het hoge afgerekende verbruik. Zij betwist de meterstanden echter niet, noch de werking van de meters. De commissie wijst de vordering dan ook af.

Beoordeling
De consument klaagt over het hoge verbruik dat haar met de eindnota 11 december 2022 tot 11 december 2023 in rekening is gebracht. Zij is alleenstaande en werkt overdag buitenshuis. Zij kreeg bij vorige jaarnota’s geld terug. Nu moest zij € 849,15 bijbetalen.

De ondernemer wijst erop dat de consument ten onrechte een vergelijking met het verleden maakt: zij had tot december 2022 een 5-jarig vast contract met tarieven van 2017. Die zijn niet vergelijkbaar met de tarieven van 2022. De voor de eindnota gehanteerde meterstanden zijn door slimme meters uitgelezen. Het geconstateerde gasverbruik is door de jaren qua volume vrijwel gelijk (ongeveer 1000 m³ per jaar). De consument betoogde ter zitting nog dat zij bij de opvolgende leverancier in zes maanden ongeveer 500 m³ heeft afgenomen zodat 989 m³, als vermeld op voornoemde eindnota, niet kan kloppen.

De commissie stelt vast dat de consument de meterstanden niet betwist. Ter zitting is dat uitvoerig aan de orde geweest en is de consument gewezen op de mogelijkheid van ijking, doch de consument is daarop niet ingegaan. Zij focust zich op het feit dat zij voor de jaarrekening 2022/2023 moest bijbetalen. Als ter zitting gezegd, zijn de meterstanden bepalend voor het af te rekenen verbruik, tenzij komt vast te staan dat de meters niet goed gefunctioneerd hebben. Dat laatste heeft de consument echter niet gesteld. De commissie moet er dan ook van uitgaan dat het verbruik correct is afgerekend. De klacht wordt daarom afgewezen.

In haar klachtomschrijving heeft de consument nog aangegeven dat zij door een medewerker van de ondernemer onbeschoft is behandeld. Ter zitting bleek dat zij doelt op de weigering van die medewerker om een herberekening uit te voeren. Die discussie is kennelijk geëindigd door afsluiting van het gesprek door die medewerker van de ondernemer. Niet gezegd kan worden dat die medewerker de discussie ten onrechte beëindigde, omdat, zoals hiervoor vastgesteld, er geen reden was om een herberekening uit te voeren.

Terzijde merkt de commissie op dat, zo de consument alsnog de meter wil laten ijken, zij zich tot de netbeheerder dient te wenden.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Deze behandelingskosten worden geheel betaald.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. R.J. Paris, voorzitter, de heer ing. C. Verloop, de heer mr. P. P. van der Neut, leden, op 6 juni 2024.

Opslaan als PDF