Commissie: Energie Zakelijk
Categorie: Conformiteit
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
484454/588898
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De verbruiker stelde dat bij het afsluiten van zijn vijfjarig gascontract mondeling was toegezegd dat de prijs zou dalen als de gasprijzen omlaag gingen. Hij wilde daarom kosteloos opzeggen. Het bedrijf wees erop dat het contract duidelijk vaste prijzen vermeldt en dat een dergelijke toezegging ongebruikelijk is. De commissie oordeelt dat de verbruiker zijn stelling niet aannemelijk heeft gemaakt: de toezegging staat niet in het contract en getuigenverklaringen overtuigen niet. De klacht is daarom ongegrond.
De volledige uitspraak
Samenvatting
Verbruiker/aangeslotene beroept zich op een mondeling gedane toezegging bij het sluiten van een contract tussen partijen. De verbruiker/aangeslotene maakt die toezegging niet aannemelijk.
Beoordeling
Met ingang van 1 april 2022 heeft de verbruiker/aangeslotene een overeenkomst met het bedrijf gesloten ter zake de levering van gas voor een periode van vijf jaar. Een zekere [ naam tussenpersoon ] is kort daarvoor bij de verbruiker/aangeslotene langsgegaan. Hij heeft als adviseur van [ naam vertegenwoordiger bedrijf ] (een vertegenwoordiger van het bedrijf), waar hij niet in dienst is, bedoelde overeenkomst gesloten. In het kader van de tussen partijen gevoerde gesprekken heeft [ tussenpersoon ], volgens verbruiker/aangeslotene, gezegd dat de in rekening te brengen prijzen verlaagd worden als de gasprijzen omlaag gaan. De verbruiker/aangeslotene betoogt dat twee getuigen bij die toezegging aanwezig waren en dat kunnen bevestigen. Hij stelt doelbewust misleid te zijn. Verbruiker/aangeslotene vordert dat hij de overeenkomst kan opzeggen zonder kosten.
Het bedrijf heeft eerst ter zitting verweer gevoerd. Het wijst erop dat verbruiker/aangeslotene de overeenkomst voor vijf jaar getekend heeft. Nergens staat de door hem bedoelde toezegging, die overigens ongebruikelijk is bij vaste contracten. Wel staat in het contract herhaaldelijk dat het om vaste prijzen gaat. Bovendien valt op dat de verbruiker/aangeslotene eerst in 2024 klaagt, twee jaar na het sluiten van het contract. Bovendien is een laag tarief overeengekomen van ruim € 0,54 per m³ (contractprijs exclusief BTW); de gasprijs is sindsdien niet lager geweest en ook nu niet, zodat ontbinding niet voor de hand ligt.
De commissie overweegt dat verbruiker/aangeslotene zijn standpunt niet aannemelijk heeft gemaakt. Verbruiker/aangeslotene heeft het contract, waarin de bedoelde toezegging niet staat, getekend. Bovendien ligt een dergelijke toezegging niet voor de hand bij een vast contract. Voor zover twee getuigen anderszins zouden verklaren, overtuigt dat de commissie niet. Onduidelijk is immers in welk verband over aanpassing van de te berekenen gasprijs is gesproken en waarom niettemin het contract door verbruiker/aangeslotene getekend is.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de verbruiker/aangeslotene verlangde wordt afgewezen.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is het bedrijf aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Deze behandelingskosten worden geheel betaald.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie zakelijk, bestaande uit de heer mr. R.J. Paris, voorzitter, de heer mr. F.J. Pirard, de heer mr. C.J.J. Havermans, leden, op 6 maart 2025.