Geen bewijs voor rendementsverlies bij stadswarmte: klacht ongegrond

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Informatie    Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 525867/621700

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument klaagde over een mogelijk rendementsverlies bij stadswarmte en vroeg om terugbetaling. De commissie oordeelt dat er geen bewijs is voor een defect of verlies. De uitleg van de ondernemer is aannemelijk. De klacht is ongegrond.

De volledige uitspraak

Samenvatting
De vraag is of er rendementsverlies is opgetreden in de afgelopen twaalf jaar bij de levering van warmte door de ondernemer.

Beoordeling
Het gaat in deze zaak om stadswarmte. De consument constateerde dat hij hoge rekeningen diende te betalen ondanks zuinig verbruik. Hij heeft op 28 februari 2024 telefonisch verzocht om controle van de meter. In dat telefoongesprek zijn op afstand enkele controles uitgevoerd. Geconcludeerd werd dat er een rendementsverlies van 40% zou zijn. Ook de flow (de doorstroming van de geleverde warmte, maximaal 471 liter per uur) zou onvoldoende zijn. Op 29 februari 2024 is de afleverset (waarin de warmtewisselaar zit) vervangen. De consument stelt dat gedurende 12 jaar de afleverset niet goed gewerkt heeft. Hij berekent aan de hand van het rendementsverlies van 40% dat hij gedurende die periode € 5.877,– te veel betaald heeft, welk bedrag hij met wettelijke rente terugvordert. Hij heeft die vordering in verband met de bevoegdheid van de commissie verlaagd naar € 5.000,–. Hij wijst op de monopoliepositie van de ondernemer. Ook betoogt hij dat zijn verbruik in een hoekwoning meer is dan het door de ondernemer gepubliceerde gemiddelde verbruik van een vrijstaand huis.

De ondernemer betoogt dat de afleverset aan vervanging toe was en daarom vervanging meteen na de klacht van de consument ter hand is genomen. De monteurs op 29 februari 2024 hebben geen defect aan de afleverset geconstateerd. Ook achteraf is geen defect vastgesteld. Hoewel met de flow niets aan de hand is, heeft een verminderde flow geen invloed op de berekende kosten. Immers gemeten wordt het verschil in warmte dat de meter passeert als de warmte het huis ingaat en als de warmte het huis uitgaat. De hoeveelheid warmte is dan niet van belang. Het rendementsverlies dat de consument noemt, is geen rendementsverlies maar de in het huis afgegeven warmte (het verschil tussen de binnenkomende en de uitgaande warmte). Ook het na de vervanging van de afleverset aan de hand van graaddagen berekende warmteverbruik verschilt niet noemenswaard met het op dezelfde manier berekende verbruik van daarvoor (zeker als gekeken wordt naar de laatste maand voor de vervanging van de afleverset), zodat er geen aanleiding is enig defect te veronderstellen. Niettemin heeft de ondernemer een coulanceuitkering gedaan (€ 186,78 voor 4 GJ), achteraf bezien op basis van het langdurig achterwege blijven van een reactie op berichten van de consument (oorspronkelijk gebaseerd op een verondersteld gering warmteverlies, samenhangend met een niet goed sluitende warmtapwaterklep).

De commissie stelt vast dat de communicatie tussen partijen in het telefoongesprek van 28 februari 2024 niet goed is verlopen, nu beide partijen elkaar niet goed begrepen lijken te hebben. Ook is de consument over het standpunt van de ondernemer gaan twijfelen vanwege de snelle vervanging van de afleverset, de houding van de betreffende twee monteurs en de communicatie via de e-mail. Niettemin stelt de commissie vast dat niet gebleken is van een rendementsverlies en overigens de door de ondernemer gegeven uitleg haar plausibel voorkomt. Er is dan ook geen aanleiding om verder enig bedrag aan de consument te restitueren. De klacht wordt dan ook afgewezen.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Deze behandelingskosten worden geheel betaald.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. R.J. Paris, voorzitter, de heer mr. F.J. Pirard , mevrouw mr. A. Zwart-Hink , leden, op 28 november 2024.

Opslaan als PDF