Commissie: Telecommunicatiediensten
Categorie: (non)conformiteit
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
1148808/1274802
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument betaalde ruim tweeënhalf jaar voor een internet- en tv-abonnement in een verhuurd appartement, terwijl de huurder gebruik maakte van een andere aanbieder. De consument stelde dat de ondernemer hem had moeten informeren over het langdurige niet-gebruik van de apparatuur en eiste gedeeltelijke terugbetaling. De ondernemer voerde aan dat individuele monitoring niet plaatsvindt en dat het abonnement niet was opgezegd. De Geschillencommissie Telecommunicatiediensten oordeelde dat het risico bij de consument ligt, zeker gezien diens rol als verhuurder en het ontbreken van opzegging of retourzending van apparatuur. De klacht werd ongegrond verklaard.
De volledige uitspraak
BINDEND ADVIES
Geschillencommissie Telecommunicatiediensten
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft betaling voor een abonnement dat langdurig niet gebruikt is.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
“De klacht heeft betrekking op een internet- en tv-abonnement dat verbonden was aan een appartement waarvan ik de eigenaar ben. Ik verhuur deze woning, en mijn vastgoedbeheerder heeft bij het aangaan van een nieuw huurcontract zonder mijn medeweten de afspraak gewijzigd: internet en tv zijn niet langer inbegrepen in de huurprijs. Doordat ik hiervan niet op de hoogte was, bleef ik het abonnement bij [naam ondernemer] betalen gedurende tweeënhalf jaar. Gedurende deze periode heeft mijn huurder gebruik gemaakt van een eigen internet- en tv-abonnement van een andere aanbieder. Het [naam aanbieder]-apparaat is in die hele periode nooit aangesloten geweest. Pas recent ontdekte ik dit, waarna ik het abonnement direct heb opgezegd. In totaal heb ik meer dan € 2000,- betaald voor een dienst die feitelijk nooit is gebruikt.
Mijn klacht is gebaseerd op het feit dat [naam ondernemer] mij als betalende klant in al die tijd geen enkele melding heeft gedaan van deze abnormale situatie. Hoewel ik begrijp dat [naam ondernemer] mijn contract niet zonder mijn toestemming mag opzeggen, had het wél binnen hun verantwoordelijkheid als dienstverlener gelegen om mij te informeren over het feit dat er gedurende zo’n lange periode geen enkele verbinding met hun apparatuur was. [Naam ondernemer] beschikt over technische systemen die continu het netwerkgebruik en de kwaliteit monitoren. Het is dan ook aannemelijk dat deze systemen hebben opgemerkt dat er geen verbinding was, zeker niet na maanden van volledige inactiviteit.
Ik ben van mening dat [naam ondernemer] in strijd heeft gehandeld met:
• Artikel 6:212 BW (onterecht verrijking): [naam ondernemer] heeft betalingen ontvangen zonder daar een daadwerkelijke dienst tegenover te stellen.
• Artikel 6:227 BW (uitvoering naar redelijkheid en billijkheid): Het had van [naam ondernemer] verwacht mogen worden dat zij mij als klant zouden informeren over deze ongebruikelijke situatie, zodat ik gepaste actie had kunnen nemen.
Een gedeeltelijke terugbetaling voor de periode waarin het apparaat nooit verbonden is geweest, lijkt mij in dit geval gerechtvaardigd — ik ben bereid om als redelijke grens aan te nemen dat [naam ondernemer] na drie maanden inactiviteit een melding had kunnen geven, en accepteer daarom een terugbetaling voor de periode daarna.”
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
“In de [naam appapplicatie] omgeving kun je als klant je verbruik inzien van de lopende maand voor de diensten televisie en bellen. In het overzicht zie je totale extra kosten. Dit wordt gespecificeerd in de tab televisie en bellen. Voor televisie kun je zien welke (betaalde) films of series je die maand hebt besteld. Voor bellen kun je zien naar welke nummers je hebt gebeld en wat de verbruikskosten zijn.
Dataverbruik voor internet wordt niet geregistreerd, aangezien het abonnement onbeperkt is en geen datalimiet heeft. Wanneer een klant geen films of series bestelt of geen gebruik maakt van zijn telefoonlijn staat er ook niets geregistreerd bij het verbruik. Dit wil niet zeggen dat de diensten niet zijn aangesloten. Men hoeft immers geen films of series te bestellen, het is een optie waar de klant gebruik van kan maken. Men hoeft ook geen actief gebruik te maken van een telefoonlijn. Wellicht gebruikt men deze alleen in nood of om gebeld te worden.
Wij monitoren ons netwerk uitsluitend op macro-niveau om de kwaliteit, stabiliteit en prestaties te waarborgen. Bij een storing waarbij alle modems in een woonwijk offline gaan, ontvangen wij een melding om de situatie te onderzoeken. De gegevens van deze systemen worden niet opgeslagen; we kunnen maar over een korte periode terugkijken. Bovendien monitoren wij niet op individuele aansluitingen en dus niet of modems wel of niet zijn aangesloten. Wij ontvangen dus geen melding wanneer één modem langere tijd offline is.
De wederpartij stelt dat de huurders gebruik hebben gemaakt van een aansluiting via een andere aanbieder en dat sinds september 2022 de [naam ondernemer] -apparatuur niet meer aangesloten is geweest. [Naam ondernemer] heeft zijn eigen abonnee overnamepunt; een andere provider kan hierover geen diensten leveren. Het is dus mogelijk dat de apparatuur van [naam ondernemer] al die tijd was aangesloten.
Aangezien wij geen opzegging voor het abonnement hebben ontvangen en de apparatuur niet retour is gestuurd, zijn de abonnementskosten terecht in rekening gebracht.”
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
De ondernemer heeft op overtuigende wijze aangegeven dat een monitoring zoals door de consument wordt verondersteld niet plaatsvindt en niet mogelijk is. Het zelfstandig (kunnen) onderkennen van een situatie waarbij geen (langdurig) gebruik plaatsvindt kan niet worden aangenomen als al wenselijk wordt geacht dat daarop wordt gelet en ongevraagd geattendeerd.
Verder is sprake van een speciale situatie nu de consument niet de gebruiker is. Zelfs kan worden afgevraagd of wel sprake is van een consument. Het door de consument kennelijk volledig achterwege laten van het inzien van het beschikbare consumentenportaal geeft daarvoor al een aanwijzing.
Er is sprake van een abonnementsrelatie waarbij het abonnement op naam staat van de verhuurder en deze dit doorbelast in de huur. Door eigen toedoen althans die van een beheerder namens de verhuurder, is de onderlinge afspraak met de huurder gewijzigd. De consequenties daarvan dienen voor eigen rekening en risico te blijven.
Dat de [naam ondernemer] -apparatuur niet is geretourneerd en waar die is gebleven, betreffen omstandigheden die niet te achterhalen zijn en ook in redelijkheid voor risico van de consument dienen te blijven. Het ongebruikelijke van de situatie ligt meer in de invloedssfeer van de consument dan van de ondernemer. Nu signaal beschikbaar is gehouden, is de ondernemer blijven voldoen aan zijn verplichting en is geen sprake van ongerechtvaardigde verrijking. Zeker niet er geen afnameverplichting is en geen verbruikskosten in rekening zijn gebracht.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Daarom wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Telecommunicatiediensten, bestaande uit de heer
mr. J.M.J. Godrie, voorzitter, de heer J. Schouten, mevrouw mr. L. Schots – Smit, leden, op 26 augustus 2025.
De uitspraak die de commissie heeft gedaan, is bindend voor beide partijen en vormt het sluitstuk van de procedure. De commissie kent geen mogelijkheid om tegen de uitspraak in beroep te gaan of deze te herzien. Ook niet in het geval van nieuwe feiten of argumenten. U kunt wel binnen 2 maanden na de verzenddatum van de uitspraak aan de burgerlijke rechter vragen de uitspraak te vernietigen. De andere partij heeft die mogelijkheid ook.
De rechter kan de uitspraak vernietigen als hij vindt dat de uitspraak onaanvaardbaar is; inhoudelijk of door de wijze van totstandkoming. Wanneer de uitspraak niet binnen 2 maanden door een van de partijen aan de burgerlijke rechter is voorgelegd door dagvaarding van de andere partij, kan de uitspraak niet meer ongedaan gemaakt worden.