Geen contract, geen betaling: consument krijgt geld terug voor warmtepomp

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: facturering    Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: gegrond   Referentiecode: 214677/223484

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument had tot 1 maart 2019 een contract voor de huur van een warmtepomp. Daarna is er geen nieuw contract afgesloten, mede vanwege geluidsoverlast. Toch begon de ondernemer in augustus 2022 opnieuw facturen te sturen. De consument weigerde te betalen en deed een klacht. De commissie oordeelt dat er geen lopend contract is en dat de consument dus niet hoeft te betalen. Alles wat hij na 1 maart 2019 onder protest heeft betaald, moet worden terugbetaald. Ook krijgt hij € 52,50 klachtengeld terug. De klacht is gegrond.

De volledige uitspraak

Samenvatting
De consument heeft geen lopende overeenkomst met de ondernemer ter zake van de huur van een warmtepomp. De consument behoeft dan ook niet facturen uit hoofde van een dergelijke huur aan de ondernemer te betalen. Hij dient terug te krijgen wat hij onder protest betaald heeft.

Beoordeling
De consument had tot 1 maart 2019 een contract met de ondernemer betreffende de huur van een warmtepomp. Op genoemde datum liep het contract af. De consument heeft niet een nieuw contract getekend omdat hij geluidsoverlast van de warmtepomp ervaart. De ondernemer heeft, na gedurende drie jaar geen huurnota’s aan de consument gestuurd te hebben, de facturering met ingang van 1 augustus 2022 hervat. De consument weigert betaling omdat er tussen partijen geen overeenkomst (meer) is.
De ondernemer voert aan dat de consument op grond van de met zijn woningverhuurder gesloten huurovereenkomst verplicht is een overeenkomst met de ondernemer te sluiten. Bovendien neemt de consument nog steeds warmte en warm tapwater af.

Op de zitting van 21 november 2023 is dit geschil aan de orde geweest. Toen is, zonder dat een tussenbeslissing gegeven is, afgesproken dat de ondernemer een monteur bij de consument langs zou sturen om de geluidsklachten te beoordelen. Daarmee beoogde de ondernemer een oplossing voor het geschil te zoeken.
Beide partijen erkennen dat in december 2023 monteurs bij de consument zijn langsgekomen, maar de lezingen over wat er toen gebeurd is verschillen. De consument zegt dat zij niets aan de geluidsoverlast konden doen. De ondernemer zegt dat de consument geweigerd heeft toegang te geven tot de warmtepomp.

De commissie stelt vast dat, nu de lezingen over het bezoek van de monteurs verschillen en gezien het ter zitting verhandelde, partijen niet tot een oplossing gekomen zijn. Voorts stelt de commissie vast dat er geen contract tussen partijen is op grond waarvan de ondernemer een vordering op de consument heeft. Voor zover de ondernemer stelt dat de consument verplicht is een overeenkomst met de ondernemer te sluiten, volgt dat niet uit de overgelegde huurovereenkomst tussen de consument en zijn woningverhuurder. Er is dus geen beding ten behoeve van de ondernemer gemaakt, daargelaten of de woningverhuurder tot het maken daarvan zich jegens de ondernemer verplicht had. Voor zover de ondernemer stelt dat de consument nog steeds warmte en warm tapwater afneemt, kan dat bij gebreke van een overeenkomst bijvoorbeeld leiden tot een vordering uit ongerechtvaardigde verrijking, waarover de commissie echter niet bevoegd is te oordelen (artikel 3 reglement).

Het voorgaande leidt tot de conclusie dat de consument niet gehouden is facturen van de ondernemer ter zake van de huur van een warmtepomp uit hoofde van een tussen hen gesloten overeenkomst aan de ondernemer te betalen. Voor zover de consument (onder protest) betaald heeft, dient de ondernemer de betaalde bedragen te restitueren.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
De commissie stelt vast dat de consument niet gehouden is facturen van de ondernemer uit hoofde van een tussen hen gesloten overeenkomst ter zake van de huur van een warmtepomp aan de ondernemer te betalen. Voor zover de consument na 1 maart 2019 betaald heeft, dient de ondernemer die bedragen te restitueren.

Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 52,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Deze behandelingskosten worden geheel betaald.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. R.J. Paris, voorzitter, de heer R.A. Timmer, de heer mr. B.W. Weilers, leden, op 23 mei 2024.

Opslaan als PDF