Commissie: Energie
Categorie: Overig
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
578502/639156
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument kreeg na een stroomstoring uiteindelijk de standaardvergoeding van € 195 en het klachtengeld van € 52,50 betaald. Hij wilde daarnaast wettelijke rente en € 50 schadevergoeding. De commissie oordeelt dat de ondernemer niet in verzuim was en dat telefoonkosten of frustratie niet vergoed hoeven te worden. De klacht is daarom ongegrond.
Samenvatting
De ondernemer heeft aanvankelijk geweigerd een storingsvergoeding te betalen. De consument wenst naast de inmiddels betaalde vergoeding nog een schadevergoeding en wettelijke rente over de betaalde bedragen. De commissie wijst dat af.
Beoordeling
De consument betoogt dat hij geen vergoeding heeft ontvangen voor een storing in het elektriciteitsnet op 11 mei 2024 die duurde van 18.30 tot 21.55 uur. Na aanvankelijke afwijzing door de ondernemer en na verscheidene apps van de consument, heeft de ondernemer uiteindelijk, na indiening van de klacht bij de commissie, de voor de storing staande vergoeding ad € 195,– betaald, alsmede het klachtengeld ad € 52,50. De consument verlangt dat hem ook de wettelijke rente over die bedragen betaald wordt, alsmede vergoeding van door hem geleden schade ad € 50,–. Hij vordert ook dat de ondernemer aan allen die met de storing te maken hebben gehad, bericht dat zij recht hebben op een vergoeding. Dat laatste onderdeel van de vordering heeft hij ter zitting ingetrokken omdat de ondernemer daaraan inmiddels voldaan had.
De ondernemer erkent dat in de communicatie veel is misgegaan. Hij betreurt dat en biedt zijn excuses aan. Hij is echter niet bereid de gevorderde wettelijke rente te betalen of de geclaimde schade te vergoeden.
De commissie overweegt dat de ondernemer terecht € 195,– en het klachtengeld aan de consument heeft betaald. Voor de betaling van wettelijke rente is geen plaats nu niet gebleken is dat de ondernemer in verzuim was nadat hem een termijn gegund was (artikel 6:119 Burgerlijk Wetboek). Vergoeding van schade die niet gespecificeerd is, maar zal bestaan uit telefoonkosten en dergelijke, wordt afgewezen op grond van het bepaalde in artikel 23 van het reglement (dergelijke kosten komen voor eigen rekening, behoudens een bijzonder geval waarvan hier geen sprake is). Voor zover de schade bestaat uit frustratie, immers immateriële schade, wordt dat afgewezen omdat niet voldaan is aan het bepaalde in artikel 6:106 Burgerlijk Wetboek.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. R.J. Paris, voorzitter, de heer mr. F.J. Pirard, de heer drs. L. van Rootselaar, leden, op 7 januari 2025.