Geen recht op indeplaatsstelling bij pakketreis door weigering luchtvaartmaatschappij

  • Home >>
  • Reizen >>
De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Reizen    Categorie: Wijzigingsbeding    Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 1292527/1327628

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument wilde één deelnemer van de geboekte pakketreis vervangen door iemand anders, omdat de relatie van zijn zoon was beëindigd. De ondernemer weigerde dit, omdat de betrokken luchtvaartmaatschappij geen indeplaatsstelling toestaat bij pakketreizen. Volgens de ANVR‑voorwaarden mag een reiziger alleen worden vervangen als alle dienstverleners daarmee instemmen. De commissie oordeelt dat de ondernemer hier niets aan kan veranderen en dat hij correct heeft gehandeld. De klacht is daarom ongegrond en de consument krijgt geen gelijk.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Het geschil betreft de beoordeling van het verzoek tot indeplaatsstelling zoals door de consument aangevraagd.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Op 24 mei 2025 heb ik een pakketreis (zes personen) geboekt voor ons gezin (met partner) bij ondernemer, nader te noemen de ondernemer. Op 24 juli jl. is de relatie van onze zoon beëindigd, wat een grote impact heeft binnen ons gezin! Toch wilden we de geplande reis hiervoor niet annuleren en hadden het idee om voor onze zoon zijn beste vriend mee te vragen, zodat hij deze dagen niet “het vijfde wiel aan de wagen” zou zijn.
Wij hebben contact opgenomen met de ondernemer en het verzoek geplaatst een naamswijziging door te voeren, wat volgens ons ook tot de mogelijkheden zou behoren. Uiteraard willen we voor de administratiekosten welke van toepassing zijn betalen. Na vele telefoontjes en mails met de ondernemer geeft men geen krimp en blijft men zich beroepen op voorwaarden welke in maart 2025 van kracht geworden zijn. Juridisch zou het zo maar kunnen kloppen? Maar SERVICE is ook een optie? Met deze brief wil ik u vragen te kijken naar de gehele gang van zaken, en te toetsen of deze geaccepteerd kunnen worden binnen door ANVR-voorwaarden.

De consument heeft ter zitting onder meer het volgende toegevoegd:
Ik begrijp echt niet waarom de ondernemer niet heeft meegewerkt. Ik had immers volledig betaald. Dan is het invoeren van een andere naam toch een kleine administratieve beslissing. De ondernemer geeft echter geen krimp. De reis is wel doorgegaan. Wij hebben voor de vriend van mijn zoon een extra ticket gekocht.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De ondernemer heeft op 28 juli als volgt aan de consument bericht:

“Wij willen je laten weten dat het niet mogelijk is om een persoonswijziging door te voeren bij een pakketreis, zoals in jouw geval is aangevraagd. Het verzoek betreft een wijziging van de reiziger zelf, en geen naamscorrectie. Dergelijke wijzigingen worden door de luchtvaartmaatschappij en reisorganisatie niet toegestaan binnen pakketreizen. Wij begrijpen dat dit mogelijk niet het antwoord is waarop je hoopte, maar wij zijn hierin gebonden aan de voorwaarden van de luchtvaartmaatschappij en de regels van de geboekte pakketreis.”

De ondernemer heeft op 11 augustus aan de consument als volgt bericht:

“Zoals eerder aangegeven is het helaas niet mogelijk om een indeplaatsstelling te doen bij deze boeking. In de door u eerder meegestuurde voorwaarden staat inderdaad beschreven dat een dergelijke wijziging mogelijk is, maar altijd onder voorbehoud dat de leveranciers dit toestaan. In dit geval laat [luchtvaartmaatschappij] dit niet toe. Een naamcorrectie is wel mogelijk, maar het volledig overdragen van de pakketreis aan een andere persoon (indeplaatsstelling) is helaas niet mogelijk”.

“De EU-richtlijn verleent het recht op overdracht, maar staat toe dat hier voorwaarden aan worden verbonden. Onze aanvullende voorwaarden specificeren dit verder en hebben in dit geval voorrang, waardoor indeplaatsstelling alleen mogelijk is indien alle dienstverleners dit toestaan. Dit betekent dat er wettelijk voorwaarden aan verbonden mogen zijn, wat wij dan ook hebben gedaan. Wij willen graag onderstrepen dat wij verder zouden willen helpen, maar we moeten helaas de voorwaarden van onze leveranciers respecteren. In dit geval is dat [luchtvaartmaatschappij], die dit niet toestaat.”

De ondernemer heeft ter zitting onder meer het volgende toegevoegd:
Een naamscorrectie is tegen een bescheiden vergoeding geen probleem. De [luchtvaartmaatschappij] staat bij een pakketreis echter niet toe dat een naam wordt gewisseld. De ticket is niet overdraagbaar. Wij begrijpen dat dat heel vervelend is voor de consument. Wij hebben dat ook gecheckt bij [luchtvaartmaatschappij]. Wij komen daar niet doorheen. Ik verwijs u naar onze algemene voorwaarden en artikel 8.11 van de ANVR-voorwaarden.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

De consument heeft een indeplaatsstelling verzocht voor één van de deelnemer van zijn vakantie naar Curaçao. De ondernemer heeft aangegeven daar niet aan te kunnen meewerken.
De commissie is van oordeel dat de ondernemer geen verwijt treft. Die is voor de gevraagde handeling immers afhankelijk van de medewerking van de betrokken luchtvaartmaatschappij in dit geval [luchtvaartmaatschappij], die zijn medewerking heeft onthouden. De commissie wijst ook op het feit dat op grond van artikel 8.1.1 van de ANVR-voorwaarden de indeplaatsstelling alleen mogelijk is als de voorwaarden van de bij de uitvoering betrokken dienstverleners zich daar niet tegen verzetten. Dat is in dit geval aan de orde omdat [luchtvaartmaatschappij] niet tot medewerking bereid is gebleken, hetgeen ook in de voorwaarden is opgenomen.
De commissie ziet geen aanknopingspunt voor de stelling dat de toepasselijke EU-richtlijn zich tegen de beschreven gang van zaken verzet. De klacht is ongegrond.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

Het door de consument gewenste wordt niet gevolgd.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Reizen, bestaande uit de heer mr. O.P.G. Vos, voorzitter, de heer J.J.M. Crijnen, de heer mr. P.C. de Klerk, leden, op 19 maart 2026.

Opslaan als PDF