Geen redelijke termijn voor herstel of vervanging fiets bij veiligheidswaarschuwing fabrikant

  • Home >>
  • Thuiswinkel >>
De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Thuiswinkel    Categorie: (non)conformiteit    Jaartal: 2021
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: gegrond   Referentiecode: 39451/44437

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over

Het geschil gaat over een elektrische damesfiets die de consument bij de ondernemer heeft gekocht. De fabrikant van de fiets heeft onlangs een veiligheidswaarschuwing afgegeven voor de fiets en ook afgeraden de fiets verder te gebruiken. Er is de consument een leenfiets aangeboden, maar die is niet vergelijkbaar met haar fiets. Zij heeft geklaagd bij de ondernemer, maar heeft geen reactie ontvangen. De commissie stelt dat een ondernemer altijd geconfronteerd kan worden met een veiligheidswaarschuwing van een fabrikant. De ondernemer heeft dan de gelegenheid om het product dat niet in orde is te herstellen of te vervangen binnen een redelijke termijn. De consument heeft aangegeven dat de waarschuwing in april 2020 gegeven is, waarbij herstel of vervanging zeker niet voor het einde van 2020 kon. De commissie oordeelt dat deze termijn niet redelijk is. Het was wel redelijk als de consument een vervangende fiets was geboden, die zou voldoen aan de eigenschappen van haar eigen fiets. Maar hiervan was geen sprake. Daarnaast stel de commissie dat de ondernemer het enige aanspreekpunt was voor de consument. De commissie verklaart de klacht gegrond. De consument heeft het recht de overeenkomst te ontbinden.

Volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil
Het geschil vloeit voort uit een op of omstreeks 28 september 2016 en 22 november 2016 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van een elektrische damesfiets Sparta M7e en een aanvullende accu tegen de daarvoor door de consument te betalen prijs van € 1.716,95.

De levering vond plaats op of omstreeks 28 september 2016.

Het geschil betreft de vraag of de geleverde fiets voldoet aan de eisen, die de consument er aan mag stellen.

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Op 30 april 2020 heeft de fabrikant een veiligheidswaarschuwing afgegeven en de consument persoonlijk per e-mail op de hoogte gebracht. De consument is gewaarschuwd dat het frame op een cruciale plek kan gaan scheuren. De fabrikant heeft een speciale site gemaakt voor de problemen met deze fiets. Een check heeft aangegeven dat het frame van de fiets van de consument behoort tot de frames die kunnen gaan scheuren.

Reparatie van de fiets had op zijn vroegst aan het einde van 2020 kunnen plaatsvinden.
Volgens de fabrikant zou een leenfiets beschikbaar zijn. Er is echter geen gelijkwaardige leenfiets beschikbaar.

De consument kan de fiets is op dit moment niet meer gebruiken. Het is te gevaarlijk om deze fiets nog te gebruiken. De gebreken zijn van dien aard dat door het gebruik van de fiets ernstig letsel zou kunnen ontstaan omdat het frame op een cruciale plek kan scheuren en doorzakken.

De consument heeft bij de ondernemer geklaagd, maar daar is niet op gereageerd.

Volgens de consument voldoet de fiets niet aan de eisen, die de consument er aan mag stellen, omdat de fiets binnen drieënhalf jaar na aanschaf ongeschikt is om nog verder te gebruiken. Daarbij kan de fiets niet binnen een redelijke termijn gerepareerd worden.

De consument verlangt ontbinding van de koopovereenkomst.

Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De fiets van de consument valt binnen de terugroepactie, maar vertoont nog geen scheurtjes in frame. De fabrikant heeft schriftelijk bevestigd dat de fiets veilig te gebruiken is. Bij uitzondering is de consument een leenfiets aangeboden, wat door de consument zelf afgewezen is. Het frame is inderdaad in december beschikbaar.

Er is ook aangeboden om een nieuwe fiets te leveren met een bepaalde afschrijving voor de eigen fiets van de consument en een korting op accu.

Volgens de ondernemer is de fabrikant zeer coulant en welwillend geweest om met de consument tot een oplossing te komen.

Van belang is dat de consument geen risico loopt als zij haar fiets nu zou gaan gebruiken. Er zijn immers nog geen scheurtjes in het frame zichtbaar. Als de fabrikant hier ook maar enkel twijfel over zou hebben dan raden ze dit direct af.

Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.

De consument heeft van de ondernemer een fiets gekocht. Door de fabrikant is in april 2020 een veiligheidswaarschuwing afgegeven, die ook betrekking heeft op de fiets van de consument.

De ondernemer is geen dealer van de betreffende fabrikant meer vanaf enig moment gelegen tussen het moment van leveren van de fiets en de veiligheidswaarschuwing. Daarop heeft de consument op aanraden van de fabrikant met een actuele dealer van de fabrikant contact opgenomen, die de consument uitdrukkelijk heeft afgeraden de fiets verder te gebruiken.

De fabrikant heeft een leenfiets aangeboden, die niet vergelijkbaar was met de eigen fiets van de consument.

Een ondernemer kan altijd geconfronteerd worden met een veiligheidswaarschuwing van een fabrikant. Dat op zich is geen reden om te concluderen dat sprake is van een product dat niet voldoet aan de eisen, die er aan gesteld mogen worden. Een ondernemer heeft immers de gelegenheid om het product dat niet in orde is te herstellen of te vervangen.

Die verplichting tot herstel of vervanging dient echter binnen een redelijke termijn en zonder ernstige overlast nagekomen te worden.

De consument heeft aangegeven dat de waarschuwing in april 2020 gegeven is, waarbij herstel of vervanging zeker niet vóór eind 2020 gepland stond.
Naar het oordeel van de commissie is die termijn, ook rekening houdend met enige verstoring van wat gebruikelijk is door corona, niet redelijk. Dat zou slechts anders kunnen zijn als de consument een vervangende fiets geboden was, die minstens zou voldoen aan de kwalificaties van de eigen fiets. Daarvan is niet gebleken.

De ondernemer heeft aangegeven dat de regie voor alle acties bij de fabrikant ligt en lag. Dat neemt niet weg dat de ondernemer als contractspartij van de consument voor haar het enige aanspreekpunt is.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.

Omdat geen sprake is geweest van herstel of vervanging heeft de consument het recht de overeenkomst te ontbinden. Volgens de commissie is ook geen sprake van een gebrek dat van zodanig geringe betekenis is dat de gevolgen van een ontbinding daardoor niet gerechtvaardigd zouden zijn.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
De overeenkomsten d.d. 28 september 2016 en 22 november 2016 worden ontbonden verklaard. Dit betekent dat de ondernemer de geleverde fiets en accu terugneemt en aan de consument de koopprijs ad € 1.716,95 terugbetaalt.

Betaling dient plaats te vinden binnen een maand na de verzenddatum van dit bindend advies.
Indien betaling niet tijdig plaatsvindt, betaalt de ondernemer bovendien de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de verzenddatum van het bindend advies.

De ondernemer zal de fiets binnen een termijn van één maand na de verzenddatum van dit bindend advies ophalen, maar niet voordat de consument de koopprijs terugbetaald heeft gekregen.

Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 52,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Thuiswinkel, bestaande uit mr. F.H.C.M. van Schaijk, voorzitter, W.H.X. Amian en mr. P. Rijpstra, leden, op 24 februari 2021.