Geen schriftelijke overeenkomst: commissie onbevoegd om klacht te behandelen

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Recreatie    Categorie: Overig    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Onbevoegdverklaring   Uitkomst: onbevoegd   Referentiecode: 804123/980575

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument huurt al sinds [jaar] een staanplaats op een camping. De ondernemer werd later eigenaar en RECRON-lid. De consument wilde een klacht indienen bij de Geschillencommissie, maar er is nooit een schriftelijke overeenkomst gesloten waarin de RECRON-voorwaarden zijn opgenomen. De commissie oordeelt dat er geen bindende afspraak is gemaakt om geschillen via de commissie op te lossen. Daarom is de commissie niet bevoegd om deze zaak te behandelen.

De volledige uitspraak

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt
het standpunt op het volgende neer.

Ik stond al op de camping in [jaar] en toen was de heer B. nog geen eigenaar. Toen hij in [jaar] de
camping overnam, is hij RECRON-lid geworden. Hij is dus al meer dan 25 jaar RECRON-lid. Ik verwerp
dan ook dat ik niet-ontvankelijk ben in mijn klacht.

Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern
komt het standpunt op het volgende neer.

De ondernemer verzoekt de commissie de consument niet-ontvankelijk te verklaren in zijn klacht. Dit mede
gelet op het feit dat, zoals de consument zelf aangeeft, er geen overeenkomst bestaat tussen partijen.
De ondernemer is in [jaar] lid geworden van de RECRON. De consument stond er sinds [jaar].
Volgens zijn zeggen is dat op grond van een mondelinge overeenkomst.
In het vonnis van de kantonrechter volgt dat de RECRON-voorwaarden niet van toepassing zijn. Daarom
heeft de consument geen toegang tot de commissie.

Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
Uit het vonnis in kort geding van de kantonrechter van 11 april 2011 blijkt dat de consument krachtens een
mondelinge huurovereenkomst sinds april [jaar] een staanplaats huurt op het terrein van de ondernemer.
Niet gebleken is dat nadien een schriftelijke huurovereenkomst tot stand is gekomen, waarin onder meer de
RECRON-voorwaarden van toepassing zijn verklaard, op grond van welke voorwaarden, in het bijzonder
artikel 19, partijen gebonden zijn aan uitspraken van de commissie.
Gelet op het voorgaande is dan ook niet komen vast te staan dat partijen zijn overeengekomen dit geschil
bij bindend advies door de commissie te laten beslechten.
Op grond van het voorgaande acht de commissie zich onbevoegd het geschil te behandelen.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
De commissie verklaart zich onbevoegd het geschil te behandelen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Recreatie, bestaande uit de heer mr. H.A. van Gameren,
voorzitter, mevrouw mr. M. de Rooij – Slager, mevrouw J.M.A. van Haren, leden, op 5 juni 2025.

Opslaan als PDF