Geen vergoeding voor brandstofpomp en koppeling: klacht ongegrond verklaard

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Voertuigen    Categorie: Garantie    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 425450/561276

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument kocht op 17 april 2023 een BMW 318i Touring uit 2012 met een jaar BOVAG-garantie. Kort voor het einde van de garantieperiode ontstonden motorproblemen, waaronder een storing aan de nokkenas en een defecte brandstofpomp. Omdat de reparatie pas na afloop van de garantie plaatsvond, moest de consument € 1.000 zelf betalen. Ook klaagde hij over een trillende koppeling. De commissie oordeelde dat de auto, gezien leeftijd en kilometerstand, gebreken mocht vertonen en dat niet is aangetoond dat de brandstofpomp of koppeling al bij aankoop gebrekkig waren of binnen de garantieperiode defect zijn geraakt. Hoe vervelend ook voor de consument, er zijn geen gronden om zijn eisen toe te wijzen. De klacht is daarom ongegrond en het verlangde wordt afgewezen.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Onderwerp van het geschil betreft in de kern de vraag of de ondernemer gehouden is de kosten van het vervangen van de brandstofpomp (van € 1.000, –) aan de consument te vergoeden en of de ondernemer het probleem van de koppeling kosteloos dient te verhelpen.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De consument heeft op 17 april 2023 voor € 12.000, — een BMW 318i Touring uit 2012 bij de ondernemer gekocht, met een jaar BOVAG-garantie, welke op 26 april 2023 aan de consument is geleverd. Op 11 maart 2024 trad er een motorstoring op (vermogensverlies) en op 15 maart 2024 heeft de BMW-dealer in de buurt van de woonplaats van de consument een diagnose gesteld. Er werd een storing gerelateerd aan de nokkenas geconstateerd en er bleek een kettingratel hoorbaar te zijn. Er werd geadviseerd verder diagnose te stellen. Vijfenveertig dagen later heeft de consument, na vele reminders, eindelijk een afspraak bij de ondernemer kunnen maken voor herstel. Op dat moment bleek er echter nog meer aan de hand te zijn met de auto. De brandstofpomp bleek vervangen te moeten worden. Omdat de BOVAG-garantie op dat moment net vijf dagen verlopen was, moest de consument dit zelf betalen (€ 1.000, –). De consument vindt het niet reëel om zo lang te moeten wachten om een afspraak te krijgen en vervolgens de reparatie van de brandstofpomp zelf te moeten betalen. De consument heeft het vermoeden dat de ondernemer de afspraak zo gepland heeft, dat deze reparatie net buiten de garantie viel.
In reactie op het rapport van de door de commissie ingeschakelde deskundige merkt de consument nog het volgende op. Van een rokende uitlaat is niet alleen sprake bij koud en vochtig weer, maar ook bij warm droog weer. De consument vertrouwt echter op de opmerking van de deskundige dat dit niet schadelijk is. Betreffende het koppelingsprobleem vindt de consument het vreemd dat nu pas de link wordt gelegd met het trillen/stotteren van de auto bij het wegrijden. Desondanks gaat de consument ervan uit dat de kosten van de reparatie volledig voor de ondernemer zijn, aangezien deze problemen al geruime tijd spelen (binnen de garantieperiode).

De consument verlangt dat de ondernemer € 1.000, — aan hem betaalt.

Ter zitting heeft de consument verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.

Ik verlang ook dat de ondernemer het probleem van de koppeling kosteloos verhelpt.
Op vraag van de commissie wanneer de klachten betrekking hebbende op de koppeling zich voor het eerst hebben geopenbaard, antwoordt de consument dat niet te weten.

Standpunt van de ondernemer

Ter zitting heeft de ondernemer – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.

De auto is op 29 april 2024 bij de ondernemer binnengebracht voor herstel van de problemen die zich in maart 2024 hebben geopenbaard. Vervolgens gaf de boordcomputer van de auto bij het uitlezen een storing brandstofpomp aan. De auto had ten tijde van het uitlezen een kilometerstand van 131.529 kilometer. De storing is door de boordcomputer geregistreerd bij een kilometerstand van 131.440 kilometer.

De consument heeft de klacht betrekking hebben op de koppeling (het dribbelen) niet eerder bij de ondernemer gemeld dan ten tijde van het onderzoek van de door de commissie ingeschakelde deskundige.

Deskundigenrapport

De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapport, voor zover thans van belang, het volgende vastgesteld.

Korte omschrijving van de klacht(en):
• Trilling in het voertuig tijdens het rijden en wegrijden;
• Niet correct starten van de motor;
• Rook vanuit de uitlaat.

Vaktechnisch oordeel
Voorafgaande aan ons onderzoek aan het voertuig hebben wij de zaak met de consument en ondernemer besproken. Hieruit hebben wij de door de consument verstrekte klachten, over het functioneren van het voertuig vernomen. Wij vernamen van de consument dat het voertuig de dag vooraf aan het onderzoek bij de ondernemer was geparkeerd. Het voertuig bevond zich al meer dan twaalf uur op deze locatie.
Vervolgens hebben wij, in het bijzijn van de ondernemer en consument, de motor van het voertuig gestart. De motor sloeg bij de eerste startpoging direct aan en draaide correct. Er was een rook van condens vanuit de uitlaat waarneembaar, welke langzaam verminderde.
Gelet op de weeromstandigheden, vochtig weer, was de vorming van condens vanuit de uitlaat van het voertuig niet ongebruikelijk of afwijkend te benoemen.
Vervolgens hebben wij het voertuig, gezamenlijk met de consument en ondernemer, aan een uitgebreide proefrit onderworpen. Hierbij reden wij zowel binnen de bebouwde kom, over provinciale wegen als over snelwegen. Door ons werd er in totaal 45 kilometers met het voertuig gereden.
Tijdens de proefrit hebben wij het dribbelen van de koppeling, waarover de consument zich ook beklaagd, waargenomen. Het dribbelen van de koppeling werd uitsluitend bij het wegrijden met het voertuig door ons waargenomen.
Tijdens de proefrit met het voertuig hebben wij geen trilling waargenomen. De motor van het voertuig functioneerde tijdens de proefrit correct.
Tevens hebben wij tijdens de proefrit de in de directe omgeving van de ondernemer gevestigde BMW-dealer bezocht. Hier hebben wij de sleutel van het voertuig laten uitlezen. Er bleken geen meldingen of storingen in het systeem te zijn opgeslagen.
Na afloop van onze proefrit hebben wij de ondernemer verzocht om de voertuigelektronica in ons bijzijn uit te lezen. Er bleken geen afwijkingen te zijn opgeslagen in de elektronica van het voertuig welke een afwijking aan het functioneren van de motor weergeven.

Herstel
Herstel is technisch mogelijk.
Het vervangen van de koppeling zal het dribbelen van de koppeling, waarbij er een trilling in het voertuig waarneembaar is, wegnemen.

De herstelkosten hiervan bedragen (bij benadering):

Arbeid € 475,–
Delen (koppeling set, druklager) € 263,–
——- +
Kosten totaal € 738,– exclusief BTW
Kosten totaal € 892,98 inclusief BTW.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

De commissie ziet geen reden het door de consument verlangde toe te wijzen. De redenen hiervoor zijn de volgende.

Op grond van artikel 7:17 e.v. BW moet de verkoper ervoor instaan dat het geleverde product beantwoordt aan de overeenkomst (conformiteit). Treedt er een gebrek op binnen twaalf maanden na aflevering, dan gaat de wet er van uit dat het gekochte product bij de aflevering niet aan de overeenkomst heeft beantwoord, tenzij de verkoper anders aantoont of de aard van het product of de aard van de afwijking zich daartegen verzet. Van non-conformiteit in de zin van artikel 7:17 BW kan echter ook sprake zijn bij een gebrek dat zich voor het eerst meer dan 12 maanden na aflevering openbaart.

Voldoet een product niet aan de overeenkomst (met andere woorden: is het product non-conform), dan heeft de koper in beginsel recht op kosteloze reparatie of vervanging, tenzij dit van de verkoper niet kan worden gevergd als bedoeld in artikel 7:21 Burgerlijk Wetboek. Dit wordt ook wel de wettelijke garantie genoemd.

In dit geval gaat het om een tweedehandsauto van op het moment van aankoop 11 jaar oud met een kilometerstand van 114.985 km. Dit was de consument bij de koop bekend. De consument mocht om deze reden redelijkerwijs niet verwachten dat de auto geen enkel technisch gebrek zou hebben, na aflevering vrij zou blijven van gebreken of geen reparatie nodig zou hebben. Een auto is bij normaal gebruik onderhevig aan slijtage en in het algemeen geldt dat de kans op technische gebreken groter wordt naarmate de auto ouder is en meer kilometers heeft gereden. Dit algemene gegeven is verdisconteerd in de koopprijs van een gebruikte auto, die doorgaans lager is dan die van een nieuwe. Een koper van een gebruikte auto op leeftijd met een kilometerstand van 114.985 moet er dan ook rekening mee houden dat een dergelijke auto kenmerken bezit die voor dit type zaken normaal zijn en die van invloed zijn op de duurzaamheid en functionaliteit. Dit betekent dat de koper er in het algemeen rekening mee moet houden dat de auto eerder gebreken zal vertonen dan een nieuwe auto en eerder regulier onderhoud nodig zal hebben. Niet gebleken is dat de gebreken waar de vorderingen van de consument op zien zich kort na aflevering hebben geopenbaard en terug te voeren zijn op een gebrekkige staat van de auto op het moment van aflevering aan de consument. Naar het oordeel van de commissie is, gelet op de aard van het product en de aard van de gebreken waarover de consument zich thans beklaagt die zich na aflevering hebben geopenbaard, niet komen vast te staan dat de auto op het moment van aflevering niet de eigenschappen had die de consument op grond van de koopovereenkomst mocht verwachten. De consument heeft dan ook geen recht op het door hem verlangde gelet op de genoemde wettelijke garantie.

Vaststaat dat partijen echter ook een jaar BOVAG-garantie zijn overeengekomen. Aan de orde is dus ook de vraag of de consument op grond van deze BOVAG-garantie recht heeft op het door hem verlangde. De tussen partijen overeengekomen BOVAG-garantie betreft, gelet op de “BOVAG Garantiebepalingen Gebruikte Auto” zowel het herstel van gebreken die ten tijde van de koop niet waarneembaar waren, als het herstel van gebreken die tijdens de garantieperiode ten gevolge van normaal gebruik zijn ontstaan, waaronder significante slijtagesporen. De kosten van herstel zijn in dat geval geheel voor rekening van de verkoper. Reparaties of vervanging van onderdelen ter gelegenheid van normale gebruikelijke onderhoudsbeurten, voor zover niet voortvloeiend uit de gebrekkige uitvoering van de voor de aflevering door de verkoper verrichte onderhoudsbeurt, vallen niet onder de BOVAG Aankoopgarantie. Zo blijkt uit voornoemde garantiebepalingen.

Naar het oordeel van de commissie is niet komen vast te staan dat de koppeling en/of de brandstofpomp ten tijde van de koop al gebrekkig waren. Ook is niet komen vast te staan dat het gebrek aan de koppeling en het gebrek aan de brandstofpomp binnen de overeengekomen garantieperiode zijn ontstaan of het gevolg zijn van gebreken die wel binnen de garantieperiode zijn ontstaan. Hoe vervelend dit ook is voor de consument, die commissie ziet gelet op het voorgaande geen redenen aanwezig om de eisen van de consument toe te wijzen.

De commissie is dan ook van oordeel dat de klacht ongegrond is en beslist als volgt.

Beslissing

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. D.P.C.M. Hellegers, voorzitter, de heer R. Vlasveld, mevrouw mr. R. Jelicic, leden, op 21 februari 2025.

Opslaan als PDF