Geschil over inzage medisch dossier tussen cliënt en zorgaanbieder

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Geestelijke Gezondheidszorg    Categorie: -    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: tussenadvies   Uitkomst: aanvullende informatie nodig   Referentiecode: 249337/412423

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

In een geschil tussen een cliënt en een zorgaanbieder klaagt de cliënt over de onvoldoende beveiliging van haar medisch dossier, waarbij veel medewerkers toegang zouden hebben gehad. De cliënt eist dat alle cliënten geïnformeerd worden en dat medewerkers wekelijks gecontroleerd worden. Tevens wordt een schadevergoeding geëist. De zorgaanbieder stelt echter dat de inzagen gerechtvaardigd waren op basis van functionele verantwoordelijkheden van medewerkers volgens een authorisatiematrix, en dat niet alle inzagen betrekking hadden op behandelinformatie. De cliënt heeft eerder uitleg ontvangen over deze inzagen. De commissie constateert dat het onderzoeksrapport over de inzagen niet goed is onderbouwd en biedt de partijen twee maanden de tijd voor nader overleg. Tijdens dit overleg zal de zorgaanbieder het rapport met de cliënt bespreken en de cliënt een geanonimiseerde versie verstrekken. Als de cliënt na ontvangst van dit rapport nog steeds onrechtmatige inzagen meent, moet zij dit concreet motiveren. De commissie verwacht uiterlijk 4 april 2025 van de cliënt of het geschil verder moet worden voortgezet.

De uitspraak

in het geschil tussen

[naam], wonende te [naam}
(hierna te noemen: de cliënt)

en

GGzE, gevestigd te Eindhoven
(hierna te noemen: de zorgaanbieder).

Behandeling van het geschil

Partijen zijn overeengekomen dit geschil bij bindend advies door de Geschillencommissie Geestelijke Gezondheidszorg (verder te noemen: de commissie) te laten beslechten.

De commissie heeft kennisgenomen van de overgelegde stukken.

De behandeling heeft plaatsgevonden op 4 februari 2025 te Utrecht. De cliënt was met haar dochter ter zitting aanwezig. Namens de zorgaanbieder zijn [naam] (manager concert audit en stafbureau), [naam] (bedrijfsjurist) en toehoorder [naam] (beleidsadviseur juridische zaken) ter zitting verschenen.

Partijen zijn tijdig en behoorlijk opgeroepen ter zitting te verschijnen.

Onderwerp van het geschil

De cliënt heeft de klacht voorgelegd aan de zorgaanbieder.

Standpunt van de cliënt

Voor het standpunt van de cliënt verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De cliënt kwam erachter dat alle medewerkers binnen de zorgaanbieder haar medisch dossier kunnen inzien, getuige ook de lijst met namen van 160 medewerkers die daadwerkelijk inzage hebben gehad. De beveiliging van de dossiers is onvoldoende.

De cliënt wenst dat alle cliënten door de zorgaanbieder hierover ingelicht worden en dat de medewerkers van de zorgaanbieder wekelijks worden gecontroleerd. Daarnaast vordert de cliënt een schadevergoeding van € 2500, –.

Standpunt van de zorgaanbieder

Voor het standpunt van de zorgaanbieder verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Volgens de zorgaanbieder is geen sprake van onrechtmatige inzage in het dossier van de cliënt, omdat:
– de 160 inzagen een periode betreffen van bijna zes jaar;
– het aantal afdelingen waar de cliënt is behandeld of op de wachtlijst heeft gestaan, hierop van invloed is;
– het medewerkers betrof die een functionele verantwoordelijkheid hadden in overeenstemming met de authorisatiematrix die toegang geeft tot een cliëntdossier;
– de inzagen betrekking hebben op diverse modules in het dossier, waaronder financiële en administratieve modules. Niet alle inzagen hebben dan ook betrekking op behandelinformatie.

De bovenstaande argumenten zijn op 10 maart 2023 al met de cliënt besproken.

Volgens de zorgaanbieder bestaat geen grond voor toekenning van een schadevergoeding. De gestelde schade is ook niet nader onderbouwd.

Tussenadvies

De commissie heeft het volgende overwogen.

Ter zitting heeft de zorgaanbieder toegelicht dat naar aanleiding van de klacht van de cliënt onderzoek is gedaan naar de inzagen in het dossier van de cliënt. Het hieruit volgende onderzoeksrapport is gedeeld met de Raad van Bestuur en is mondeling besproken met de cliënt. Dit eerst op zitting ingenomen standpunt is niet met stukken onderbouwd zodat de commissie niet kan vaststellen dat dit standpunt juist is, nog los van de vraag of uit dit rapport blijkt dat er geen onrechtmatige inzage heeft plaatsgevonden.

Ter zitting is dan ook het volgende met partijen overeengekomen.

Partijen krijgen twee maanden de gelegenheid om nader met elkaar in gesprek te gaan. Concreet betekent dit dat de zorgaanbieder de cliënt op locatie ontvangt en met de cliënt het onderzoeksrapport bespreekt. Ook krijgt de cliënt een vertaalde of geanonimiseerde versie van het rapport.

Indien voor de cliënt de toelichting en ontvangst van het rapport voldoende zijn en de geschillenprocedure niet verder hoeft te worden voortgezet, deelt de cliënt dit tijdig aan de commissie mee.

Indien de cliënt na de toelichting en ontvangst van het rapport nog steeds van mening is dat sprake is van onrechtmatige inzage in haar dossier, dan legt zij dit concreet en gemotiveerd voor aan de commissie. In ieder geval motiveert de cliënt welke inzage(n) door welke medewerker(s) naar haar mening onrechtmatig is/zijn en waarom.

In dat geval verstrekt de zorgaanbieder per ommegaande het onderzoeksrapport, voor zover relevant voor de beoordeling van de klacht, aan de commissie, zodat de commissie de kennelijke onrechtmatige inzage(n) kan beoordelen. Ook krijgt de zorgaanbieder dan nog de gelegenheid op de stellingen van de cliënt te reageren. Vervolgens wordt een nieuwe mondelinge behandeling gepland.

Uiterlijk 4 april 2025 verneemt de commissie van de cliënt of de geschillenprocedure voortgezet moet worden.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
De commissie:
– stelt partijen gedurende twee maanden na de zitting in de gelegenheid met elkaar in gesprek te gaan ter toelichting en verstrekking van het onderzoeksrapport;
– verneemt uiterlijk 4 april 2025 van de cliënt of de geschillenprocedure moet worden voortgezet;
– houdt iedere verdere beslissing aan.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Geestelijke Gezondheidszorg, bestaande uit mevrouw mr. S.W.M. Speekenbrink, voorzitter, mevrouw drs. F. Zwanepol, de heer mr. S. Sierksma, leden, in aanwezigheid van mevrouw mr. S.M.E. Balfoort, secretaris, op 4 februari 2025.

Opslaan als PDF