Hogere kosten voor stroomaansluiting zijn niet onredelijk

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Tariefbepalingen    Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 218771/241193

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument heeft een klacht ingediend over de hoge kosten voor een verzwaarde elektriciteitsaansluiting van 3 x 35A. Hij vindt het prijsverschil met een standaard aansluiting van 3 x 25A te groot en onredelijk. De consument heeft deze zwaardere aansluiting nodig vanwege een hybride warmtepomp die meer stroom vraagt bij koud weer. Volgens hem betaalt hij per Ampère bijna drie keer zoveel, terwijl hij geen keuze heeft in de tarieven. De ondernemer, de netbeheerder, stelt dat de tarieven zijn vastgesteld door de ACM (Autoriteit Consument & Markt) en dat deze wettelijk zijn goedgekeurd. De bezwaartermijn tegen deze tarieven is al verlopen. De Geschillencommissie Energie oordeelt dat zij niet over de hoogte van de tarieven mag beslissen, maar wel mag kijken of de tarieven redelijk zijn. Omdat de ACM de tarieven heeft vastgesteld, gaat de commissie ervan uit dat deze redelijk zijn. De commissie vindt de klacht van de consument daarom ongegrond en wijst zijn verzoek af.

De volledige uitspraak

Samenvatting
De tarieven die de ondernemer aan de consument in rekening brengt voor zijn verzwaarde elektriciteitsaansluiting zijn niet onredelijk.

Beoordeling
Standpunt van de consument

‘De netbeheerkosten voor een aansluiting van 3 x 35A zijn veel te hoog. Een normale huisaansluiting is 3 x 25A of 1x 35A. In mijn geval heb ik een 10 kW hybride warmtepomp aangeschaft welke bij extreme kou een vermogen nodig heeft van 17A wat net te groot is voor de 3x 25A aansluiting. Daarom heb ik de netbeheerder gevraagd deze aansluiting te verzwaren. Ik wil graag betalen voor een stroomaansluiting, maar het verschil van 3x25A (75A totaal voor een totaalbedrag van +/- €325,– per jaar) naar 3 x 35A (105 totaal voor een totaalbedrag van +/- €1.282,–) is bizar groot en mijns inziens onredelijk. Als je dit zou omrekenen naar 1A kom ik met 3x25A op € 4,33 per 1A, en met 3 x 35 komt ik uit op € 12,20 per 1A. Netbeheerder en de ACM zeggen beide hier niets aan te kunnen doen. Aangezien het geen vrije markt en ik een prijs per Ampère moet betalen die ongeveer drie keer zo hoog is maak ik bezwaar tegen dit onredelijke prijsverschil per Ampère.’

Standpunt van de ondernemer

‘De tarieven die door netbeheerder in rekening worden gebracht, zijn op 21 november 2022 vastgesteld door de ACM in het Tarievenbesluit Naam Netbeheer B.V. Elektriciteit 2023 (hierna: het besluit). Bij het besluit zijn een aantal bijlages aangehecht. Bijlage 2 van het besluit betreft het Tarievenblad Netbeheerder Elektriciteit 2023. Hierin staan de vastgestelde tarieven uitgewerkt. Het besluit is een besluit in de zin van de AWB waartegen bezwaar en beroep openstaat. Dit blijkt ook uit het besluit, pagina 22. Inmiddels is de bezwaartermijn reeds (lang) verstreken, zodat het besluit definitief is geworden. Dat betekent ook dat klager niet langer de mogelijkheid heeft om tegen deze door de ACM en op basis van de wet vastgestelde tarieven in bezwaar te gaan.
Primair stelt netbeheerder dat uw Commissie onbevoegd is om zich in deze kwestie uit te laten, omdat de vaststelling van de tarieven is voorbehouden aan de ACM. Subsidiair stelt netbeheerder zich op het standpunt dat de klacht ongegrond dient te worden verklaard, omdat netbeheerder gebruikmaakt van de door de (onafhankelijke) toezichthouder vastgestelde tarieven conform de E-wet.’

Oordeel van de commissie

De commissie stelt vast dat tussen partijen een overeenkomst bestaat met betrekking tot de elektriciteit aansluiting. Artikel 4 van het reglement van de commissie regelt de bevoegdheid van de commissie. Daarin wordt geen uitzondering gemaakt voor een kwestie als het onderhavige. Dat wil niet zeggen dat de commissie een discretionaire bevoegdheid heeft met betrekking tot de door de ondernemer gehanteerde tarieven. Het criterium is of de ondernemer redelijke tarieven in rekening brengt. Er moet vanuit worden gegaan dat de door de ACM vastgestelde tarieven die redelijkheidstoets doorstaan. Naar het oordeel van de commissie kan niet worden gezegd dat deze tarieven in het geval van de consument evident onredelijk uitpakken. De klacht treft dan ook geen doel.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. D.J. Buijs, voorzitter, de heer mr. F.J. Pirard, mevrouw mr. A. Dantuma, leden, op 13 maart 2024.

Opslaan als PDF