Commissie: Energie
Categorie: Tariefbepalingen
Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: gegrond
Referentiecode:
407405/428880
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument vond dat hij € 96,76 tegoed had op zijn jaarnota van 23 februari 2024, maar kreeg slechts € 46,76 terug. De ondernemer had € 40 ingehouden voor aanmaningskosten, maar kon niet bewijzen dat die terecht waren. De commissie bepaalt dat dit bedrag alsnog moet worden terugbetaald. Ook blijkt dat de ondernemer maandelijks saldeert in plaats van jaarlijks, wat in strijd is met de Elektriciteitswet. De commissie oordeelt dat saldering op jaarbasis moet plaatsvinden. De ondernemer moet een nieuwe jaarnota maken en het klachtengeld van € 52,50 vergoeden. De klacht is deels gegrond.
De volledige uitspraak
Samenvatting
De consument meent dat hij op grond van de jaarnota van 23 februari 2024 een bedrag van € 96,76 tegoed heeft van de ondernemer. Die heeft zonder andere uitleg maar een bedrag van € 46,76 uitgekeerd en de consument vraagt om betaling van het restant.
Verder maakt de consument bezwaar tegen het feit dat de ondernemer op maandelijkse basis zijn stroomverbruik en de stroom, die de consument terug levert aan het net, saldeert. De consument vraagt de commissie te bepalen dat dat op jaarbasis moet plaatsvinden.
Beoordeling
Uit de stukken die de commissie heeft gekregen blijkt dat de ondernemer een bedrag van € 40,– heeft afgetrokken van het tegoed vermeld op de jaarnota van 23 februari 2024 voor verschuldigde aanmaningskosten.
De consument heeft betwist die verschuldigd te zijn en de ondernemer heeft naar het oordeel van de commissie onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de consument die wel degelijk verschuldigd was. Dat bedrag moet dan ook alsnog uitgekeerd worden aan de consument.
Verder blijkt dat de ondernemer twee voorschotbedragen van ieder € 5,– heeft afgetrokken van het tegoed. Het betreft de maanden februari en maart 2024. Het is de commissie niet gebleken dat dat ten onrechte is gebeurd. Restitutie van € 10,– is daarom niet aan de orde. Dat verzoek wordt afgewezen.
De stelling van de consument dat de ondernemer maandelijks saldeert in plaats van jaarlijks wordt niet betwist door de ondernemer. Het standpunt van de consument wordt naar het oordeel van de commissie bevestigd door de bij de jaarnota van 23 februari 2024 gevoegde overzichten. De ondernemer handelt daarmee in strijd met de wens van de wetgever zoals die blijkt uit de wetsgeschiedenis.
Op grond van artikel 31c lid 1 van de Elektriciteitswet 1998 wordt in beginsel aangenomen dat de ondernemer voor het te factureren verbruik eerst vaststelt welke hoeveelheid elektriciteit de consument heeft afgenomen en dan welke hoeveelheid elektriciteit de consument heeft teruggeleverd. Het saldo van die twee levert het verbruik op ten behoeve van de facturering. Een en ander dient in beginsel te geschieden op jaarbasis.
Al met al is de commissie van oordeel dat de klacht deels gegrond is en beslist de commissie het volgende.
De ondernemer betaalt de consument alsnog een bedrag van € 40,– uit. De eerder aan de consument toegezonden jaarnota van 23 februari 2024 komt te vervallen en de ondernemer dient een nieuwe jaarnota op te stellen met inachtneming van het vorenstaande. De commissie gaat er van uit dat de ondernemer voor het saldo een tarief hanteert dat gebruikelijk is in de branche.
Beslissing
De ondernemer betaalt aan de consument een bedrag van € 40,–. Die betaling moet gebeuren binnen zes weken na de datum van het versturen van dit bindend advies.
Verder maakt de ondernemer een nieuwe jaarnota op voor de periode van 7 november 2022 tot 18 december 2023. Dat moet gebeuren binnen zes weken na de datum van het versturen van dit bindend advies.
De ondernemer dient € 52,50 aan klachtengeld aan de consument te vergoeden.
De ondernemer dient behandelkosten te voldoen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit mevrouw mr. I.E. de Vries, voorzitter, de heer mr. F.J. Pirard , de heer mr. P. P. van der Neut , leden, op 18 september 2024.