Commissie: Energie
Categorie: Kosten / Warmte
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ten dele gegrond
Referentiecode:
1284835/1301832
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument is het niet eens met verschillende kosten rond zijn warmteaansluiting, zoals servicekosten voor de afleverset, tariefverhogingen en onduidelijke berekeningen. De aanbieder verwijst naar de contracten uit 2021 en jaarlijkse tariefbladen. De commissie oordeelt dat sommige klachten ongegrond zijn, zoals het in rekening brengen van vastrecht en servicekosten, en de klacht over de verkoop van de afleverset (waar de aanbieder geen partij bij was). Maar de commissie vindt dat de aanbieder onvoldoende transparant is geweest over hoe de jaarlijkse tariefverhogingen zijn berekend. Ook zijn de tariefwijzigingen niet tijdig (30 dagen vooraf) aangekondigd. Daarom moet de aanbieder binnen vier weken duidelijke berekeningen aanleveren voor de jaren 2022 t/m 2025 en eventuele fouten corrigeren. De klacht is daarmee gedeeltelijk gegrond.
De volledige uitspraak
Samenvatting
Consument is het onder meer niet eens met het in rekening brengen van kosten voor service en onderhoud voor de afleverset, het (te) laat bekend maken van tariefverhogingen, onjuiste berekeningen, althans niet transparante berekeningen. Aanbieder verwijst naar de overeenkomsten tussen partijen gesloten in 2021, de tarievenbladen die jaarlijks worden gedeeld en voorts op een eenmalige typefout in de tarieven voor 2024.
Beoordeling
De commissie heeft het volgende overwogen.
Vast staat dat partijen een Exploitatieovereenkomst hebben gesloten d.d. 11-10-2021 met bijbehorende tarieven en de jaarlijkse verhoging van de tarieven op grond van art 6, inhoudende onder meer dat tarieven van vastrecht en meetdienst worden aangepast overeenkomstig genoemd percentage van de door de ACM gepubliceerde maximumtarieven en ook inhoudende dat de tarieven van energie jaarlijks worden geïndexeerd in navolging van DEPV en ACM doch gemaximeerd door de warmtewet.
Vast staat ook dat partijen de daarbij behorende Overeenkomst Service Afleverset hebben afgesloten d.d. 21-10-2021 met bijbehorende tarieven en jaarlijkse verhoging van de tarieven op grond van art 2, onder meer volgens de index basis van de Tabel Regelingslonen Bouwnijverheid en Installatiebedrijven van het CBS.
Waar consument klaagt dat aanbieder geen “vastrecht” in rekening mag brengen en daar mee moet stoppen, is de commissie van oordeel dat die klacht ongegrond is.
Waar consument klaagt dat de afleverset nooit verkocht had mogen worden aan de eigenaren van de woningen (appartementsgerechtigden), is de commissie van oordeel dat deze klacht jegens aanbieder niet ontvankelijk is, omdat aanbieder geen partij was bij genoemde verkoop.
Waar consument klaagt dat eigenaren van de afleverset geen kosten zou hoeven betalen voor service en onderhoud, is de commissie van oordeel dat deze klacht ongegrond is.
Waar consument klaagt dat transparantie over de aanpassing van de tarieven, ondanks herhaalde verzoeken, nooit is verstrekt, zodat niet gecontroleerd kan worden of de aanpassingen overeenkomen met de contractuele afspraken, is de commissie van oordeel dat de klacht aangaande de transparantie gegrond is, met name omdat de jaarlijkse aanpassingen van de verschillende tarieven volgens de contract niet slechts afhankelijk zijn van één index, op grond waarvan de rekensom eenvoudig zou zijn, maar op grond van onder meer index CBS, index DEPV, index ACM, maximum tarieven ACM en maximale prijsstijging warmtewet. Initiële tarieven zijn de tarieven vermeld of aangehecht aan de contracten uit 2021.
De commissie is voorts van oordeel dat voor consument kenbaar moest zijn dat in het eerste tarievenblad voor 2024 sprake was van een typefout, als gesteld door aanbieder, waar een bedrag voor service en onderhoud van de afleverset is opgenomen van “€ 0,-” voor eigenaren van de woning en “€ 141,17” voor huurders van de woning, terwijl dit andersom moest zijn, zoals in alle andere jaren tijdens de contractperiode, te weten in 2022 en 2023, alsook in het jaar erna, te weten 2025, toen de bedragen voor service en onderhoud van de afleverset voor eigenaren van de woning € 129,60 respectievelijk € 134,18 respectievelijk € 150,37 bedroegen.
Waar consument klaagt dat op eerste tarievenblad 2022 geen bedrag voor huurders is vermeld, en consument daar consequenties aan wil verbinden, stelt de commissie vast dat dat tarievenblad 2022 specifiek vermeldt: “Levering van warmte aan VvE leden” (dus niet aan huurders) en is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Waar consument klaagt over het te laat bekend maken van de tariefsverhogingen, omdat brieven ter zake niet tenminste 30 dagen voorafgaand aan de datum van premieverhoging werden ontvangen, is de commissie van oordeel dat deze klacht gegrond is. Aangezien het voor consument evenwel kenbaar is dat jaarlijks per 1 januari tarieven worden geïndexeerd, zoals contractueel vastgelegd in art 2 van de serviceovereenkomst en art 6 van de exploitatie overeenkomst, is de commissie van oordeel dat aanbieder wel in gebreke is, maar dit niet leidt tot schade voor consument en/of reden om consument te compenseren.
De commissie wijst aanbieder op de voorwaarde om net als andere aanbieders 30 dagen voor ingang van de premiewijziging consument te informeren. Wanneer later zou blijken dat het nieuwe tarief hoger zou zijn dan het maximumtarief van ACM, kan uiteraard een correctie plaatsvinden.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ten dele gegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De commissie
• bepaalt dat aanbieder binnen 4 weken na verzending van deze beslissing, transparante berekeningen overlegt/stuurt aan consument van de premieverhogingen per 1 januari 2022, 2023, 2024 en 2025 en met verwijzing naar toepasselijke index, maxima etc;
• bepaalt dat aanbieder, in geval deze transparante berekeningen tot een andere uitkomst zouden leiden dat de in rekening gebrachte tarieven in 2022, 2023, 2024 en 2025, aanbieder op kortst mogelijke termijn zorgdraagt voor correctie van hetgeen in rekening is gebracht over deze jaren (zowel plus als min);
• wijst het meer of anders verzochte af.
Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 52,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Deze behandelingskosten worden geheel betaald.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit mevrouw mr. E.M.T. van Ruitenbeek – de Bekker, voorzitter, de heer R.A. Timmer, mevrouw mr. M.J. Boon, leden, op 14 november 2025.