Commissie: Energie
Categorie: Communicatie
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
1258797/1308694
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument klaagde dat de aanbieder zijn contractvoorwaarden eenzijdig had gewijzigd en dat er te laat op zijn bezwaren was gereageerd. De aanbieder legde uit dat het niet om een wijziging van het bestaande contract ging, maar om de voorwaarden die zouden gelden ná afloop van het vaste contract op 8 augustus 2025. Omdat de consument geen nieuw vast contract had afgesloten vóór die datum, liep het contract automatisch door als variabel contract. Op 15 augustus 2025 sloot de consument vervolgens zélf via de digitale omgeving een nieuw vast contract, inclusief de daarbij horende voorwaarden. De commissie oordeelt dat dit geen eenzijdige wijziging is, maar een nieuw contract dat de consument vrijwillig heeft afgesloten. De klacht is daarom ongegrond. De aanbieder had wel laat gereageerd, maar heeft hiervoor al coulance betaald (€150,- inclusief klachtengeld en terugleverkosten).
De volledige uitspraak
Samenvatting
Consument klaagt over aangekondigde eenzijdige wijziging van contractvoorwaarden door aanbieder en over het uitblijven van een tijdige reactie van aanbieder op zijn bezwaren daartegen.
Aanbieder heeft daarna per mail inhoudelijk gereageerd op de bezwaren van consument door aan te geven dat het niet om een wijziging van bestaande voorwaarden ging, maar om voorwaarden na afloop van het lopende vaste energiecontract op 8 augustus 2025.
Discussie en verlate email wisseling tussen partijen heeft ertoe geleid dat per 8 augustus 2025 geen nieuw vast contract tussen partijen werd afgesloten, zodat per die datum sprake was van een contract voor onbepaalde tijd tegen de op dat moment geldende contractvoorwaarden voor een variabel contract.
Consument heeft op 15 augustus 2025 per mail aangegeven van plan te zijn een nieuw contract met aanbieder aan te gaan met het oog op zekerheid ten aanzien van energielasten en te vermelden “dat ik met het aangaan van een nieuw contract uitsluitend instem met de afgesloten looptijd en tarieven, maar dat dit geen instemming inhoudt met wijziging van kernvoorwaarden uit mijn eerder contract, tenzij ik daar ondubbelzinnig en schriftelijk mee akkoord ga”.
Consument heeft evenwel via de digitale omgeving van aanbieder een nieuw vast contract met aanbieder met de daarbij horende voorwaarden afgesloten per 15 augustus 2025.
Aanbieder heeft op 7 november 2025 (een week voor de zitting) een coulance betaling gedaan aan consument van € 150,- om reden dat de reactie op de door consument naar voren gebrachte bezwaren langer dan gebruikelijk had geduurd, tevens inhoudende een vergoeding van het aan de Geschillencommissie verschuldigde klachtengeld ad € 52,50 alsmede inhoudende een vergoeding van de in rekening gebrachte terugleverkosten ad € 21,84 over de periode 8-15 augustus 2025 (toen het variabel contract van kracht was) en nog geen nieuw vast contract was afgesloten.
Consument heeft aangegeven dat zijn klacht volledig aanhangig diende te blijven omdat hij een inhoudelijk beoordeling nodig achtte van het door hem benoemde geschil over de onrechtmatigheid van de eenzijdige wijziging van contractvoorwaarden door aanbieder.
Beoordeling
De commissie heeft het volgende overwogen.
Vast staat dat consument met aanbieder een energiecontract heeft afgesloten per 8 augustus 2023 voor een vaste periode van twee jaar, dat wil zeggen tot 8 augustus 2025, tevens inhoudende stilzwijgende voortzetting (na die twee jaar) op basis van een energiecontract voor onbepaalde tijd tegen de op dat moment geldende contractvoorwaarden voor een variabel contract.
Vast staat dat aanbieder op 24 juni en 6 juli 2025 consument heeft geïnformeerd over de nieuwe tarieven en voorwaarden die zouden ingaan per 8 augustus 2025, waarbij is gewezen op de mogelijkheid het contract kosteloos op te zeggen.
Waar consument klaagt over eenzijdige wijziging (door aanbieder) van contractvoorwaarden per 8 augustus 2025, is die klacht ongegrond.
Waar consument op 7 juli 2025 klaagt over het uitblijven van een inhoudelijke reactie van aanbieder op zijn bezwaar, stelt de commissie vast dat aanbieder inmiddels wel, zij het met vertraging, namelijk per 24 juli 2025, een inhoudelijke en adequate reactie heeft gegeven, waarin is verwezen naar het bestaande contract, de contractvoorwaarden behorende bij het variabel contract dat zou gelden per 8 augustus 2025, de mogelijkheid om het contract kosteloos en zonder opzegtermijn op te zeggen of door aanmelding bij een andere leverancier.
Het verzoek van consument om de leverancier te verplichten alsnog binnen een redelijke termijn inhoudelijk te reageren op het bezwaar, behoeft daarmee geen beoordeling meer.
Vast staat dat consument, naar eigen zeggen ter zitting, zich niet heeft gewend tot een andere aanbieder, maar via de digitale omgeving van aanbieder een aanbod tot een nieuw vast energiecontract met aanbieder per 15 augustus 2025 heeft aanvaard. Een vast contract dat, als gebruikelijk, de looptijd en tarieven omvat en de voorwaarden daarvoor.
Dat voorwaarden in nieuwe contracten ook zien op terugleverkosten, is voorts geenszins ongebruikelijk sinds de ACM die mogelijkheid in haar richtlijnen heeft opgenomen.
Het feit dat consument per mail separaat aan leverancier bericht wel in te stemmen met looptijd en tarieven van het nieuwe contract maar niet met de (kern)voorwaarden die afwijken van zijn eerdere contract, omdat eenzijdige wijziging van contractvoorwaarden onrechtmatig zou zijn, is onbegrijpelijk, want er is geen sprake van eenzijdige wijziging van contractvoorwaarden, maar van een nieuw contract. Een nieuw contract bovendien, waartoe consument op geen enkele manier gedwongen of genoodzaakt was.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De commissie wijst alle verzoeken af.
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Deze behandelingskosten worden geheel betaald.Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit mevrouw mr. E.M.T. van Ruitenbeek – de Bekker, voorzitter, de heer R.A. Timmer, mevrouw mr. M.J. Boon, leden, op 14 november 2025.