Klacht ongegrond: juiste meterstanden alsnog verwerkt

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Overig    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 592956/699646

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument stapte op 5 november 2023 over naar een nieuwe energieleverancier en gaf zelf meterstanden door. Omdat hij geen foto met datum stuurde, gebruikte de ondernemer eerst geschatte standen. Daardoor moest de consument meer betalen aan zijn oude leverancier. Later, op 3 mei 2024, heeft de ondernemer alsnog de juiste meterstanden van de consument gebruikt en een correcte factuur opgesteld. De consument wilde nog dwangsommen en een vergoeding voor psychische schade, maar die zijn afgewezen. De klacht is ongegrond en het depotbedrag van € 881,23 gaat naar de ondernemer.

De volledige uitspraak

Samenvatting

De consument verzoekt hantering van de door hem verstrekte meterstanden. Nu de ondernemer daar uiteindelijk aan voldaan heeft, wordt de klacht afgewezen.

Beoordeling

De consument is op 5 november 2023 naar de ondernemer overgestapt. Hij heeft de meterstanden aan de ondernemer gestuurd; de ondernemer vroeg kort daarna om een foto van de meterstanden waaruit ook de dag bleek. Ondanks herinnering voldeed de consument daaraan niet. De ondernemer heeft toen geschatte standen berekend en die aan de oude leverancier doorgegeven, met als gevolg dat de consument aan de oude leverancier meer moest betalen dan wat hij verwachtte. De ondernemer heeft uiteindelijk de door de consument opgegeven meterstanden gehanteerd. Daarna (na eerst een onjuiste meterstand gas gehanteerd te hebben) is op 3 mei 2024 een rekening opgemaakt met de door de consument genoemde meterstanden en zijn die standen aan de oude leverancier opgegeven. De consument vordert betaling van verbeurde, door hem aan de ondernemer opgelegde dwangsommen.

De commissie constateert dat over de meterstanden en de daaruit voortvloeiende facturen geen discussie meer bestaat. De consument vordert nog verbeurde dwangsommen. Nu die dwangsommen niet door de rechter zijn opgelegd, kunnen zij ook niet verbeurd zijn. De consument heeft nog een vergoeding gevraagd voor psychische schade. Alleen al omdat niet voldaan is aan het bepaalde in artikel 6:106 Burgerlijk Wetboek wordt die vergoeding afgewezen. Overige schade is niet aannemelijk gemaakt.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Nu de klacht op 29 augustus 2024 is ingediend na opmaking van de juiste factuur (3 mei 2024), is er geen aanleiding het klachtengeld te vergoeden. Het in depot gestorte bedrag ziet op het ten laste van de consument bij de ondernemer openstaande bedrag en zal dan ook aan de ondernemer uitgekeerd worden.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Met inachtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag als volgt verrekend.

Het gehele in depot gestorte bedrag ad € 881,23 wordt aan de ondernemer uitgekeerd.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Deze behandelingskosten worden geheel betaald.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. R.J. Paris, voorzitter, de heer ing. C. Verloop, de heer H.H. van der Linden, leden, op 27 januari 2025.

Opslaan als PDF