Klacht over defecte scooteraccu afgewezen door gebrek aan onderhoud

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Thuiswinkel    Categorie: (non)conformiteit    Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 1316885/1326375

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument kocht in 2023 een elektrische scooter waarvan de accu in 2025 slecht begon te werken. Hij vond dat dit onder de garantie of wettelijke conformiteit moest vallen. De ondernemer stelde dat de commerciële garantie was vervallen omdat er geen onderhoud was uitgevoerd en dat de scooter veel te weinig was gebruikt, waardoor de accu kon verslechteren. De deskundige kon het probleem niet vaststellen en gaf aan dat weinig rijden en verkeerd laden de accu kunnen beschadigen. De commissie oordeelt dat de consument geen recht heeft op contractuele garantie omdat hij geen onderhoud heeft laten doen, en dat hij ook niet heeft bewezen dat het probleem al bij de aankoop aanwezig was. Bovendien zijn er aanwijzingen dat het gebrek is ontstaan door onvoldoende gebruik en mogelijk verkeerd laden. Daarom voldoet de scooter volgens de commissie aan wat je ervan mag verwachten en wordt de klacht ongegrond verklaard.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

Het geschil betreft de vraag of wettelijke of contractuele garantierechten op de accu van een scooter zijn vervallen omdat de consument geen onderhoud via de ondernemer heeft afgenomen.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De accu van mijn Senzo Balance Matzwart 45 elektrische scooter is sinds 20 september 2025 defect.
Ik heb deze scooter op 24 september 2023 bij de ondernemer gekocht en deze is mij geleverd op 18 oktober 2023. De totale koopprijs (inclusief accessoires en korting) bedroeg € 1.536,-. De batterij valt uit terwijl de scooter tussen de 35% en 40% aangeeft. De batterij functioneert dus alleen boven deze percentages na opladen. Ik heb dit op 22 september 2025 aan de ondernemer gemeld.

De verkoper erkent het probleem maar weigert kosteloze reparatie of vervanging en biedt alleen een betaalde reparatie (€ 100,-) zonder tijdsindicatie aan (wellicht pas herstel na enkele maanden). Ik doe beroep op wettelijke conformiteit (art. 7:17 BW) en vraag om een redelijke, kosteloze oplossing.

Er is inderdaad weinig met de scooter gereden, ook na de melding van de klacht is dat zo gebleven. Ik gebruik deze namelijk af en toe voor ritjes naar het centrum. In totaal is er dus een paar honderd kilometer mee gereden. De scooter stond met name in de schuur. De laatste twee maanden staat deze in de tuin onder een hoes. Ik heb wel degelijk aandacht besteed aan de accu, door deze voldoende vaak op te laden. Onderhoud is nog niet uitgevoerd omdat de ondernemer aangaf dat dat pas na 1.500 km nodig was en zoveel heeft de scooter nog niet gereden.

Bij de bevindingen van de deskundige van de Geschillencommissie plaats ik vraagtekens. Bij de test is de scooter namelijk niet belast. Hij stond toen op de standaard en werd kunstmatig belast via een tie-rip.

Ik verzoek de Geschillencommissie een redelijke en kosteloze oplossing op basis van wettelijke conformiteit (art. 7:17 BW) vast te stellen. Concreet bedoel ik hiermee: kosteloos herstel of vervanging van de defecte accu. Als dat niet mogelijk is, vraag ik om een vervangend model of (gedeeltelijke) terugbetaling van het aankoopbedrag.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De scooter is in 2023 aangeschaft. Op het voertuig geldt een commerciële garantie van 12
maanden, welke uitsluitend kan worden verlengd indien het voorgeschreven onderhoud tijdig wordt uitgevoerd door ons of een erkend servicepunt. Vaststaat dat gedurende de gehele gebruiksperiode geen onderhoudsbeurten zijn uitgevoerd en dat hiervan ook geen bewijs is overgelegd. De commerciële garantie is daarmee vervallen.

De consument beroept zich tevens op wettelijke conformiteit. Daarbij geldt dat een product moet voldoen
aan wat een consument daar redelijkerwijs van mag verwachten, waarbij gebruik en onderhoud een essentiële rol spelen. In dit geval is in een periode van bijna twee jaar slechts 263 kilometer gereden. Dit kan objectief niet worden aangemerkt als normaal of regelmatig gebruik.

Een accu van een elektrische scooter dient periodiek gebruikt en geladen te worden om de
accucellen in goede conditie te houden. Bij langdurige stilstand ontstaat een verhoogd risico op spanningsverschillen, cel schade en capaciteitsverlies. Dit is een bekend technisch gevolg van beperkt gebruik en staat los van een fabricage- of afleveringsgebrek. Het accuprobleem kan dan ook niet worden aangemerkt als non-conformiteit die reeds bij levering aanwezig was.

Nu het defect zich geruime tijd na levering heeft geopenbaard, rust de bewijslast dat sprake is van non-conformiteit bij consument. Een technisch rapport waaruit blijkt dat het accuprobleem het gevolg is van een oorspronkelijke productiefout ontbreekt.

Het klopt dat de deskundige van de Geschillencommissie de scooter binnen heeft getest. De methode die hij heeft toegepast, leidt wel degelijk tot een representatieve uitkomst.

Bij verkoop van een scooter doen wij er altijd een boekje bij met onderhoudsinstructies. Wij adviseren de eerste onderhoudsbeurt na 1.500 km te geven. Het klopt dat wij tijdens dat onderhoud weinig aan de accu zelf kunnen doen, althans aan een accu als deze. Het gaat er met name om dat de accu goed wordt behandeld, d.w.z. niet te weinig en niet te veel wordt opgeladen. Het laatste is eigenlijk nog schadelijker en kan gebeuren wanneer je de accu niet van de oplader afhaalt. Dit is een goedkopere scooter, waarvan de accu ook van mindere kwaliteit is. Wij weten vrijwel zeker dat de consument de accu niet goed heeft verzorgd want als een lithiumaccu ondeugdelijk is constateer je dat meestal kort na het eerste gebruik. In dit geval is de klacht pas na meer dan twee jaar ontstaan.

Wij hebben ons coulant opgesteld. De consument is een reparatiemogelijkheid aangeboden tegen een sterk gereduceerd tarief, uitsluitend als tegemoetkoming. Achteraf gezien blijkt die reparatiemogelijkheid er toch niet te zijn. Wij hebben in de praktijk ervaren dat repareren voor ons niet doenlijk is. De accu zal dus moeten worden vervangen.

Het deskundigenrapport

Op 16 maart 2026 heeft [keurings- en expertisebedrijf] ten behoeve van de Geschillencommissie een deskundigenrapport uitgebracht. In zijn rapport constateert de deskundige onder meer:

“Het testdraaien is aangevangen met 43 % acculading (foto 2) welke is afgenomen tijdens het testdraaien tot 31 % acculading (foto 3). Gedurende de testprocedure hebben wij de klacht van de consument NIET
vastgesteld.

[..]

Het BMS [Battery Management System] is van de bromfiets niet uitleesbaar. Derhalve is het NIET herleidbaar of de accu correct dan wel niet correct is geconditioneerd gedurende de gebruikers periode van de bromfiets door de consument. Het is algemeen bekend dat indien men een accu laat diep ontladen dat dit resulteert in afname van de kwaliteit van de accu danwel het defect geraken.
Ook indien de bromfiets dan wel accu van de bromfiets weinig of niet wordt gebruikt, zoals gelet op de huidige tellerstand van 263 kilometer het geval lijkt, dient men de accu regelmatig te laden. Lithium-accu’s gaan het langst mee als ze tussen 20 % en 80 % geladen blijven (niet altijd helemaal vol of helemaal leeg)

[..]

Het huidige type accu blijkt echter niet langer leverbaar en de levertijd van een nieuwe variant is nog onbekend.”

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

Ter zake de koop van deze scooter gelden twee types garanties: de contractuele garantie en de wettelijke garantie vastgelegd in artikel 7:17 BW e.v.

De contractuele garantie bedraagt één jaar en wordt slechts tot 24 maanden verlengd wanneer het onderhoud door [ondernemer] en/of één van haar servicepunten is uitgevoerd ([website]). Dit is een contractueel beding, wat betekent dat de bewoording van die contractuele garantie in beginsel letterlijk moet worden geleden. Nu de consument erkent dat geen onderhoud heeft plaatsgevonden kan hij zich dus niet op de tekst van de contractuele garantie beroepen.

Het feit dat hij nog geen 1.500 km met de scooter gereden had, maakt dit niet anders. Een redelijke uitleg van dit gegeven (“onderhoud na 1.500 km”) is namelijk dat deze is gebaseerd op normaal gebruik van een scooter. Normaal gebruik is niet dat hiermee na bijna twee jaar slechts een beperkt aantal kilometers is gereden. De consument had moeten weten dat hij om gebruik te kunnen maken van deze contractuele garantie in ieder geval binnen die twee jaar onderhoud had moeten laten plegen dan wel bij de ondernemer had moeten informeren welke gevolgen er voor de contractuele garantie zijn als hij de scooter zo weinig gebruikt. De consument heeft niet aangevoerd dat hij dit laatste heeft gedaan.

Vervolgens rijst de vraag of de consument wel een beroep kan doen op de wettelijke rechten van een koper. De rechten vloeien voort uit artikel 7:17 BW waarvan lid 2 luidt:

“Een zaak beantwoordt niet aan de overeenkomst indien zij, mede gelet op de aard van de zaak en de mededelingen die de verkoper over de zaak heeft gedaan, niet de eigenschappen bezit die de koper op grond van de overeenkomst mocht verwachten. De koper mag verwachten dat de zaak de eigenschappen bezit die voor een normaal gebruik daarvan nodig zijn en waarvan hij de aanwezigheid niet behoefde te betwijfelen, alsmede de eigenschappen die nodig zijn voor een bijzonder gebruik dat bij de overeenkomst is voorzien.”

In dit geval staat vast dat het gebrek zich later dan één jaar na de koop heeft voorgedaan. Dit betekent dat de consument gelet op de wettelijke bewijslastverdeling bij consumentenkoop moet bewijzen dat de ondernemer een ondeugdelijk product heeft geleverd. Dat bewijs heeft hij niet geleverd.

In dit geval zijn er namelijk aanwijzingen dat het gebrek (indien aanwezig: de deskundige heeft dit niet kunnen vaststellen) veroorzaakt wordt door verkeerd gebruik van de scooter, te weten het onvoldoende berijden daarvan en het eventueel niet of te veel opladen van de accu.

De consument heeft slechts in algemene bewoordingen aangegeven dat hij de accu zorgvuldig behandelde. Dit is voor de commissie onvoldoende om aan te nemen – gelet op de betwisting door de ondernemer – dat hiervan inderdaad sprake is. Daar komt bij dat de consument de scooter ook vaker had moeten berijden. In dit verband verwijst de commissie naar informatie op de pagina [website].

“• Start regelmatig: Rijd minstens één km elke twee weken, ook in de winter, om problemen met de accu en slijtage te vermijden.”

Gesteld nog gebleken is dat de consument dit heeft gedaan.

Op basis hiervan kan de commissie niet tot het oordeel komen dat de accu van de scooter niet voldeed aan de verwachtingen die de consument hiervan op basis van de koopovereenkomst mocht hebben.

De klacht is daardoor ongegrond.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Thuiswinkel, bestaande uit de heer mr. W.F.R. Rinzema, voorzitter, mevrouw A. van Heeringen, de heer mr. P. P. van der Neut, leden, op 7 mei 2026.

Opslaan als PDF