Commissie: Energie
Categorie: Jaarrekening
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
929230/1003841
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
Een consument klaagde over variabele kosten op de eindnota van haar eenjarige energiecontract. Ze stelde dat de voorschotbedragen onterecht waren verhoogd en dat een dag verbruik na contracteinde niet mocht worden berekend. De commissie oordeelt dat de ondernemer correct heeft gehandeld: de tarieven zijn juist toegepast en de consument heeft zelf de meterstanden doorgegeven. De klacht is ongegrond.
De volledige uitspraak
Samenvatting
Het geschil betreft het door de ondernemer op de eindnota nota van 21 april 2024 in rekening gebrachte verbruik van energie.
De consument heeft op 24 april 2024 de klacht bij de ondernemer ingediend.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De consument had een eenjarig vast contract voor de levering van energie, maar geen variabel contract. Een vast contract moet vaste maandelijkse kosten hebben.
De ondernemer bracht in 2023 en 2024 steeds verschillende bedragen in rekening. Na zes maanden zijn de voorschotbedragen eenzijdig verdrievoudigd. Deze bedragen weigerde de consument te betalen en heeft zij laten storneren. Zij is de afgesproken bedragen blijven betalen.
De consument heeft op verzoek van de ondernemer foto’s gemaakt van de meterstanden.
Zij verlangt dat een nieuwe jaarnota wordt opgemaakt met de juiste bedragen. Ook verlangt de consument dat de teveel geïncasseerde termijnbedragen en variabele kosten aan haar worden terugbetaald.
Ter (digitale) zitting heeft de consument in hoofdzaak nog het volgende naar voren gebracht.
De consument maakt nauwelijks gebruik van de woning. Zij woont elders. Inmiddels is zij geen klant meer van de ondernemer. De consument heeft teveel betaald. Zij heeft de meterstanden zelf doorgegeven. Ten onrechte is nog een dag verbruik na het einde van het vaste contract in rekening gebracht.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De consument heeft op 5 maart 2023 een vast contract voor de duur van één jaar afgesloten, met een startdatum van 17 april 2023 en een einddatum van 17 april 2024. Na afloop van dit contract is de levering volgens de Algemene Voorwaarden overgegaan op een maandelijks variabel contract. Dit variabele tarief is enkel toegepast voor de periode 17 tot 18 april 2024.
De eindnota is opgesteld op basis van de tarieven van het vast contract. De vermelding “maandelijks variabel” op de eindnota betreft een administratieve weergave in het systeem van de ondernemer en heeft geen invloed gehad op de gehanteerde tarieven. De tarieven zijn vergeleken en komen overeen. De variabele tarieven die een dag zijn toegepast zijn zelfs lager dan het vaste tarief.
De consument heeft op 21 december 2023 een mail ontvangen met de aankondiging van het voorschotbedrag voor de maand januari 2024, met tevens een uitgebreide toelichting over de per 1 januari 2024 ingaande aanpassingen. Mogelijk heeft de consument die informatie over het hoofd gezien.
De startstanden zijn door de consument zelf doorgegeven via het MyMega-portaal; dat geldt ook voor de meterstanden per 1 januari 2024; de eindstanden zijn de standen die zijn ontvangen van de nieuwe leverancier van de consument.
De ondernemer heeft correct gehandeld conform de overeenkomst met de consument.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
In dit geschil klaagt de consument over de hoogte van het verbruik van energie op de eindnota, de status van haar contract en de hoogte van de voorschotbedragen.
De ondernemer voert verweer.
De commissie volgt het standpunt van de ondernemer.
Vaststaat dat de consument de meterstanden zelf heeft doorgegeven. Zij is wel van mening dat sprake is van een hoog verbruik, maar betwist de standen als zodanig niet. Evenmin is door de consument de werking van de meters in twijfel getrokken en de netbeheerder om een controle van de meters gevraagd.
Uit de eindnota blijkt dat sprake was van een vast contract en dat een dag na het einde van de overeengekomen periode energie op basis van variabele tarieven energie is geleverd. Kennelijk liep de levering nog een dag door na ommekomst van het eenjarige contract. Dat maakt dat er na het verstrijken van het vaste contract voor 1 dag sprake is geweest van een overeenkomst met variabele tarieven.
Op de eindnota komt weliswaar een mededeling voor van ‘maandelijks variabel’, die voor verwarring bij de consument zou kunnen zorgen, maar de ondernemer heeft een afdoende verklaring voor die melding gegeven, die kennelijk niet door de consument is geaccepteerd.
Anders dan de consument veronderstelt is het de ondernemer die de hoogte van de voorschotbedragen bepaalt en daarbij rekening dient te houden dat op de jaarnota geen onverwacht hoge bijbetaling moet worden gedaan. Het stond de ondernemer dan ook vrij de voorschorbedragen te wijzigen. Dat geldt ook voor de tarieven voor zover die beïnvloed zijn door prijswijzigingen van overheidswege en gewijzigde transporttarieven. Die wijzigingen staan lost van de voor 1 jaar overeengekomen vaste tarieven en maken daarvan geen deel uit.
Op grond van het bovenstaande is de klacht van de consument ongegrond.
Derhalve wordt beslist als volgt.
Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, mevrouw mr. W.H. van Oorspronk, de heer H.W. Zuur, leden, op 1 mei 2025.