Commissie: Thuiswinkel
Categorie: (non)conformiteit
Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
1312261/1319937
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument klaagt dat zijn HP‑printer niet voldoet omdat deze alleen werkt met een HP‑account, een permanente internetverbinding en originele cartridges. Volgens hem is dit vooraf niet duidelijk verteld en is sprake van non‑conformiteit en een misleidende handelspraktijk. De ondernemer toont echter aan dat deze voorwaarden duidelijk op de productpagina én in de handleiding stonden. De consument heeft dit niet overtuigend weersproken. Bovendien heeft hij pas na 11 maanden geklaagd, terwijl hij deze eigenschappen veel eerder had kunnen ontdekken. Daardoor kan hij volgens de wet geen beroep meer doen op non‑conformiteit. De commissie oordeelt dat de ondernemer geen essentiële informatie heeft achtergehouden en dat de klacht te laat is ingediend. De klacht is daarom ongegrond en de gevraagde schadevergoeding wordt afgewezen.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft klachten over een HP-printer.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De consument heeft op 22 oktober 2024 een HP Deskjet 2820e gekocht bij de ondernemer voor een bedrag van € 47,99. Op 3 september 2024 heeft de consument geklaagd bij de ondernemer over het feit dat de printer aan voorwaarden die zijn gebruiksverwachting beperken, te weten de verplichte koppeling aan een HP-account en een permanente internetverbinding en het verplichte gebruik van originele HP-cartridges.
De ondernemer heeft zich schuldig gemaakt aan oneerlijke handelspraktijken. In de precontractuele fase is essentiële informatie over de onomkeerbare vendor lock-in van het HP+ ecosysteem verzwegen (een misleidende omissie ex art. 6:193d BW). Hierdoor heeft de consument een product gekocht dat fundamenteel afwijkt van wat hij mocht verwachten: een dienafhankelijke terminal in plaats van een autonome printer. Dit leidt tot non-conformiteit (art. 7:17 BW), daar kernfuncties zoals scannen worden geblokkeerd. De consument wenst ontbinding van de koopovereenkomst en schadevergoeding wegens noodzakelijk gemaakte juridische kosten.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De ondernemer betwist uitdrukkelijk dat er sprake is van een misleidende omissie. Ten tijde van de aankoop was de consument via de productpagina op de website van de ondernemer volledig en correct geïnformeerd over de essentiële kenmerken van de printer. De website vermeldde expliciet dat de printer beschikt over dynamische beveiliging en geschikt is voor HP Instant Ink. Hiermee wordt de consument direct gewezen op de koppeling met het service-ecosysteem van HP.
Op de website werd toegelicht dat deze printer bedoeld is om alleen te werken met cartridges die nieuwe of hergebruikte elektronische circuits van HP hebben. Er werd uitdrukkelijk gewaarschuwd dat cartridges met gemodificeerde of niet-HP elektronische circuits mogelijk niet werken.
De bijbehorende vereisten, zoals een constante internetverbinding en het gebruik van een HP-account, zijn standaardvoorwaarden van deze specifieke modellijn die duidelijk gecommuniceerd worden.
Aanvullend wijst de ondernemer erop dat deze vereisten ook in de bijgeleverde handleiding (die tevens op de productpagina bij het product te vinden is) van het product onomstotelijk en helder staan uitgelegd onder het kopje “Vereisten voor HP+ printers”. In de handleiding wordt expliciet vermeld dat de printer verbonden moet blijven met internet om te kunnen functioneren, dat het gebruik van originele HP-cartridges vereist is en dat het aanmaken van een HP-account noodzakelijk is voor het beheer van de printer (zie afbeelding
hieronder).
De ondernemer heeft hiermee voldaan aan haar informatieplicht. Er is dan ook geen sprake van het achterhouden van essentiële informatie die de gemiddelde consument nodig heeft om een geïnformeerd besluit over de aankoop te nemen. Tot slot betwist de ondernemer de verplichting tot het betalen van de gevorderde schadevergoeding ad € 520,-. De ondernemer is op geen enkele wijze gehouden deze kosten te vergoeden, aangezien er geen sprake is van een tekortkoming of onrechtmatig handelen aan de zijde van de ondernemer. Bovendien is de gevorderde schadevergoeding buitenproportioneel.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
De consument heeft geklaagd over bepaalde producteigenschappen, welke hij op basis van de koopovereenkomst niet behoefde te verwachten. De consument heeft onvoldoende weersproken dat deze producteigenschappen op de website van de ondernemer en in de handleiding kenbaar zijn gemaakt. Er is dus geen sprake van het feit dat de ondernemer aan de consument essentiële productinformatie heeft weerhouden. Los daarvan heeft de consument pas na 11 maanden over deze producteigenschappen geklaagd, terwijl deze reeds veel eerder bij hem bekend waren, althans redelijkerwijs bekend hadden moeten zijn. Daarmee kan de consument, gezien artikel 27 van Boek 7 Burgerlijk wetboek, er geen beroep meer op doen dat hetgeen is afgeleverd niet aan de overeenkomst beantwoordt, omdat hij de ondernemer niet binnen bekwame tijd nadat hij dit heeft ontdekt of redelijkerwijs had behoren te ontdekken, kennis heeft gegeven.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Thuiswinkel, bestaande uit de heer mr. B.J. Tideman, voorzitter, mevrouw A. van Heeringen en de heer mr. drs. M.J. Ziepzeerder, leden, op 27 februari 2026.