Klacht over jarenlang te hoge kosten voor grote gasmeter ongegrond

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Tariefbepalingen    Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 1314161/1320401

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De commissie oordeelt dat de ondernemer niet verplicht was de consument actief te informeren over de capaciteit van zijn gasmeter en dat de in rekening gebrachte kosten terecht zijn. De consument stelde dat hij zestien jaar lang te veel vastrecht had betaald voor een te grote G16‑meter en dat hij daarnaast onterecht € 746,23 had betaald voor het omwisselen naar een kleinere G6‑meter. Volgens de commissie was op het adres daadwerkelijk een G16‑meter aanwezig en mocht de ondernemer ervan uitgaan dat deze capaciteit bewust was gekozen door een eerdere eigenaar. De consument had jaarlijks op zijn energienota kunnen zien welke meter hij had en welk tarief daarbij hoorde. De compensatieregeling waar de consument zich op beriep, liep al in 2013 af en was niet wettelijk verplicht; een beroep daarop in 2025 is te laat. Ook de kosten voor het omwisselen van de meter zijn volgens de commissie terecht, omdat dit technisch gelijkstaat aan een nieuwe aansluiting en de consument hier zelf opdracht voor gaf. De ondernemer heeft bovendien wel gereageerd op de klacht. Daarom wordt de klacht ongegrond verklaard.

De volledige uitspraak

Samenvatting
De ondernemer heeft geen actieve informatieplicht jegens de consument met betrekking tot de capaciteit van zijn gasmeter.

Beoordeling
Standpunt van de consument

Gedurende 16 jaar zijn ons onterecht veel te hoge kosten in rekening gebracht voor het vastrecht voor een te grote gasmeter. Voor zover dit is te berekenen hebben wij in totaal € 11.800,-. te veel betaald. De betalingen werden geïnd via ons contract bij [energieleverancier]. [ondernemer] heeft een aantal jaren geleden bekend gemaakt dat zij gedupeerde klanten voor onterecht in rekening gebrachte kosten voor vastrecht voor te grote gasmeters te zullen compenseren. Bij de klantenservice hebben wij een verzoek gedaan voor compensatie dat meerdere malen telefonisch werd afgewezen. Het bleek niet mogelijk om hierover een klacht in te dienen bij [ondernemer]. Hierop hebben we de klacht op 8 augustus 2025 in een aangetekende brief aan de directie van [ondernemer] voorgelegd. Hierop hebben we echter tot op heden (22-10-2025) geen enkele reactie ontvangen. Daarnaast hebben we te veel betaald voor het omwisselen van de te grote G16 meter naar een G6 meter. [ondernemer] heeft dit onterecht berekend als een nieuwe aansluiting en ons € 746,23 in rekening gebracht, terwijl het normale tarief voor het omwisselen van een gasmeter € 72,60 bedraagt. We hebben de € 746,23 betaald omdat we anders geen nieuwe meter kregen. Ik verlang compensatie van alle door [ondernemer] onterecht in rekening gebrachte en door ons betaalde kosten.

Standpunt van de ondernemer

Consument verwijt [ondernemer] dat gedurende 16 jaar onterecht vastrechtkosten in rekening zijn gebracht voor een G16-gasmeter. Op het adres van consument was daadwerkelijk een G16-meter aanwezig, overeenkomstig de registratie in onze administratie. Het is niet aan de netbeheerder om te beoordelen of de capaciteit van een aansluiting voor een klant nodig of passend is. De netbeheerder heeft geen inzicht in het gebruik achter de meter, en de capaciteit van een aansluiting is een keuze die in het verleden door een eerdere eigenaar of gebruiker van de woning is gemaakt. De consument is bij verwerving van het pand eigenaar/huurder geworden met alle daaraan verbonden lusten en lasten. Eén van die lasten is de capaciteit van de bestaande gasaansluiting. De aansluitgegevens, waaronder de metergrootte, worden bovendien jaarlijks vermeld op de energienota van de leverancier. Van een consument mag verwacht worden dat hij hiervan kennisneemt.
Consument beroept zich daarnaast op een compensatieregeling die netbeheerders in 2013 hebben uitgevoerd. Deze actie was echter een eenmalige en niet-wettelijke regeling, met een beperkte looptijd. Aanmeldingen dienden binnen die termijn plaats te vinden. Consument heeft pas in 2025 een verzoek ingediend, ruim twaalf jaar na afronding van de actie. Er kan daarom geen aanspraak worden gemaakt op deze regeling. Wij verwijzen u graag naar de eerdere uitspraak van de commissie met als kenmerk 428320/620511. De commissie heeft geoordeeld dat bij de verwerving van de woning door de consument in 2016 (2009 in dit geval) geen aandacht is besteed aan het feit dat bij de invoering van het capaciteitstarief in 2008 de ondernemer al haar klanten met een zwaardere aansluiting in hun woning meermaals zijn aangeschreven en is aangeboden om deze kosteloos uit coulance te vervangen. Nadien heeft de consument het capaciteitstarief voor de meter op de jaarnota telkens voldaan. Er zijn in onderhavige casus overeenkomsten met deze zaak. Tevens vordert de consument restitutie van de kosten voor het omwisselen van de G16-meter naar een G6-meter. Deze werkzaamheden kwalificeren technisch en administratief niet als een standaard meterwissel, maar als een werkzaamhedenpakket dat gelijkstaat aan een nieuwe aansluiting. De in rekening gebrachte kosten zijn daarmee correct en conform de geldende tarieven. Consument heeft bovendien zelf opdracht gegeven voor deze wijziging, waardoor een rechtsgeldige overeenkomst van opdracht tot stand is gekomen. Er is geen sprake van wanprestatie en derhalve geen grondslag voor restitutie. [ondernemer] wordt tot slot door consument verweten nalatig te zijn geweest in haar klachtenbehandeling. Uit onze administratie blijkt hiervan echter geen sprake. Consument heeft op 8 augustus 2025 zijn klacht kenbaar gemaakt middels een aangetekende brief. Op 15 augustus 2025 heeft hij een inhoudelijke reactie ontvangen van onze klantenservice. In deze reactie is consument expliciet geïnformeerd dat er daadwerkelijk een G16-meter op zijn adres aanwezig was en dat de in rekening gebrachte vastrechtkosten daarmee correct waren. Van nalatigheid of het uitblijven van een reactie is derhalve geen sprake.

Oordeel van de commissie

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting onderschrijft de commissie in grote lijnen het standpunt van de ondernemer. De commissie kan wel begrip opbrengen voor het gevoel dat de consument heeft jarenlang te veel te hebben betaald, maar van een actieve informatieplicht van de ondernemer jegens hem zoals de consument stelt, is geen sprake. Het is bij de ondernemer niet bekend of en wanneer bij een consument sprake is van piekbelasting, wat de reden is om een meter met een zware capaciteit te nemen. Voor zover er een informatieplicht was, was dat ten tijde van het invoeren van het capaciteitstarief en daaraan heeft de ondernemer voldaan door aan de vorige bewoner aan te bieden kosteloos de meter te vervangen. Het valt niet aan de ondernemer te verwijten dat de vorige bewoner hiervan geen melding heeft gemaakt bij de consument. Ook heeft de consument kennelijk niet bij raadpleging van de jaarnota’s nagegaan wat de grondslag was voor het bedrag dat in rekening werd gebracht voor de meter. De compensatieregeling had een beperkte looptijd die inmiddels was verstreken. De consument heeft het tarief betaald dat hoorde bij de meter met een zware capaciteit. De ondernemer was niet verplicht de metro kosteloos te vervangen. De klacht treft geen doel.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. D.J. Buijs, voorzitter, de heer drs. G.J. Visser, de heer P. van Endhoven, leden, op 11 maart 2026.

Opslaan als PDF