Commissie: Voertuigen
Categorie: (non)conformiteit / Aansprakelijkheid
Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
1223652/1317608
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument kocht in 2024 een gebruikte Range Rover Evoque. In 2025 ging de turbo kapot, waarna hij vond dat de ondernemer de kosten moest vergoeden omdat een turbo volgens hem niet zo snel stuk mag gaan. De ondernemer stelde dat de auto al bij aankoop duidelijk een onderhoudsbeurt nodig had bij 153.000 km, maar dat de consument pas bij bijna 169.000 km met pech stond. Volgens een deskundige is de turbo kapotgegaan door slechte smering, veroorzaakt door motorolie die veel te lang is gebruikt. Daardoor is de schade het gevolg van achterstallig onderhoud. De commissie volgt dit oordeel en beslist dat de ondernemer niet aansprakelijk is. De klacht wordt daarom afgewezen.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft defecte turbo van een Range Rover.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
In oktober 2024 heeft de consument een Range Rover Evoque aangeschaft. In mei 2025 ging de turbo stuk en strandde hij op de snelweg. De auto is toen voor analyse naar de dichtstbijzijnde dealer gebracht. Deze heeft de gebreken vastgesteld en geconstateerd dat de turbo al langere tijd onderhevig was aan slijtage. De offerte voor de herstelkosten is aan de ondernemer voorgelegd. De ondernemer stelt dat de auto al onderhoud had moeten hebben. Bij de verkoop was echter overeengekomen dat oliën zou worden bijgevuld. Aanvullend zou bij een beurt de filters worden vervangen, dit heeft naar de mening van de consument binnen zeven maanden geen invloed op de turbo. Onder de wettelijke garantie en non-conformiteit is de ondernemer aansprakelijk voor de noodzakelijke kosten, omdat gezien de kilometerstand en aanschafwaarde niet aannemelijk was dat een turbo stuk zou kunnen gaan.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De auto is gekocht op 15 oktober 2024 met 148.000 km. Op basis van ‘zo mee’ met nieuwe APK, vloeistoffen op peil en banden op spanning. Dit is allemaal te lezen in de koopovereenkomst. Ook staat daarin dat de auto weer onderhoud moet hebben bij 153.000 km of januari 2025. Juni 2025 komt de consument stil te staan met een kapotte turbo. De auto was inmiddels vijf maanden en meer dan 15.000 km over de beurt heen. Onderhoud is essentieel, zeker voor een landrover en ook zekers voor een turbo. De schade dient daarom voor risico van de consument te blijven.
Deskundige
Voor de bevindingen van de deskundige verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het oordeel van de deskundige op het volgende neer.
De ondernemer heeft op de verkooporder, bij aflevering op tellerstand 148.555 km, duidelijk vermeld dat er een onderhoudsbeurt moet worden uitgevoerd bij 153.000 km. Bij tellerstand 168.950 km is de turbo defect geraakt als gevolg van een gebrekkige smering. Deze gebrekkige smering is veroorzaakt doordat de motorolie in kwaliteit sterk is teruggelopen. Deze kwaliteitsvermindering is het gevolg van een te lange verversingstermijn. De motorolie heeft in plaats van 26.000 km maar liefst 41.000 km dienstgedaan. De consument heeft geen onderhoud uitgevoerd.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
Mede gezien het deskundigenbericht is de commissie van oordeel dat het defect aan de turbo het gevolg is van achterstallig onderhoud en voor rekening en risico van de consument dient te komen.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. B.J. Tideman, voorzitter, de heer R. Romijn, mevrouw drs. W. Nienhuis, leden, op 17 april 2026.