Commissie: Voertuigen
Categorie: (non)conformiteit
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
823956/992685
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument klaagde dat diverse reparaties aan zijn auto het onderliggende probleem niet hadden opgelost en dat de motor was vastgelopen. De Geschillencommissie Voertuigen oordeelde dat de ondernemer niet tekortgeschoten was in de uitvoering van de opgedragen werkzaamheden. De deskundige vond geen verband tussen de uitgevoerde reparaties en de foutcode P20EE. Omdat de consument geen bewijs leverde dat de ondernemer onjuist had gehandeld, werd de klacht ongegrond verklaard.
De volledige uitspraak
BINDEND ADVIES
Geschillencommissie Voertuigen
Zaaknummer 823956/992685
Onderwerp van het geschil
Het geschil vloeit voort uit een op 20 januari 2024 tussen partijen gesloten overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het verrichten van opgedragen werkzaamheden, tegen een door de consument te betalen prijs van € 1.673,38.
De overeenkomst is uitgevoerd.
De consument heeft de klacht op 7 februari 2024 voorgelegd aan de ondernemer.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Bij de APK-keuring bleek dat de auto niet meer door de deeltjes-test kwam. De reden daarvan was de staat van het roetfilter. De ondernemer bood als service aan de revisie van het roetfilter en de consument gaf daartoe opdracht. Na de reparatie merkte de consument dat de motor het zwaarder had dan voor de revisie van het roetfilter. De motor haperde en sloeg bijna af. Na 200 km met de auto te hebben gereden is tijdens het rijden met lage snelheid de motor vastgelopen. Een derde garage heeft dat geconstateerd en aangegeven dat verder onderzoek nodig was. De ondernemer haalde de auto op en stelde een eigen diagnose: een klep was in aanraking gekomen met een zuiger, als gevolg van een versleten nokkenasketting. Hoewel de gang van zaken de consument bevreemdde gaf hij de ondernemer opdracht om de motor te repareren. De reparatie duurde 3 maanden en pas tijdens de laatste maand kreeg de consument een leenauto.
Na de reparatie ging het motormanagementlampje branden. De ondernemer gaf aan dat de melding betrekking had op een foute nokkenaspositie. Het blok had wel de juiste timing volgens de ondernemer en de melding werd gereset. De melding bleef echter terugkomen en de ondernemer liet een derde partij naar de software van de auto kijken. Hierna ging het motormanagement lampje toch weer branden en gaf het een storing van de katalysator aan. De ondernemer stelde voor om het Ad Blue systeem uit te schrijven, maar daarvoor voelde de consument niet. Op kosten van de consument hebben specialisten de verstuivers, het roetfilter en de katalysator gecontroleerd. Daaruit kwam naar voren dat de katalysator defect was gegaan door het te lang doorrijden met een defect roetfilter. De consument betaalde de kosten van de revisie van de katalysator. Enige tijd later knalde de slang van de turbo los en moest de hulp van de ANWB worden ingeroepen. De auto blijft foutmeldingen vertonen.
Het onderzoek van de door de commissie ingeschakelde deskundige is onvolledig geweest. Het SCR-systeem is niet onderzocht. Het was de consument niet bekend dat de auto moest kunnen starten en geregistreerd moest zijn bij de RDW. De consument is bereid aan deze voorwaarden te voldoen en medewerking te verlenen aan een verdergaand onderzoek.
De consument verlangt dat de nog steeds aanwezige storing door een andere garage op kosten van de ondernemer wordt verholpen en dat aan hem een schadevergoeding wordt betaald door de ondernemer.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De ondernemer heeft een 4-tal USB-sticks overgelegd met daarop de volledige WhatsApp-gesprekken tussen partijen en ook een video ingestuurd, waarin duidelijk is te zien dat de distributieketting al gedurende langere tijd was versleten.
Ter zitting heeft de ondernemer verder nog in hoofdzaak het volgende aangevoerd.
De ondernemer heeft de consument steeds meegenomen in het proces. Hij geeft garantie op de reparaties, maar verder niets. Er is sprake van een dieper probleem. Dat zegt ook de deskundige. De APK regels zijn in 2022 gewijzigd voor wat betreft de roetmeting. Eerst was het roetfilter defect en toen ging de katalysator kapot. De ondernemer begrijpt dat de consument ziek is van de vele gemaakte kosten. Een vervolgonderzoek is niet noodzakelijk omdat de distributieketting al is uitgesloten. De deskundige heeft juist gehandeld en de ondernemer kan instemmen met diens bevindingen.
Deskundigenrapport
De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapportage het volgende vastgesteld.
De klant heeft diverse reparaties aan zijn auto laten uitvoeren, echter er zit volgens de klant nog steeds een storing in de auto.
Gelet op het feit dat het kenteken geschorst is bij de RDW heeft de deskundige het onderzoek bij de klant aan huis uitgevoerd in het bijzijn van de klant. Nadat de deskundige het voertuig had geïnspecteerd heeft hij de ondernemer bezocht.
Gesprek met de klant:
Na een inleidend gesprek werd de klacht besproken waarna de deskundige het voertuig heeft geïnspecteerd en het motormanagement heeft uitgelezen.
In 2021 heeft de klant de auto vanuit [locatie] geïmporteerd.
In 2023 kwam het voertuig niet door de APK en werd het roetfilter vervangen.
Kort daarna is de motor defect geraakt doordat de distributieketting uitgesleten was en er een klep een gat in de zuiger veroorzaakte (zie foto 1).
Hierna is er een katalysator vervangen.
De klacht is dat de er een storing in de auto zit.
De klant heeft zelf via de OBD poort de storing uitgelezen en trof daar foutcode P20EE aan.
Onderzoek:
Tijdens het bezoek van de deskundige constateerde hij dat het voertuig geruime tijd stilstaat. De klant deelde de deskundige mee dat het voertuig vanaf september 2024 niet meer is gebruikt en het kenteken bij de RDW geschorst is en de verzekering stilgezet is. De accu in de auto was volkomen leeg. De klant had een nieuwe accu gekocht, echter met behulp van startkabels kon de auto niet gestart worden (foto 2).
Vervolgens heeft de deskundige het motormanagement uitgelezen (foto 3 en 4).
In de totale scan waarbij alle systemen werd gedetecteerd trof de deskundige foutcode P2269 aan (foto 4).
Foutcode P2269 geeft aan dat er water in de brandstof zit.
De deskundige trof foutcode P20EE niet aan.
Desondanks wil de deskundige wel een toelichting geven omreden dat de klant deze foutcode heeft uitgelezen.
De Foutcode P20EE Diagnostic Trouble Code (DTC) is een veelvoorkomend probleem bij dieselmotoren en wijst op een storing in de efficiëntie van de stikstofoxide (NOx)-katalysator of het Selective Catalytic Reduction (SCR)-systeem (foto 5).
De DTC P20EE signaleert een probleem met de katalysator efficiëntie van de dieselmotor, waardoor deze kan voldoen aan emissiecontrolevoorschriften. In een notendop: het SCR-systeem bewaakt de hoeveelheid NOx in de uitlaatstroom.
Wanneer NOx-niveaus de toegestane limieten overschrijden, injecteert het SCR-systeem strategisch diesel uitlaatvloeistof (DEF) in de hete uitlaatstroom om NOx te verminderen door het om te zetten in stikstof, koolstofdioxide en water. Wanneer het SCR-systeem een discrepantie in NOx-waarden langs de uitlaatstroom detecteert, signaleert het een P20EE DTC, specifiek “SCR NOx Catalyst Efficiency Below Threshold”, vaak gevolgd door een motorbank aanduiding. Een korte afstand rijden met deze code zal het voertuig niet significant beschadigen. Echter, het niet aanpakken van het probleem kan het emissiesysteem beschadigen en mogelijk een vervanging van de katalysator vereisen.
Veel voorkomende oorzaken van deze foutcode P20EE zijn een storing van de NOx-sensor, problemen in het DEF-systeem of de SCR-katalysator. In onderhavig geval is de katalysator vervangen en zit naar mening van de deskundige het probleem dieper, vaak in het DEF (AdBleu-systeem) ligt. Hiervoor is verdere diagnose noodzakelijk.
Een andere oplossing is het uitschakelen van het AdBlue-systeem in de software.
Opmerkingen deskundige:
Gelet op het feit dat het voertuig vanaf september 2024 stilstaat en niet wilde starten kon de deskundige geen verder onderzoek verrichten. Verder wil de deskundige meedelen dat wanneer de motor wel gestart kon worden er geen proefrit met de auto kon worden gemaakt omreden dat het voertuig geschorst is.
Naar de mening van de deskundige is er geen causaal verband tussen de uitgevoerde motorreparatie en de opgetreden foutcode P20EE omreden dat er volgens de deskundige er een probleem moet zijn met het SCR-systeem, dat gerelateerd is aan het AdBlue-systeem.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
In deze zaak klaagt de consument over de uitvoering van diverse reparaties door de ondernemer die het onderliggende probleem niet hebben opgelost, maar wel duizenden euro’s hebben gekost. De consument vraagt zich met name af of de ondernemer verantwoordelijk kan worden gehouden voor het vastlopen van de motor en de kosten van de motorrevisie.
De ondernemer voert verweer.
De commissie stelt voorop dat zij in weerwil van de bezwaren tegen de rapportage van de door haar ingeschakelde deskundige geen aanleiding ziet om te twijfelen aan de juistheid van diens bevindingen en evenmin een aanleiding ziet voor verder onderzoek. Het is immers niet aan de deskundige om een oplossing aan te dragen voor een dieper probleem in de software (en mogelijk ook de hardware) waarmee de auto is behept, maar hij dient zich te beperken tot de klacht en de vraag of de opgedragen werkzaamheden geïndiceerd waren en naar behoren zijn uitgevoerd.
Uit diens bevindingen kan niet worden afgeleid dat de ondernemer is tekortgeschoten in de nakoming van zijn verplichtingen uit hoofde van de telkens door de consument aan hem verstrekte opdrachten. Ook heeft de deskundige geconcludeerd dat er geen verband bestaat tussen de uitgevoerde werkzaamheden en de opgetreden foutcode P20EE.
Daarbij heeft te gelden dat het bewijs van de klacht op de consument rust en deze geen nadere stukken in het geding heeft gebracht waaruit de conclusie zou kunnen worden getrokken dat de bevindingen van de deskundige niet of niet geheel juist zouden zijn.
De omstandigheid dat de auto niet startte en daarmee geen proefrit kon worden gemaakt rechtvaardigt geen nader onderzoek omdat dit aan de consument kan worden toegerekend. Daarbij komt dat uit de bevindingen van de deskundige niet blijkt dat een nader onderzoek veel zal toevoegen.
De slotsom is dat de consument er niet in is geslaagd aannemelijk te maken dat de ondernemer onjuist heeft gehandeld, zodat zijn klacht als zijnde ongegrond zal worden afgewezen.
Derhalve wordt beslist als volgt.
Beslissing
De commissie wijst het door de consument verlangde af.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, de heer B.H. Oving, mevrouw mr. E.J.P.J.M. Kneepkens, leden, op 14 juli 2025.
De uitspraak die de commissie heeft gedaan, is bindend voor beide partijen en vormt het sluitstuk van de procedure. De commissie kent geen mogelijkheid om tegen de uitspraak in beroep te gaan of deze te herzien. Ook niet in het geval van nieuwe feiten of argumenten. U kunt wel binnen 2 maanden na de verzenddatum van de uitspraak aan de burgerlijke rechter vragen de uitspraak te vernietigen. De andere partij heeft die mogelijkheid ook.
De rechter kan de uitspraak vernietigen als hij vindt dat de uitspraak onaanvaardbaar is; inhoudelijk of door de wijze van totstandkoming. Wanneer de uitspraak niet binnen 2 maanden door een van de partijen aan de burgerlijke rechter is voorgelegd door dagvaarding van de andere partij, kan de uitspraak niet meer ongedaan gemaakt worden.