Klacht over opzegboete bij vroegtijdige overstap ongegrond

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Prijs    Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 1317725/1320908

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De commissie oordeelt dat de ondernemer de opzegboete van € 483,91 terecht in rekening heeft gebracht nadat de consument haar driejarig energiecontract voortijdig beëindigde. De consument stelde dat zij niet wist dat sinds 1 juni 2023 een nieuwe wettelijke berekeningsmethode geldt waarbij de boete wordt gebaseerd op het daadwerkelijke financiële verlies van de leverancier, en dat zij dacht dat er vooraf vastgestelde bedragen golden. De commissie vindt echter aannemelijk dat de consument bij het afsluiten van het contract de voorwaarden, inclusief informatie over de opzegboete, heeft ontvangen. Ook heeft de ondernemer de consument bij haar opzegging per e‑mail gewaarschuwd voor de hoogte van de boete. De commissie ziet geen aanwijzingen dat de berekening onjuist is of dat de ondernemer zijn informatieplicht heeft geschonden. Dat de boete voor de consument onverwacht hoog uitviel, maakt dit niet anders. De klacht wordt daarom ongegrond verklaard en het depotbedrag wordt volledig aan de ondernemer uitgekeerd.

De volledige uitspraak

Samenvatting
De consument heeft in 2023 een drie jarig contract afgesloten met de ondernemer voor de levering van energie. De consument heeft het contract voortijdig opgezegd en heeft daarvoor een volgens de consument veel te hoge opzegboete van de ondernemer gekregen. De consument verwachtte een vast tarief dat veel lager was. De ondernemer heeft haar niet geïnformeerd over wijzigingen in de wijze waarop opzegboetes vastgesteld worden en wil dat de opgelegde boete komt te vervallen.
De commissie deelt dat standpunt niet.

Beoordeling
Uit de stukken blijkt dat de consument op 12 augustus 2023 een drie jarig leveringsovereenkomst voor de levering van gas en stroom heeft afgesloten bij de ondernemer.
De consument heeft de overeenkomst voor het einde van de termijn beëindigd en is overgestapt naar een andere leverancier op 3 oktober 2025. Daarvoor is haar een opzegboete in rekening gebracht van € 483,91.

De consument zegt niet te hebben geweten dat er per 1 juni 2023 een wijziging is aangebracht in de manier waarop de opzegboete wordt berekend. Zij ging uit van een van te voren afgesproken bedrag dat betaald zou moeten worden bij een vroegtijdige overstap naar een andere energieleverancier. De consument kon ter zitting geen antwoord geven op de vraag welk bedrag zij had verwacht.
De consument heeft betwist dat zij door de ondernemer is geïnformeerd voor het opzeggen van de overeenkomst binnen de afgesproken termijn van levering.
Niet is betwist dat de ondernemer de consument een bericht heeft gestuurd per mail naar aanleiding van haar opzegging, waarin zij is gewezen op de hoogte van de opzegboete die haar in rekening zou worden gebracht bij voortijdige beëindiging van haar overeenkomst.

De ondernemer heeft aangegeven dat de consument bij het aangaan van de overeenkomst de toepasselijke contractvoorwaarden via een downloadlink ter beschikking heeft gekregen. Ook informatie over de berekening van de opzegboete is daarbij volgens de ondernemer verstrekt.
De commissie heeft geen aanleiding gevonden om aan die informatie te twijfelen en gaat daarvan dan ook uit.
De commissie is van oordeel dat de consument bij het afsluiten van het drie jarig energiecontract had kunnen weten, dat het regime van toepassing op de berekening van de opzegvergoeding ingrijpend was veranderd. De tijden dat er vooraf vastgestelde bedragen golden in zo een geval, waren inmiddels voorbij.
De wijziging komt erop neer dat een opzegboete wordt berekend op basis van het verlies dat de ondernemer lijdt bij een voortijdige opzegging.
Dat de door de ondernemer gevraagde opzegboete onjuist berekend zou zijn en niet volgens de nu geldende regels zou zijn vastgesteld, is naar het oordeel van de commissie niet aannemelijk geworden.

Ook met het versturen van de waarschuwing ten aan zien van de hoogte van de opzegboete op 15 september 2025 aan de consument heeft de ondernemer – alles in aanmerking genomen – aan zijn informatieplicht voldaan.
De commissie kan zich goed indenken dat de hoogte van de door de ondernemer berekende opzegboete een onaangename verrassing was voor de consument, die dacht goedkoper uit te zijn bij een nieuwe leverancier. Dat alles neemt alleen niet weg dat de ondernemer aan zijn verplichtingen heeft voldaan en die boete rechtsgeldig kan vragen.
De consument had kunnen weten wat de gevolgen waren van een vroegtijdige overstap naar een andere leverancier.

Al met al is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
Het door de consument gevraagde is afgewezen.
Met inachtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag als volgt verrekend.

Depotverrekening, bedrag aan ondernemer € 483,91.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit mevrouw mr. I.E. de Vries, voorzitter, de heer mr. F.J. Pirard, de heer C.P. Hoogendoorn, leden, op 18 februari 2026.

Opslaan als PDF